Home

Van de hoop die Fifa-baas Gianni Infantino bracht was al snel weinig over. ‘Hij is een koning die gebruikmaakt van de macht die hem is toebedeeld’

Gianni Infantino (56) zou de transparantie in het voetbal terugbrengen en afrekenen met de vriendjespolitiek. Maar in zijn tien jaar als voorzitter van de Fifa lijkt geld juist de maat der dingen geworden. ‘Hij is een groot fan van mensen die rijk en machtig zijn.’

is nieuwsverslaggever van de Volkskrant. Hij schrijft met name over sport en media.

Wat is donkerder dan donker? Mark Pieth laat zijn eigen vraag even op zich inwerken, maar eigenlijk weet de Zwitserse hoogleraar strafrecht het antwoord zelf ook niet. Waar hij wel zeker van is: dat het nog steeds duistere tijden zijn voor het voetbal. ‘En dat is een verdrietig verhaal.’

Tien jaar geleden, terwijl de voetbalbestuurders nog aan het juichen waren om de verkiezing van Gianni Infantino als voorzitter van de Fifa, had Pieth al snel genoeg gezien. Infantino beloofde meer transparantie, hij zou voorgoed afrekenen met de corruptieschandalen die de Fifa aan het wankelen hadden gebracht en haar imago ernstig hadden bezoedeld. Hij bracht hoop en verandering.

Al na een paar maanden bleek van al die voornemens weinig meer over. Ook Sepp Blatters opvolger raakte in opspraak door beschuldigingen van zelfverrijking (hij zou er nooit voor worden bestraft) en duistere deals. Tegen de NOS zei Pieth – als oud-onderzoeker van de Fifa goed ingevoerd in die contreien – dat de beschuldigingen het voetbal terugslingerden naar ‘de donkerste dagen van Blatter’. Naar een tijd die onder Infantino juist tot het verleden zou behoren.

Hervormingen

Infantino maakte vaart met zijn hervormingen, alleen niet zoals een deel van de (westerse) bonden zich die had voorgesteld. Hij ontsloeg de topmannen van de ethische commissie die corrupte Fifa-officials ten val brachten. Hij gooide zijn gewicht in de strijd om een omstreden Russisch Fifa-bestuurslid op zijn post te houden. Hij verving kritische stemmen door vazallen.

Hij voelde niet de aandrang om nog verder te wroeten in de toewijzing van het door corruptie verkregen WK in Qatar. Onder zijn hoede werd Saoedi-Arabië aangewezen als WK-organisator in 2034, zonder concurrentie.

Als Sepp Blatter het symbool was van de corruptie en het nepotisme in het wereldvoetbal, dan belichaamt Gianni Infantino (56) de politisering van de sport. Hij stak zonder gêne over naar het kamp van Donald Trump en koos met de Fifa zelfs kantoor in de Trump Tower. Hij reikte een door hem zelf bedachte vredesprijs uit aan de Amerikaanse president, de man die een andere regeringsleider liet ontvoeren en de wereld in een oorlog stortte door Iran (een van de deelnemers aan het komende WK) met bommen te bestoken.

Megalomaan toernooi

Alles heeft zijn prijs, maar onder Infantino lijkt geld de maat der dingen geworden. Hij breidde het WK uit naar 48 landen, zodat de Fifa er nog meer aan kan verdienen (en, het zij gezegd, aan de bonden kan teruggeven). Hij blies het WK voor clubs op tot een megalomaan toernooi waarin zelfs de verstokte liefhebber weinig zin had. Een eigen cryptomunt voor de voetbalbond vond hij het onderzoeken waard.

Toen hem werd gevraagd naar de absurd hoge ticketprijzen bij het WK van deze zomer moest hij lachen. Als iemand inderdaad de 2 miljoen dollar zou betalen waarvoor kaartjes voor de WK-finale werden aangeboden, zou hij diegene hoogstpersoonlijk cola en een hotdog komen brengen, reageerde hij, opgewekt als altijd.

‘Een griezel van een vent’, reageerde ene George H. onder een stuk in The Athletic, de sportsectie van The New York Times, waarin Infantino de prijzen van de wedstrijdkaartjes verdedigde (marktconform, het is wat de gek ervoor geeft, de Fifa verdient alleen iets aan het WK, dus mag het?). ‘Infantino is zo’n slijmerige en walgelijke eikel’, maakte ook Adam D. van zijn hart geen moordkuil.

Pek en veren

Het is precies dezelfde afschuw die Sepp Blatter in zijn nadagen opriep, voordat hij met pek en veren van het podium verdween. Toch ziet Pieth, die beiden kent, een belangrijk verschil.

‘Blatter belichaamde een ander type machthebber. Hij was meer een klassieke beschermheer van de oude stempel, een patron die volgens mij oprechte interesse toonde in de mensen om hem heen. Toen we een keer in de auto stapten om naar een restaurant te gaan, wist hij bijvoorbeeld dat de zus van de chauffeur een gezondheidsprobleem had. Dat kan een trucje zijn, maar een belang had hij er niet bij.’

Maar bij Infantino betwijfelt Pieth zelfs of die wel een groot voetbalfan is. ‘Ik denk dat hij het voetbal vooral als een product ziet. Hij lijkt me erg gericht op deals, net als de president van een van de landen die het WK organiseren (Trump, red.). Hij ziet de noodzaak om de pr op orde te hebben, om de glanzende stukjes goed te krijgen, om op Instagram en TikTok te zitten. Want daar zitten de voetbalfans tegenwoordig.’

Volgens voormalig Uefa-voorzitter Michel Platini interesseert Infantino zich vooral voor mensen met invloed. ‘Hij is een groot fan van mensen die rijk en machtig zijn. Zo is hij altijd geweest’, zei de gevallen voetbalbobo onlangs in de podcast After Foot.

Infantino was jarenlang Platini’s secretaris-generaal bij de Europese voetbalbond, tot de Fransman werd geschorst om een miljoenenbetaling aan Blatter. Daarop schoof de Europese voetbalbond, ook tot zijn eigen verrassing, Infantino naar voren voor de Fifa-voorzittersverkiezing in 2016.

In de ban van de macht

Guardian-verslaggever Barney Ronay las de onlangs verschenen biografie van Giovanni ‘Gianni’ Vincenzo Infantino en concludeerde: dit is een man die volledig in de ban lijkt te zijn van de macht, ‘met wijd opengesperde ogen, niet in staat om van koers te veranderen, om iets anders te doen dan het gaspedaal vol in te trappen, recht op het hart van de zon af.’

We kunnen ons daarom wel verzetten tegen deze ‘hofmagiër’, schrijft Ronay, ‘maar wat we hier zien is in wezen een avatar die meedrijft met de stroming, surfend op zijn regenboog, op zoek naar een manier om het allemaal te verklaren, maar die het eigenlijk al opgeeft voordat hij zijn eigen voorwoord heeft uitgelezen.’

Het boek biedt volgens Ronay nauwelijks inzicht in Infantino’s gedachten of karakter. Het geeft geen antwoord op de vraag waarom hij is geworden wie hij is geworden, de advocaat uit het Zwitserse dorp Brig die naar eigen zeggen met twee linkerbenen voetbalde.

Wel druipt de liefde voor de bal van de pagina’s. De ‘magische’ bal waarmee hij moet hebben gespeeld, die hij moet hebben bekeken en aangeraakt als hij ’s ochtends de deur van zijn werkkamer opentrekt.

‘Een koning’

Wie hij wel is, volgens degene die door Infantino hoogstpersoonlijk was gevraagd om de Fifa wat normen en waarden bij te brengen? ‘Een koning, die gebruikmaakt van de macht die hem is toebedeeld’, zegt Miguel Maduro, de oud-voorzitter van Fifa’s onafhankelijke bestuurscommissie. ‘Net zoals Blatter en Havelange dat waren. Hij is een vrucht van dezelfde boom die jarenlang rotte appels heeft geproduceerd. Niet beter, niet slechter dan zij.’

Met de invallen in het Zwitserse hotel Baur au Lac in mei 2015 leek er van die boom weinig over te blijven. De helft van de Fifa-top verdween achter de tralies, een paar dagen voor het congres waarop Blatter werd herkozen (om een paar dagen later alsnog zijn mandaat neer te leggen).

De Amerikaanse justitie zette haar tanden in de soccer money laundering schemes, voorheen onaantastbare bobo’s bekenden nederig schuld. Tientallen miljoenen, bedoeld voor de ontwikkeling van trainingsvelden en stadions, bleken verdwenen in de zakken van types als Jack Warner en Chuck Blazer, de Amerikaan die in de Trump Tower twee appartementen had gehuurd: een voor zichzelf en een ander voor zijn katten.

De wereldvoetbalbond stond op instorten. Er kwamen verkiezingen in februari 2016, voor de tweede keer in twee jaar tijd, waaraan Blatters gedoodverfde en geschorste opvolger Platini niet kon meedoen. Er lagen kansen en mogelijkheden, om in voetbaltermen te blijven, om de Fifa en haar onderbonden voorgoed te zuiveren van het cliëntelisme dat onder Havelange en Blatter de norm was geworden.

Maximale transparantie

Infantino zag de ruimte op het veld. Hij leunde met zijn campagne op de speerpunten waarmee KNVB-voorzitter Michael van Praag een jaar eerder had gepoogd Blatter van de troon te stoten. Bert van Oostveen, destijds KNVB-directeur: ‘Veel van onze plannen over betere governance en maximale transparantie nam hij over. Dus programmatisch konden we ons wel in zijn campagne vinden.’

Infantino moest het opnemen tegen een prins uit Jordanië, een sjeik uit Bahrein, een kleurloze Fransman en een onbekende Zuid-Afrikaan. De sjeik, Salman Bin Ibrahim Al-Khalifa, leek voorbestemd om als eerste Aziaat het voorzitterschap van de Fifa op zich te nemen. Infantino gold ook voor Van Oostveen als de underdog.

Maar de Zwitser pakte het grondig aan. Gesteund door een ongelimiteerd Uefa-budget vloog hij de wereld over om, zoals de Volkskrant het noemde, zijn ‘Twitter-transparantie’ uit te venten. Van elke bondsvoorzitter die hem zijn jawoord gaf, twitterde Infantino een foto met dankwoord voor de beloofde stem.

Twitter-transparantie dus, maar ook gespeelde transparantie. Want natuurlijk zou ook deze Fifa-verkiezing in de wandelgangen worden beslecht, net als alle verkiezingen ervoor.

Gouden bergen

Naar buiten toe stoelde zijn campagne vooral op verandering en meer transparantie. Maar hij wist hoe het spel gespeeld werd: de ruim tweehonderd voetbalbonden houd je tevreden met vooral geld, een beetje aandacht en zo min mogelijk verandering. Dus maakte hij werk van een groter WK, want meer landen betekent meer wedstrijden en dus meer inkomsten door uitzendrechten, sponsoring en kaartverkoop. Hij beloofde de bonden gouden bergen.

En wat hij mee had, voor de (vooral westerse) bonden die dat wel iets kon schelen: hij was niet in verband gebracht met het gedrag van de andere appels aan de boom. ‘Infantino komt er brandschoon in’, zei Michael van Praag.

Ruim baan dus voor een veranderaar, een vernieuwer die de lijken uit de kast zou trekken en de vloer eens grondig schoon zou bezemen. ‘We moeten met hervormingen, transparantie en goed bestuur laten zien en bewijzen dat we deze problemen ook zelf kunnen oplossen’, zei Infantino tegen Sports Illustrated, kort voordat hij sjeik Salman het nakijken zou geven.

‘Dit is wat we nodig hadden om het voetbal weer vooruit te helpen’, zei Van Oostveen, terwijl de confetti dwarrelde in Zürich. Een geëmotioneerde Van Praag verwachtte ‘heel veel van Gianni’.

Unieke situatie

Ergens deed de Portugees Maduro dat ook, toen hij was gevraagd om de commissie te leiden die een deel van Infantino’s hervormingen gestalte moest geven. De voormalige minister en hoogleraar recht was op zijn qui-vive (‘Ik ben niet naïef’), tegelijk was er na de invallen een ‘unieke’ situatie ontstaan die mogelijk blijvende verandering bood.

Ook Pieth was – voorzichtig – opgetogen. ‘Een nieuwe man, veel jonger dan de rest in de top, die de juiste dingen zei en met een nieuwe set regels aan de gang ging. Dat klonk goed. Maar al snel gebeurde er iets vreemds. Blijkbaar was hij toch vooral bezig met het veiligstellen van zijn macht. Want het eerste wat hij deed, was de hervormingen in zekere zin ontmantelen.’

Je zou kunnen zeggen dat Infantino aanvankelijk de taal van de hervorming sprak, zegt Maduro. ‘Hij begreep dat onafhankelijke commissies ook echt onafhankelijk moesten zijn. Maar hij heeft die beloftes nooit waargemaakt.’

Met een carte blanche voor zijn commissie was Maduro ingestapt. Toen er eenmaal een nieuw mensenrechtenbeleid klaarlag voor toekomstige WK-organisatoren, wilde hij graag dat een onafhankelijk orgaan zou toezien op de naleving ervan. Maar dat ging de Fifa dan weer te ver.

WK in Rusland

De breuk ontstond toen Infantino zich met de positie van Vitali Mutko ging bemoeien. Maduro vreesde dat deze Russische vicepremier een gevaar zou vormen voor de politieke neutraliteit van de Fifa, maar Infantino vond die blokkade een probleem. Volgens Maduro dacht hij daarbij vooral aan de gevolgen voor het WK in Rusland, in 2018.

En zo was er meer. ‘Dit is de oude Fifa’, dacht bijvoorbeeld Bert van Oostveen op het Fifa-congres in Mexico, drie maanden na Infantino’s verkiezing. Tijdens de rondvraag, helemaal aan het eind, bracht de Zwitser een cruciale statutenwijziging als iets onbetekenends in stemming: de toezichthouders van de Fifa hoefden voortaan niet meer onafhankelijk te worden benoemd of ontslagen. De zaal stemde voor.

In de top van de KNVB spreken ze uitgebreid over die gang van zaken. Want dit was juist níét waarom ze op Infantino hadden gestemd. Van Oostveen: ‘We wilden betere governance en maximale transparantie. Dan moet je als voorzitter accepteren dat er besluiten worden genomen die je niet altijd welgevallig zijn. Dat hoort erbij, die scheiding van machten.’

‘Goede nummer twee’

In After Foot omschreef Platini zijn voormalige schaduw als hardwerkend, niet-charismatisch, niet goed in politiek maar wel betrokken in de politiek. Een ‘goede nummer twee’ die weinig slaapt en het team aan het werk kan zetten, maar beslist geen Fifa-voorzitter.

Maar zie hem nu eens gaan, zij aan zij met de groten der aarde, geflankeerd door voetbalvedetten van toen en nu – lyrisch zijn de oud-spelers die Infantino laat invliegen voor wat niemendalletjes met hemzelf als het stralende middelpunt. Ze prijzen hem, de wereldburger uit Brig, de polyglot die zich omhoog werkte van boven de bak met lotingballetjes tot het Witte Huis en de vredestop in het Midden-Oosten, waar hij tot ieders verrassing opdook.

Magisch is het zeker, concludeerde Guardian-journalist Ronay na lezing van Infantino’s biografie. Een onopvallende Zwitser, ‘min of meer per toeval terechtgekomen in een belachelijk hiërarchische sportorganisatie, precies op het moment dat de wereld een sprong in de richting van despotisme maakte, toen het vermogen om een ​​show op te voeren je plotseling in contact bracht met de heersende despoten, de bazen van het universum’.

Geen wonder dat de Fifa-baas het zo veel over magie heeft, schreef Ronay. ‘Dit slaat nergens op.’

Trump-fluisteraar

Vergeet Viktor Orbán of Mark Rutte: volgens Politico is de succesvolste Trump-fluisteraar een ‘kale, bombastische voetbalbureaucraat uit Zwitserland’. De politieke nieuwssite zette Infantino op nummer 28 in het overzicht van invloedrijkste figuren in Europa voor 2026. Trump zelf stond op 1.

In het artikel omschrijven twee hoge functionarissen uit de voetbalwereld hem als ‘geobsedeerd’ door de nabijheid van macht. Iemand die zichzelf niet alleen ziet als sportbestuurder, maar als een wereldleider in het gezelschap van Trump, Vladimir Poetin en Xi Jinping.

‘Voorlopig gedraagt ​​hij zich meer als de lakei van de Amerikaanse president dan als een gelijke. Maar Infantino heeft duidelijk begrepen wat anderen nog moeten leren: in het Trump-tijdperk behoort de macht toe aan degenen die hem het best kunnen bespelen.’

Infantino liet alle gêne varen om Trump te kietelen, te bewieroken en hem in het gareel te houden met het oog op het WK. Fifa’s vredesprijs, zogenaamd uitgereikt door iedereen die van voetbal houdt, was daarvan de culminatie tijdens de WK-loting in december.

Hij zag er ook geen probleem in om een rood USA-petje met de twee termijnen van de president op te zetten toen Trump zijn Board of Peace lanceerde, ook al schrijven de Fifa-regels voor dat de organisatie en haar werknemers politieke neutraliteit hoog in het vaandel hebben staan.

Egocentrische tweeling

In Trump en Infantino ziet sportfilosoof Sandra Meeuwsen dan ook two of a kind. Narcistisch en gedreven door opportunisme. Bezeten door macht ook. ‘Daarom krijg je het gevoel dat je een tweeling ziet, als hij ergens met Trump is’, zegt Pieth. ‘Allebei zijn ze zeer egocentrisch.’

Maar anders dan de Amerikaanse president, die zijn macht eerder overschat (zie Iran), doet Infantino het tegenovergestelde wanneer de vlammen te dichtbij komen. Zo weigerde hij Israël uit te sluiten van het internationale voetbal, ondanks de groeiende roep om een boycot na het bloedvergieten in Gaza. De Fifa kan geen geopolitieke problemen oplossen, zei hij, alsof hem was gevraagd de oorlog in het Midden-Oosten te beëindigen.

Tegelijk dook hij aan de zijde van Donald Trump op toen twintig wereldleiders in Sharm-el-Sheikh bijeen waren voor een vredesdeal voor Gaza. Zijn ‘close friend’ Trump had hem gevraagd, verdedigde Infantino zich, het was hem eigenlijk overkomen.

Van Oostveen vindt Infantino een autocraat, die weinig op heeft met democratie. Interviewen laat hij zich niet meer, behalve dan door vrienden van de show (zoals YouTuber IShowSpeed). Persconferenties heeft hij jaren geleden al afgeschaft. Toen de Noorse onderzoeksjournalist Håvard Melnæs daar bij een Fifa-congres eens naar vroeg, reageerde Infantino’s woordvoerder doodserieus: ‘Hoe vaak spreek jij met regeringsleiders?’

De president die het verdient

Met Gianni Infantino krijgt het voetbal de president die het verdient, die het wil ook. Bonden tot in de verste uithoeken dragen hem op handen, want nooit eerder kregen ze zo veel uit de Fifa-ruif overgemaakt als in de jaren onder zijn voorzitterschap. Slechts af en toe klinkt een valse noot, meestal uit de mond van de Noorse Lise Klaveness, de enige bondsvoorzitter die het heeft gewaagd om openlijk kritiek te uiten op de Fifa.

In lijn met zijn voorganger Blatter bouwde Infantino de wereldvoetbalbond verder uit tot een geldmachine, een die een recordbedrag van 13 miljard dollar verdient aan de huidige WK-cyclus. Het USA-petje, de Vredesprijs en de bromance met Trump: de sponsors, tv-stations, voetbalbonden en het gros van de fans maakt het geen zier uit.

Infantino is goed voor zijn leden en de leden zijn goed voor hem: zijn vierde termijn (volgend jaar is er weer een verkiezing) lijkt, met de steun van Azië en Afrika, opnieuw een formaliteit. ‘De Fifa staat er beter voor dan ooit’, jubelde sjeik Salman van de Aziatische voetbalconfederatie, de man die dus geen Fifa-voorzitter werd.

Wat voor zin heeft het dan ook, zegt Van Oostveen, om het te hebben over een voorzitter met zijn zelfbedachte vredesprijs, als het systeem nog net zo functioneert als tien jaar geleden? ‘Dat is de vraag die ik mezelf met terugwerkende kracht stel: wílde de voetbalwereld in 2016 wel echt veranderen? Of gold dat maar voor een klein deel, vanwege het besmeurde imago van de Fifa, en wilde de rest ander leiderschap maar zo min mogelijk verandering?’

Fifa-jasje

Volgens de Australische klokkenluider Bonita Mersiades voelt 2026 nog precies hetzelfde als 2016: 211 leden, zes machtige confederaties en een voorzitter die, ongeacht wie het is, koste wat kost aan de macht zal willen blijven.

‘Dat was het probleem met Havelange. Dat was het probleem met Blatter. En nu zien we het ook met Infantino. Als je bedenkt dat hij in het begin misschien wel een goed mens was, ga je je toch afvragen of hij door dat jasje van Fifa-president niet een andere persoon is geworden.’

Mersiades werkte voor het Australische WK-bid van 2022 en ontdekte zo hoe twijfelachtige sommen geld betaald werden aan machtige Fifa-bestuurders.

‘De gevestigde orde met al zijn belangen zal ervoor willen zorgen dat het blijft zoals het is. Fifa-leden krijgen af ​​en toe leuke reisjes naar Zürich, een mooie onkostenvergoeding en al dat soort dingen. Mensen zijn dankbaar voor zulke gunsten.’

Kartel

Miguel Maduro vergelijkt de Fifa met een politiek kartel, dat tegelijkertijd als een economisch kartel werkt, omdat het de voetbalmarkt volledig beheerst. ‘En geen enkel kartel wordt ooit van buitenaf vernietigd.’

Infantino had als voetbalbaas de kans om door te pakken, zegt Mark Pieth, want verandering komt van bovenaf. ‘Hij heeft sommige dingen teruggedraaid en andere ten goede veranderd. Maar wat hij niet heeft gedaan, is de cultuur van de Fifa veranderen. En als je de cultuur niet verandert, verandert er uiteindelijk niets.’

Wilt u belangrijke informatie delen?
Mail naar tips@volkskrant.nl of kijk op onze tippagina.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next