Home

Het gebeurde in Heiloo: de ontrafeling van het voetbalgeheim van een Noord-Hollands dorp

Kees Smit uit Heiloo viel op het laatste moment af voor de WK-selectie. Niettemin kan de voetballer volgens kenners het Nederlands elftal ooit een grote titel bezorgen. Wat is het geheim van Kees en van zijn dorp?

is voetbalverslaggever van de Volkskrant.

In Heiloo zijn ze halverwege mei nog helemaal niet met het WK voetbal bezig, hoewel de 20-jarige Heilooër Kees Smit, die nog woont op de boerderij van zijn ouders nabij de Kennemerstraatweg, maffe tijden beleeft. Smit is middenvelder bij de naburige Alkmaarse profclub AZ, waarvan de contouren van het stadion opdoemen aan het eind van de lommerrijke Heilooër Tolweg. Hij moet AZ tientallen miljoenen euro’s opleveren door verkoop aan een van de grote Europese clubs die hem al van jongs af aan volgen. AZ heeft daartoe zelfs de machtigste dealmaker in de voetbalwereld ingeschakeld, de Portugees Jorge Mendes, die onder meer voetballer Cristiano Ronaldo en trainer José Mourinho aan nieuwe clubs helpt tegen duizelingwekkende vergoedingen.

Het ‘gekkenhuis’ rond Smit, zoals zijn beste vriend Jeen Haanstra het beschrijft, begon drie jaar geleden met een doelpunt vanuit de middencirkel in de zogeheten Youth League – de Champions League voor jeugdploegen. Live slechts waargenomen door een handjevol toeschouwers, maar op YouTube miljoenen keren bekeken. Daarna maakte Smit tijdens een zaalvoetbaltoernooi in Duitsland een doelpunt via de boarding rond het veld dat zelfs meer dan tien miljoen views scoorde. IJkpunten in het eerste van AZ waren onder meer een knap doelpunt tegen Fenerbahçe en een geweldige wedstrijd tegen Ajax, gevolgd door zijn debuut in Oranje eind maart dit jaar in de Johan Cruijff Arena.

Kees Smit is een ‘wonderkind’, zeggen voormalige ‘wonderkinderen’ als Wesley Sneijder, Jordy Clasie, Theo Janssen, Ruud Gullit en Rafael van der Vaart voortdurend op tv en in podcasts. Iemand die Oranje wellicht ooit naar een grote titel kan leiden. Ook bondscoach Ronald Koeman (eveneens ooit wonderkind) is openlijk fan van hem, waarschijnlijk omdat hij in Smit met zijn platte oranje haar, sproeten, kleine oogjes, brede lach, ruimtelijk inzicht en goede trap een jongere versie van zichzelf ziet. En Koeman houdt van zichzelf, hij gaf zijn jongste zoon zelfs zijn eigen naam.

Uiteindelijk durfde Koeman het toch niet aan om Smit mee te nemen naar het komende WK, zo werd eind mei bekend. Tijdens twee bezoekjes aan Heiloo eerder die maand voorvoelen ze dat waarschijnlijk al bij ijsbar Pinocchio, nabij treinstation Heiloo. Ze durven er nog geen geen bordje met ‘Kees Smit-ijs’ boven de bakken met sinaasappelijs te plaatsen. Ernaast, bij de piepkleine sushizaak Yan, wordt al wel het ontwerp van een toekomstige Kees-roll geschetst. Oranje masago-viseitjes op het zeewieromhulsel en dieproze zalm middenin de rijst, schetst de eigenaresse. ‘Precies Kees!’

Gezelligheid

Smit schitterde al in het oranje shirt in de zomer van 2025 op het EK voor spelers jonger dan 19 jaar. Hij werd topscorer en uitgeroepen tot beste speler van dat door Nederland gewonnen toernooi, dat plaatsvond in Roemenië.

Vrienden uit Heiloo waren overgekomen. Gek genoeg was Smit toen best jaloers op hen, want zij combineerden het kijken van zijn wedstrijden met het ontdekken van het uitgaansleven, vertelt Haanstra (20). ‘Kees houdt van gezelligheid.’

Heiloo is bezaaid met sportverenigingen, maar ‘wat drinken en daarna nog wat drinken en daarna nóg wat drinken’ behoort net zo goed tot de dorpscultuur. Tijdens een bezoek aan het Noord-Hollandse dorp, met opvallend veel fraaie panden in knusse wijkjes met veel groen, gaat het bijvoorbeeld alleen maar over de nakende De Bokkentocht. In cafés in Heiloo en het aangrenzende Limmen worden dan oeverloos lentebokbiertjes naar binnen gegoten. Sportwedstrijden zijn er zelfs voor vervroegd of uitgesteld.

Naast de haag rond de Witte Kerk, de duizend jaar oude blikvanger in Heiloo-centrum, is ter ere van die tocht een boosaardig grijnzende gorilla van zes meter hoog opgeblazen. Onder de balzak van de aap door lopend, kom je op het terras van Herberg Jan, eindstation (voor wie dat haalt) van de Bokkentocht.

Heilooërs houden van drankgelagen, zegt bedrijfsleider Yazz Wassenaar. ‘Er komt nog een herfstbokkentocht, je hebt de viering van Canadese bevrijdingsdag, de wijnroute.’ In haar eigen woonplaats, Egmond aan Zee, had je alleen Loop naar de pomp, maar dat is ‘verwaterd’. ‘Hier komen er alleen maar feestjes bij.’

Als een stoptrein

Eerder op sportpark De Egelshoek bij de Heiloose voetbalclub De Foresters (door Heilooërs uitgesproken als Forèsturs), waar Kees Smit van zijn 4de tot zijn 9de voetbalde en nog vaak komt, viel iets anders op. Op elk veld leek de in het wit-rood gehulde thuisploeg er een sport van te maken om de bal door elke speler te laten aanraken voordat het vijandelijke strafschopgebied werd bereikt. Als een stoptrein die elk stationnetje aandoet.

Heiloo houdt van mooi voetbal. Ook bij de andere Heiloose voetbalclub HSV wordt de bal zelden lukraak naar voren getrapt, vertelt een omstander.

Daarom zijn ze trots op Smit, een mooie voetballer die als klein kind al zag waar de bal heen moest. En zelfs waar de bal daarna naartoe moest. Een schaakgrootmeester op het veld, daarom perfect passend bij Foresters, vernoemd naar het Heilooër Bos (Forest) en het adellijke geslacht Van Foreest, dat tal van burgemeesters, kamerleden, bevelhebbers, medici (waaronder de lijfarts van Willem van Oranje) én topschakers voortbracht. In de 18de eeuw kreeg die familie een aan Heiloo grenzend landgoed in handen.

Op de wall of fame in de gang van de kantine (vol fotocollages van Foresters-spelers die het betaald voetbal haalden) prijkt een prachtige foto van een breeduit lachende 9-jarige Keesje Smit met een beker in de vorm van een bal. ‘Een lief aaibaar boertje. Dat is-ie eigenlijk nog steeds’, klinkt het vanachter de bar. ‘Misschien komt-ie zo nog even langs.’

De opa en oma van het aaibare wonderkind zijn er al, ze staan tussen twee velden in en draaien zich voortdurend om. Op het ene veld speelt namelijk kleindochter Susanne, de zus van Kees Smit, op het andere keept kleinzoon Tygo, neefje van Kees Smit. Wat opvalt: ook zij hebben een goede trap en Tygo is net zo rossig als Kees. Oma vertelt dat die haarkleur van haar kant komt.

Van wie hij het voetbaltalent heeft? Oma Smit lacht. ‘Niet van mij. Mijn man houdt heel erg van voetbal, maar hij had twee klompvoeten, dus hij heeft nooit kunnen bewijzen of hij het goed kon.’

Opa Smit draagt een petje van AZ, de club waarvan hij al vijftig jaar lid is. Hij gaf die clubliefde door aan zijn kroost. Kleinzoon Kees ging als 7-jarige mee in een supportersbus naar de bekerfinale AZ-PSV en voorspelde als enige de juiste uitslag. In de pot zat 70 euro. ‘Het voelde alsof ik een miljoen won’, zei hij erover in de Volkskrant.

Een heisa

Dat Kees Smit op zijn 9de voor AZ koos, en niet voor Ajax, dat hem eveneens dolgraag wilde hebben, was dus logisch. Ook al moest hij bij AZ tussen jongens spelen die twee jaar ouder waren, want de club nam eigenlijk geen jongens jonger dan 11 aan. Smit is de enige voor wie ooit een uitzondering is gemaakt.

Oma Smit: ‘Onze zonen konden leuk voetballen. Maar Kees, ja dat is iets wonderlijks, tenminste dat hoor ik van iedereen.’ Even later: ‘Het is wel een heisa rond die jongen.’

Daarom hoeft de familie Smit verder niet zo nodig in de media. Moeder Ferdinanda meldt via WhatsApp dat Kees het talent ‘echt wel van hemzelf heeft’. Vader Dennis speelde even in het eerste van de club uit buurtdorp Limmen, net als zijn broertje. Ferdinanda’s broers voetbalden ook, en thuis keken ze veel voetbal. Voorts vertelt ze dat ze verknocht zijn aan Heiloo. Dennis en Susanne werken er allebei bij aannemersbedrijf Kops.

Voormalig Foresters-speler en sportjournalist Sieb Oostindie woonde lang tegenover de familie Smit. Hij ziet Kees nog zo zitten in de vroege ochtend voor de deur, wachtend op een busje van AZ, zijn rode haren piepten net boven een enorme AZ-tas uit. Oostindie hoorde dat René Munsterman, een directe buurman van de Smitjes, gek werd van het boink, boink, boink de hele dag. Dan was Kees tegen de muur aan het trappen. ‘Terwijl René echt wel wat gewend was qua voetbal, die speelde zelf in de Ajax-jeugd, zijn zoon speelt nu in het eerste van Foresters.’

Daarom bouwde Dennis Smit, volgens Oostindie ‘geen bijzonder goede voetballer, wel een kundig timmerman’, in de tuin voor hun boerderij een voetbalveldje voor zoon Kees. Want Kees was ‘een extreme liefhebber’. Die voetbalde buiten de vele trainingen met AZ ook nog in de zaal, op de velden van Foresters en op een pleintje aan de Vijverlaan. ‘Ik heb lang in de sportjournalistiek gezeten, maar zelden zoiets gezien.’

Vruchtbare grond

Heiloo, een welvarend dorp, blijkt vruchtbare grond voor voetballers. Volgens recent onderzoek van de KNVB heeft de bijna 25 duizend zielen tellende gemeente de meeste actieve profvoetballers per hoofd van de bevolking: veertien stuks.

Op de wall of fame van De Foresters prijken naast Smit onder meer Kenneth Taylor (Lazio, voorheen Ajax), Joris Kramer, Richonell Margaret (beiden Go Ahead Eagles), Emmeke Henschen (PSV vrouwen), Thomas Ouwejan (NEC) en pionier Cees Vos (Telstar). Oostindie, die ook in de sportraad Heiloo zat, snapt dat wel. Heilooërs zijn gek van sport, fatbikes zie je er minder dan elders. ‘Het hoofd jeugdscouting van AZ woont in Heiloo, dat scheelt ook.’

Er zijn meer oorzaken. Foresters-voorzitter Hugo den Hartog (58) wil daar wel over in gesprek nadat hij op deze zaterdagmiddag een extreem doelpuntrijk wedstrijdje (‘typische Foresters-pot’) heeft gefloten. Burgemeester Mascha ten Bruggencate (53) schuift ook aan in de kantine waar, vrij atypisch voor een voetbalkantine, een schaal fruit op de toonbank staat. Onder het gekweel van Gerard Joling, Wolter Kroes en andere Noord-Hollandse zangkanonnen vertellen ze enthousiast dat Heiloo aantrekkingskracht heeft op mensen die willen bewegen vanwege de nabijheid van bos, strand en een bruisend verenigingsleven. Trouwe vrijwilligers van Foresters worden bedankt met een egelshuisje.

Van belang voor de groei van de club was de oplevering eind vorige eeuw van nieuwbouwwijk Ypestein. Veel jongens en meisjes plus een aantal ouders die verstand van voetbal en bewegingsleer hebben, trokken naar sportcomplex De Egelshoek aan de Vennewaterweg. Er kwam een behoorlijk ambitieuze technische commissie. Een van hun doelen was: jaarlijks een Foresters-speler laten doorstromen naar een profclub. Voorzitter Den Hartog, destijds lid van die commissie: ‘Dat is leuk voor de uitstraling en de aantrekkingskracht van de club. Zo van: hier kun je je dromen waarmaken. Het mes snijdt aan alle kanten. Negentig procent van die jongens valt weer af bij die profclubs, en dan hoop je dat die goed getrainde jongens hier weer terugkomen.’

Inpandig voetbalveldje

Burgemeester Ten Bruggencate: ‘Die Heilose topsporters zijn ook voorbeelden voor iedereen in Heiloo. Hoe ver je met doorzetten kunt komen. Bij de atletiekclub hebben we twee wereldkampioenen rondlopen, de zusjes De Witte. Er wonen drie leden van de gouden volleybalploeg uit 1992 in Heiloo. Schaatser Marianne Timmer heeft hier gewoond. Al dat sporttalent besmet elkaar.’

Tamelijk uniek voor een amateurvoetbalclub is het inpandige voetbalzaaltje achter de kantine waar ook op deze zonnige zaterdag fanatiek wordt gevoetbald door jongetjes.

De voorzitter: ‘Gouden greep. Je kunt er altijd voetballen, leert technisch veel van zaalvoetbal. Veel Foresters-spelers voetballen ook bij HZV, de zaalvoetbalvereniging die eredivisie speelt. We laten voetballertjes nu ook meetrainen bij de atletiek-, honkbal- en karateclub. Is goed voor hun motoriek. Cruijff is ook zo snel en wendbaar geworden omdat hij in de zomer honkbalde.’

Ook grote buurman AZ zette in die tijd vol in op de jeugdopleiding. Er kwam een intensieve samenwerking. Trainers van Foresters mochten meekijken in de kraamkamer van AZ, jeugdtrainers van AZ kwamen helpen bij Foresters.

Het ledenaantal groeide van 650 naar 950 leden. Het eerste elftal klom op van de derde naar de eerste klasse onder Heilooër Robbert Michielsen (24). Hij werd aangesteld als hoofdtrainer toen hij pas net 22 jaar was, iets wat je in het seniorenvoetbal zelden of nooit ziet. Michielsen werkte in de voorbije twee jaar ook bij stuntclub Telstar als assistent en wordt komend seizoen assistent-trainer bij FC Utrecht. Hij wordt door insiders getipt als de Kees Smit onder de trainers.

Asielzoekers

Brengt ons bij de vraag: wie is de Heilooër? Wat zijn z’n kenmerken? Is daarin nog een verklaring te vinden voor die toevloed aan voetbaltalent? De voorzitter: ‘Dé Heilooër bestaat niet. Een groot gedeelte is import uit Alkmaar en Amsterdam, dan heb je de voormalige landbouwers die er al langer wonen.’

De burgemeester: ‘Dit is echt een Noord-Hollands provinciedorp, niet lullen, niet ingewikkeld doen, niet te snel op je achterste benen staan.’

Zo was er drieënhalf jaar geleden nauwelijks ophef toen de gemeente werd overvallen door het verzoek van het COA om in het Fletcher Hotel op de grens van Heiloo en Limmen binnen drie dagen tachtig mannelijke asielzoekers op te vangen.

De burgemeester: ‘Het was wel een andere tijd, er was nog geen kabinet dat af wilde van de Spreidingswet, nog geen rondreizende groep die overal vuurwerk gooit als er ergens asielzoekers komen. We hebben een stevig gesprek gehad met inwoners. Daarna was het klaar. Die mannen werken nu op allerlei plekken en het gaat hartstikke goed.’

Hartog: ‘Ze komen hier weleens voetballen. Vragen ze netjes om toestemming.’

De Heilooër wordt niet snel van zijn stuk gebracht. Al is de Kees Smit-hype ‘een stevige hype’, zeggen burgemeester en voorzitter. ‘Toen onze oud-speler Kenneth Taylor voor Oranje werd geselecteerd, kwam NH Nieuws niet eens langs. Rond het debuut van Kees was het hier hartstikke druk.’

Den Hartog: ‘Het zit hem ook in die naam, hè. Is er nog iemand van zijn leeftijd die Kees Smit heet? Het mooie is dat hij eigenlijk anders zou heten. Maar toen pakte zijn vader hem vast en zei: dit is een echte Kees. Vinden de mensen hier mooi.’

Een burgerlul

Niet elke Heilooër blijkt fan van het dorp. De voorzitter en de burgemeester praten over zanger Maarten van Roozendaal, een geboren Heilooër. De burgemeester opperde om teksten van hem op de muren van het gemeentehuis te plaatsen, maar zag er toch van af toen ze de tekst van zijn lied Heiloo bestudeerde.

De dag kriekt naar mijn einde toe / En het perron staat vol / Forenzen en bejaarden / Wat moeders met hun kind / Een halve zool een burgerlul / Een meisje kust haar vrind

De clou van het nummer is dat zelfs zelfmoord plegen niet lukt in Heiloo.

Voordat ze vertrekt naar de volgende vereniging in het dorp vertelt de burgemeester nog dat de mascotte van Foresters een grote egel is. ‘Moet ik vaak mee op de foto.’

De voorzitter: ‘Soms zit ik dan in dat pak.’

De burgemeester: ‘Meen je dat?’

De voorzitter, in het dagelijks leven projectleider in civiele techniek, knikt vrolijk, spiedt even door het raam van de kantine en zegt: ‘O, volgens mij komt Kees er net aan.’

Dan stapt Kees Smit binnen, hij draagt een grijs trainingspak van Adidas. Niemand kijkt op.

De voorzitter: ‘Ha, Kees, we hadden het net over je.’

Smit: ‘O ja?’

Smit vertelt braaf dat hij het enorm naar zijn zin had bij Foresters. Dat hij nog vaak bij zijn vrienden komt kijken die in het eerste en tweede elftal spelen en omdat hij het er ‘gewoon gezellig’ vindt. Knikkend naar de foto waarop hij als 9-jarige een trofee vasthoudt. ‘Dat weet ik nog heel goed. Dat was prachtig.’

Of hij nog eens terugkeert als speler bij Foresters op zijn 34ste, vraagt de voorzitter lachend. Smit: ‘Weet je nooit. Zou mooi zijn.’

Onverstoorbaar

Smit spoedt zich dan naar zijn zus en haar teamgenoten, die op het terras indrinken voor De Bokkentocht. Nee, Kees zal er zelf niet aan meedoen, zegt hij. Hij moet van AZ op zijn voeding letten.

Elders op het complex van Foresters vertelt Natasja van der Velden (55), terwijl ze scherp de prestaties van haar voetballende dochter volgt, hoe extreem dat werd doorgevoerd toen haar eigen zoon Spike in de jeugdopleiding van AZ zat. ‘Zelfs op zijn verjaardag mocht hij geen taart eten. Geen chips. Niks. Spike was topscorer in de jeugd, werd voortdurend opgehemeld door de club, maar na een langdurige rugblessure moest hij weg. Geen nazorg, niks. Belachelijk. Het raakte hem enorm. Hij wilde jaren niets meer over AZ horen, zelfs zijn AZ-kleding niet meer dragen. Die trek ik nu aan als ik ga hardlopen.’

Kees Smit heeft het voordeel dat hij vrij onverstoorbaar is, zegt beste vriend Jeen Haanstra door de telefoon. ‘We horen hem weleens uit over wat hij allemaal meemaakt in dat profvoetbal, maar hij laat weinig los. Hij praat liever over andere dingen, vraagt wat wij hebben meegemaakt in het uitgaansleven. Het boeit hem echt niet zo, al die drukte rond hem. Hij is gewoon Kees.’

Haanstra en Smit kennen elkaar al vanaf hun vierde, speelden samen bij Foresters. Met nog drie oud-ploeggenootjes togen ze afgelopen december naar Londen om het WK darts bij te wonen. Ze waren verkleed als boerderijdieren. Haanstra vertelt: ‘Iedereen is daar verkleed, dus ik dacht: dat moeten wij ook doen. We wonen tussen de weilanden, dus ik dacht: mooi als we een boerderij uitbeelden. Kees mocht pas als een van de laatsten een pak kiezen. Hij werd het schaap. Hij baalde ervan.’

Banaan met ketchup

Bij Smit thuis houden ze schapen. Maar Kees houdt helemaal niet van schapen. Hij was op die manier wel goed vermomd, dachten de vrienden. Maar Smit werd alsnog herkend, moest voortdurend op de foto en een filmpje van Kees als schaap ging viraal. ‘Hij heeft nou eenmaal een herkenbaar hoofd. Maar het was mooi. We houden van een geintje,’ zegt Haanstra.

Zo moest de verliezer van een potje darts een keer een banaan met ketchup eten. En laatst met kaarten kreeg de verliezer de opdracht in de sloot achter Kees’ ouderlijk huis te springen. ‘Kees verloor, het regende ook nog. Gelachen dat we hebben.’

Smit en Haanstra gaan samen op vakantie en lunchen geregeld bij een slager in Heiloo. Dan krijgen ze de broodjes gratis, omdat Kees het winkelcentrum geopend had. Aldaar maken ze plannen, bijvoorbeeld om een AZ-liedje op te nemen. ‘We zoeken alleen nog een producer. Bij dezen dus een oproep.’

Elkaar bijna dagelijks zien zal lastig worden als Smit verkast naar een buitenlandse club. Haanstra, die zelf bij Jong Volendam speelt, jolig: ‘Ik hoop dat hij een deal weet te sluiten waarbij hij mij mag meenemen.’

Geneeskrachtig water

Een week later, in het Historisch Museum Heiloo. Museumvoorzitter Peter Vennik (67) stopt brieven voor leden in grote enveloppen, terwijl zijn lange haar heen en weer zwiept. Om hem heen allerlei ingelijste oude foto’s, aquarellen en geschriften, het ruikt er naar oud papier en filterkoffie. Het geheim van al die profvoetballers uit Heiloo? Dat zaadje werd volgens Vennik al ruim een halve eeuw geleden geplant door opleiders met prachtige namen als Montest Kossen, Paul Farenhorst en vooral Bonnie Bult. Vennik: ‘Bonnie kwam uit Amsterdam, speelde lang bij Alkmaar’54, voorloper van AZ, en ging in deze omgeving wonen.’

Bult moest stoppen vanwege een beenbreuk en ging vanaf de jaren zestig alle jeugdelftallen van De Foresters trainen. Waaronder op zeker moment een nog piepjonge Peter Vennik. ‘We moesten ballen door een poortje schieten. Het moest allemaal zuiver, het moest verzorgd. Dat is consequent doorgevoerd. Hij heeft later ook de jeugd van de andere Heiloose voetbalclub HSV op die manier opgevoed.’

Maar daarvoor zijn we niet naar het museum gekomen. Heiloo was eeuwen geleden een bedevaartsoord, het Lourdes van Nederland met een apart treinstation voor bedevaartgangers die vanaf de vijftiende eeuw kruipend naar verschillende putten in en rond Heiloo (wat staat voor ‘heilig bos’) trokken. Die putten zouden geneeskrachtig water bevatten. De Runxputte, tegenwoordig Onze-Lieve-Vrouwe ter Nood geheten, is zelfs erkend door de paus.

Zit daar niet een verband met al dat voetbaltalent? Vennik grijnzend: ‘Zullen we ervan maken dat de beroemde missionaris Willibrordus de veroorzaker is? Hij sloeg ook een put op het hoogste punt van Heiloo, zei dat het water geneeskrachtig was, en iedereen geloofde daarin. Goocheme jongen. Gerard Reve ging erheen, dronk uit de put. Is-ie niet slechter van gaan schrijven.’

Vennik knipoogt. Vergeet ook de rol van de pastoor niet, zegt hij. Alleen katholieken mochten bij HSV voetballen. ‘Na de oorlog wilden ook de niet-katholieken voetballen. Zo ontstond Foresters. Iedereen ging van dansvereniging Everybody naar Foresters. De dansers zijn voetballers geworden. Misschien dat Kees daarom zo’n sierlijke speler is?’

Levend stripfiguur

Vennik trekt zijn jas aan. Het eerste elftal van Foresters speelt straks thuis tegen Vitesse’22 uit Castricum, een echte Kees Smit-derby feitelijk, want diens moeder komt uit Castricum. Kees Smit is er vandaag niet. Zijn oude jeugdtrainer bij Foresters Milo Blei wel. Hij wil best iets over Smit zeggen, al vindt hij ‘dit soort interviews’ een beetje ongemakkelijk. ‘Want die jongen heeft het helemaal zelf gedaan. Ik was pas 18 destijds. Zijn hele team was van een ongelooflijk niveau, we trainden drie keer per week, dat is veel voor die leeftijd. Maar dat ging altijd volle bak, en na de training wilden ze nog door en door en door.’

Blei spreekt van een ‘heerlijk groepie’. ‘We gingen op trainingskamp naar Friesland, hele dagen voetbal, maar ook superveel lol gemaakt. Hebben ze het nu nog over. Die ouders zeiden: jij ziet ze vaker dan wijzelf. Het was het ongedwongene van een amateurclub, maar we wonnen wel de KNVB-beker, en van Ajax en Feyenoord.’

Kenneth Taylor werd bij Foresters overigens gezien als een groter talent dan Smit, oordeelt Blei. ‘Die scoorde al met omhalen op zijn zevende.’ Maar Taylor, die een relatie heeft met een bekende influencer, kwam na zijn rappe overstap naar Ajax weinig meer in Heiloo.

Terwijl Kees Smit, dat is een soort levend stripfiguur. ‘Die naam, dat hoofd. Nog net zo benaderbaar als altijd. Dat is het geheim. Daarom vindt iedereen het zo’n mooi ventje.’

Dit is een verhaal uit Volkskrant Magazine. Wilt u alle verhalen, columns en rubrieken uit het nieuwste nummer lezen? Dat kan hier.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next