Gesneden groenten, maaltijdsalades en verspakketten zijn niet meer weg te denken uit de Nederlandse supermarkten. Een van de grootste leveranciers, Heemskerk fresh & easy, wil gezond eten vooral makkelijker maken: ‘Dat is nu eenmaal een belangrijke drijfveer.’
is economieredacteur van de Volkskrant. Hij schrijft onder meer over landbouw en voedsel.
Het begint nog met de hand, in de snijfabriek van Heemskerk fresh & easy: een medewerker pakt kroppen andijvie een voor een uit een krat, snijdt in een vloeiende beweging de kern eruit en legt ze op de band.
Daarna komt er nauwelijks nog een mens aan te pas: de andijvie gaat door de snijmachine en langs een scanner waar fel wit licht uit stroomt. Die herkent steentjes en andere vervuiling en schiet ze er met een luchtstraal tussenuit. Op de lopende band wordt de andijvie automatisch aangevuld met gesneden rode sla, wortel en witte kool. De slamix wordt gewassen en gaat dan richting de inpakmachine.
Wekelijks verwerkt Heemskerk fresh & easy op deze manier 1,5 miljoen kilo groenten – 170 verschillende soorten – tot onder meer gesneden groenten, wok- en slamixen, maaltijdsalades en verspakketten. Wekelijks gaan er 3,5 miljoen verpakkingen de deur uit richting supermarkten als Plus, Dirk en Lidl, en fastfoodketens als Burger King en Subway. Het maakt van Heemskerk een van de grootste leveranciers van bewerkte groenten van Nederland.
In de supermarkt zijn de zakjes wokgroenten en slamix niet meer weg te denken uit het koelschap, en nemen maaltijdsalades en verspakketten een prominente plek in. Het assortiment groeit nog altijd. ‘We introduceren wel zo’n dertig tot veertig nieuwe producten per jaar’, zegt mede-eigenaar Jantine Heemskerk trots.
De Onderneming
In deze wekelijkse rubriek vertellen ondernemers over hun bedrijf. Vandaag: Heemskerk fresh & easy uit Rijnsburg, opgericht in 1960, met 950 werknemers en een jaaromzet van 235 miljoen euro.
Het bedrijf werd in 1960 opgericht door Wim Heemskerk, telg uit een Rijnsburgse familie van groentegroothandelaren. Met veel broers in het bedrijf wilde hij iets voor zichzelf beginnen. Op de groothandelsmarkt in Amsterdam zag hij iemand gesneden groenten verkopen. ‘Toen dacht hij, wat een Amsterdammer kan, kan een Rijnsburger vast beter’, vertelt Jantine Heemskerk.
De snijderij zat aanvankelijk achter het woonhuis, midden in Rijnsburg. ‘Dat werd op een gegeven moment te gortig. We hebben hier nog een brief van de gemeente, of we alsjeblieft een andere locatie konden zoeken. Er liep een slootje achterlangs en dat kleurde helemaal rood als we bieten hadden gekookt’, vertelt Heemskerk. Sinds 1965 zit het bedrijf aan de rand van het dorp, waar het inmiddels ruim 50 duizend vierkante meter aan bedrijfsruimte heeft.
De gesneden groenten sloegen niet direct aan. ‘In die tijd waren vrouwen verantwoordelijk voor het huishouden. Als de buurvrouw zag dat je iets gesneden kocht, dan werd er over je geroddeld dat je lui was.’ Eind jaren tachtig begon volgens Heemskerk de ‘explosieve groei’, toen de toename van het aantal tweeverdienersgezinnen gemak steeds belangrijker maakte.
Sindsdien is de Nederlander verknocht aan zijn hutspotmix en voorgesneden Chinese wokgroenten. ‘In de supermarkt wordt 35 procent van alle groenten gesneden verkocht’, stelt Heemskerk. ‘In Frankrijk is dat 11 procent, in België 7 en in Duitsland maar 5.’
Zelf kwam Jantine Heemskerk 27 jaar geleden binnen als stagiair. Het bedrijf was toen al in handen van haar achterneef Cor Heemskerk, die zijn vader Wim was opgevolgd. Ze was niet voorbestemd om de zaken over te nemen, maar via meerdere functies groeide ze uit tot algemeen directeur. Inmiddels is ze met achterneef Cor mede-eigenaar.
‘Het belang van gezond eten wordt volgens mij echt onderschat. Wij maken het makkelijk, en gemak is nu eenmaal een belangrijke drijfveer. Daarnaast bieden we inspiratie, want soms weten mensen niet hoe ze iets klaar moeten maken of welke groenten goed bij elkaar passen.’
Bij de inkoop hanteert Heemskerk het adagium ‘zo dichtbij als mogelijk, zo ver weg als nodig’. In de praktijk komt daardoor in de zomer vrijwel alles uit Nederland, en rijden er in de winter vrachtwagens uit Zuid-Europa.
Bezwaren over het benodigde plastic zijn volgens Heemskerk niet terecht. ‘We gebruiken gerecycled plastic, en ook steeds dunner plastic. Daarnaast is uiteindelijk de milieu-impact van voedselverspilling veel groter dan die van plastic.’ En wie een zakje wokgroenten koopt, weet zeker dat hij na het koken niet nog een halve kool over heeft.
Het procedé is simpel: snijden, wassen en koken. ‘We voegen niets toe. Niets aan het waswater en niets bij het verpakken. Dus het is allemaal puur natuur.’ Bij sommige groenten wordt wel het zuurstofgehalte in de verpakking verlaagd, om ze langer vers te houden.
‘Kijk, ook na al die jaren word ik hier nog altijd heel blij van, al die kleuren’, zegt Heemskerk als ze in de fabriek over een loopbrug langs hoog opgestapelde kratten loopt. De inhoud varieert van verspakketten voor tomatensoep tot geschrapte worteltjes, en van maaltijdsalades met garnalen tot gesneden sperzieboontjes.
In de fabriek is het slechts 4 graden en klinkt een constante ruis van de snijmachines, wasbassins en andere apparatuur. Heemskerk schudt hier en daar de hand van medewerkers die ze kent. De sfeer is nog altijd familiair, al zijn de moeders die eerst in dienst waren inmiddels veelal vervangen door arbeidsmigranten.
‘Naast onze vaste medewerkers hebben we op dit moment zo’n 375 internationale medewerkers’, zegt Heemskerk. ‘Dat worden er steeds minder, omdat we sterk aan het robotiseren en automatiseren zijn.’
Dat blijkt in de fabriek: een robot rijdt met een pallet vol zakjes krulsla richting het laaddok. Gigantische robotarmen selecteren de juiste kratten die over rails voorbijrollen en zorgen ervoor dat de orders voor specifieke winkels volautomatisch worden klaargelegd.
‘Dit is een centenbusiness’, zegt Heemskerk. ‘Robotiseren en automatiseren is nodig om de kostprijs laag te houden, en om gezond eten betaalbaar te houden.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant