Home

‘Het snot voor de ogen’: waar komt dat snot eigenlijk vandaan bij het sporten?

De wetenschapsredactie beantwoordt prangende vragen van lezers. Deze keer: waarom gaat de neus zo vaak lopen bij het sporten?

schrijft voor de Volkskrant over historische onderwerpen.

Het is een staande uitdrukking in de Nederlandse taal: ‘met het snot voor de ogen’, om duidelijk te maken dat iemand een grote inspanning heeft geleverd. Meestal gaat het om sporters, en afgaand op vijftig jaar krantenarchief, dat zijn dan meestal wielrenners. Voor wie zelf niet fietst, hardloopt of roeit: intensieve sport en snot gaan vaak hand in hand. Een beetje vies, maar ook interessant, want waar komt dat snot eigenlijk vandaan, vraag Heleen Hensen uit Soesterberg zich af.

Longarts Thomas Macken, auteur van het boekje Bewegen begrijpen – Klein handboek over je ademhaling, hart en spieren tijdens het sporten – en verbonden aan het Jeroen Bosch Ziekenhuis in Den Bosch – houdt het op zogeheten vasomotorische rhinitis, een door inspanning veroorzaakte ontsteking van het neusslijmvlies. Hij houdt wel een slag om de arm: feitelijk is het onderwerp niet zijn vakgebied. Hij verwijst naar kno-arts Maarten Vijverberg, ook van het Jeroen Bosch Ziekenhuis.

Ademhalingsintensiteit

Vijverberg bevestigt dat er sprake is van vasomotorische rhinitis, ook wel excercise induced rhinitis. Opmerkelijk genoeg is eigenlijk niet bekend hoe dat ontstaat. (‘Ik moest het zelf ook even dubbelchecken.’)

Vijverberg noemt een aantal verklaringen die de ronde doen. Bij het sporten gaat de ademhalingsintensiteit sterk omhoog. Die toegenomen luchtstroom leidt mogelijk tot geïrriteerd slijmvlies. Het is ook denkbaar dat met de grotere luchtstroom meer pollen, fijnstof en (in het zwembad) chloorverbindingen langs het neusslijmvlies gaan, met extra prikkeling en snotterigheid tot gevolg. Ook door koude lucht kan meer irritatie ontstaan.

Een andere mogelijkheid is dat onder invloed van het zogeheten sympathisch zenuwstelsel, dat onder meer de fysieke reactie bij inspanning regelt, bloedvaten in de neus iets vernauwen. Heel kort door de bocht gaat de neus daardoor meer openstaan, waardoor er nóg meer lucht kan stromen.

Vijverberg houdt het uiteindelijk op een optelsom: verhoogde luchtstroom, meer prikkelende stoffen, mogelijk koude lucht én een reactie van het zenuwstelsel.

Chloorlucht

Belangrijke vraag: kun je als sporter ook iets doen om snot en luchtwegirritatie te voorkomen? Niet zwemmen in een binnenzwembad lijkt een goed begin. Van alle irriterende stoffen die je tijdens het sporten kunt inademen, is het chloor in zwembadlucht het grootste probleem.

Op papier werkt een neusspray ook, maar die heeft serieuze bijwerkingen als neusbloedingen, hartkloppingen en bij langdurig gebruik verslaving. Verder is het natuurlijk twijfelachtig om je sportprestaties te beïnvloeden met (zelf)medicatie.

Er bestaan ook neusstrips die je als sporter over je neusbrug plakt. Het idee is dat een dergelijke pleister de neusgaten net iets verder openhoudt, waardoor je bij inspanning meer lucht krijgt. Verschillende rijders in de Tour de France fietsten afgelopen jaar met zo’n (knalroze) strip op hun gezicht.

Interessant idee. Het werkt alleen niet. Een overzichtsstudie uit 2020 vond bij sporters met een dergelijke neuspleister geen enkel significant effect.

Zelf een vraag voor deze rubriek? Mail naar willenweten@volkskrant.nl

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next