De Volkskrant volgt drie migranten in hun dagelijks bestaan. Hoe vinden ze hun weg in Nederland, hoe ziet hun leven eruit en wat zijn hun verwachtingen? Deze week: voor arbeidsmigrant Ioana Neicu is autorijden als therapie, maar tegen de heimwee valt niet langer op te crossen.
is economieredacteur. Ze is specialist arbeidsmarkt en sociale zekerheid.
Wie bij therapie denkt aan een langzaam tikkende klok, kartonnen tissueboxen en peinzende psychologen, moet eens bij Ioana Neicu (22) in de auto stappen. Met haar linkerhand losjes aan het stuur en haar rechterslipper op het gaspedaal demonstreert de arbeidsmigrant háár medicijn tegen een zwaar gemoed. ‘Dit’, zegt ze terwijl ze haar Kia Picanto over een boomrijke tweebaansweg jaagt, ‘is voor mij als therapie.’
Die kon Ioana de afgelopen maanden goed gebruiken, want haar leven in het Noord-Brabantse Putte stond nogal op z’n kop. Ze verruilde haar baan als tomatendraaier voor een uitzendbaan bij een andere tomatenkas. Over de reden wil ze niet uitweiden. ‘Ik wil geen kwaad spreken over mijn werkgever’, zegt ze boven de beukende reggaetonbeat van de Roemeense zanger Florin Salam uit. ‘Maar ik voelde me er niet fijn meer.’
Over deze serie
De Volkskrant volgt drie migranten in hun dagelijks bestaan. Hoe vinden ze hun weg in Nederland, hoe ziet hun leven eruit en wat zijn hun verwachtingen? Alle afleveringen vindt u hier.
Naam: Ioana Neicu
Leeftijd: 22
Komt uit: Potelu, Roemenie
Verblijfplaats / woont in: Putte
Beroep: tomatendraaier
In Nederland sinds: januari 2024
Het betekent dat ze afscheid moest nemen van haar steun en toeverlaat: beste vriendin én collega Ionela, met wie ze op haar vorige werkplek de dagen kletsend over ‘jongens, het leven en mensen’ doorbracht. Gelukkig was er een klein lichtpuntje: het uitzendbureau bevorderde Ioana op haar nieuwe werkplek tot chauffeur, waardoor ze – in ruil voor het oppikken en thuisbrengen van haar collega’s – de beschikking kreeg over deze auto.
De Roemeense mag er in haar vrije tijd 100 kilometer per week mee rijden. ‘In de weekenden ga ik weleens naar de McDonald’s in Goes of Bergen op Zoom’, vertelt ze. ‘Of gewoon rondjes rijden in de buurt.’
Eén keer ging Ioana verder van huis: ze reed naar Brussel voor het concert van Maluma – de uitbundig getatoeëerde Colombiaan die inmiddels met zijn hit Felices los 4 door de boxen van de Kia schalt.
Dat Ioana deze uitlaatklep heeft, dankt ze aan haar ouders. Zelf waren ze te arm om hun rijbewijs te halen, maar toen hun jongste dochter 19 werd, vonden ze dat Ioana er, als eerste van de familie, voor moest gaan. ‘Ze zeiden: we vertrouwen dat jij het kunt.’
En inderdaad: vanaf het moment dat ze achter het stuur kroop, was Ioana verslingerd. ‘Ik wist: dit is voor mij. Nu kan ik gaan waar ik wil, ben ik van niemand afhankelijk.’
En hoe verlegen ze ook is, onderuitgezakt in de naar achteren gekantelde chauffeursstoel toont Ioana zich een sportieve rijder. Haar rechtervoet, gestoken in een knaloranje Jumbo-juichslipper met het Wilhelmus op de wreef, heeft een buitengewoon assertieve omgang met het gaspedaal. ‘Als ik hier zit, lijkt alles te verdwijnen’, zegt Ioana. ‘Ik heb geen angst, verdriet of ochtendhumeur; ik ben vrolijk.’
Al moet de Roemeense ook toegeven dat het effect van haar therapie steeds minder beklijft. Het maakt weinig uit welke reggaeton ze via haar telefoon door de boxen laat klinken of hoe uitbundig de zon over de Brabantse aspergevelden schijnt, van binnen blijft dat gevoel zeuren: heimwee. Los van familiebezoeken tijdens de vakanties leeft ze al tweeënhalf jaar op ruim tweeduizend kilometer afstand van haar familie in haar geboortedorp Potelu.
Dat is helemaal lastig geworden sinds ze deze zomer voor het eerst tante werd. ‘Mijn neefje is tien maanden geleden geboren en ik kan hem nauwelijks zien opgroeien’, zegt Ioana. ‘Dat breekt gewoon mijn hart.’
De Roemeense heeft daarom een rigoureus besluit genomen: in juni zal ze teruggaan naar Roemenië. Voorlopig en misschien wel voorgoed. Haar baas heeft ze al ingelicht. ‘Ik kan niet zeggen dat ik het niet langer zou kunnen’, zegt ze, terwijl ze de Kia bij haar huisvestingslocatie het parkeervak in leidt. ‘Maar ik wil het niet langer. Ik wil een pauze, een ander leven leiden.’
Want het leven als arbeidsmigrant in Nederland is heus niet altijd makkelijk. ‘Ik voel me hier soms een robot. Elke dag is hetzelfde: opstaan, werken, eten, douchen, slapen, opstaan, werken, eten, douchen’, somt ze op. ‘En ik heb soms ook het gevoel dat we hier in Nederland niet helemaal als mensen worden gezien. Dat er weinig begrip is voor het feit dat wij ook een leven hebben, dat we soms moe zijn en een slechte dag hebben.’
Waar ze het meest naar uitziet? Ioana’s donkerbruine ogen lichten op. ‘Niet elke ochtend om vier of vijf uur opstaan, af en toe naar een feestje zonder me zorgen te maken dat ik de komende week hard moet werken. Ik wil van het leven gaan genieten.’
Wat daarbij ongetwijfeld gaat helpen: in haar geboortedorp wacht een van de eerste grote aankopen die ze van haar Nederlandse salaris deed – een auto.
Dat betekent overigens ook dat haar leven in Roemenië niet helemaal vrij zal zijn van verplichtingen. Want als enige bestuurder van de familie zal ze straks ongetwijfeld haar moeder naar doktersafspraken moeten brengen en haar broertje rondrijden. ‘Ik ben thuis een soort onofficiële taxichauffeur’, glimlacht ze. Al is dat misschien ook weer niet zó erg.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant