Michael Dunlop heeft vrijdagmiddag zijn record van Isle of Man TT-overwinningen verder opgeschroefd. De Noord-Ier was verreweg het sterkst in de tweede Supersport race en de eerste Sportbike race waarmee hij nu op 36 TT-zeges staat, tien meer dan zijn oom Joey Dunlop.
Vrijdag werd er eindelijk weer geracet op het Isle of Man. Nadat het programma van dinsdagavond werd afgelast wegens regenval viel er op woensdag en donderdag nagenoeg non-stop regen, waardoor er op beide dagen niet geracet kon worden op de Snaefell Mountain Course.
Dit betekende dat de eerste Superstock race officieel was afgelast en er op vrijdag maar liefst drie races op het programma stonden: de tweede Supersport TT race, de eerste Sportbike TT race en de Senior TT, die oorspronkelijk op zaterdag gepland stond maar vanwege de weersverwachtingen een dag naar voren werd gehaald.
Zoals voorspeld waren de weersomstandigheden vrijdagochtend gunstig op het Isle of Man, maar een ongeluk op het Mountain gedeelte van het ruim zestig kilometer lange circuit zorgde voor oponthoud van een uur. Uiteindelijk kon de Supersport TT race over drie ronden om 12:45 uur lokale tijd van start gaan onder zonnige omstandigheden, al stond er wel een stevige wind.
Dean Harrison kwam het beste uit de startblokken en was de leider bij de eerste doorkomst in Glen Helen en had daar een voorsprong van 1,4 seconden op Micheal Dunlop. Peter Hickman volgde op 2,7 seconden achterstand als derde. Paul Jordan, Josh Brookes en Dominic Herbertson maakten de voorlopige top zes compleet. Mike Browne verscheen echter niet op de tijdlijst bij het eerste meetpunt vanwege een haperende transponder. Slechts 1,4 seconde scheidde de rijders op de plaatsen zes tot en met tien.
Bij Ballaugh Bridge had Harrison zijn voorsprong met nog eens een halve seconde vergroot. Zijn sectortijd lag slechts 0,8 seconde boven het record dat Dunlop twaalf maanden eerder had neergezet. Hickman verloor daarentegen wat terrein en lag inmiddels vier seconden achter Dunlop. Bij Ramsey Hairpin was Harrisons voorsprong gegroeid tot 2,6 seconden. Dunlop had tegelijkertijd meer afstand genomen van Hickman, terwijl Jordan op slechts 2,6 seconden van Hickman vierde lag.
Op de klim naar Snaefell, van Ramsey naar de Bungalow, voegde Harrison nog eens 1,2 seconde toe aan zijn voorsprong. Dankzij een openingsronde van 129,218 mph gemiddeld kwam hij met een voorsprong van 3,6 seconden op Dunlop (128,768 mph) de pits binnen voor de verplichte stop.
Hickman (127,724 mph) was nog steeds derde, maar keek inmiddels tegen een achterstand van 8,6 seconden op Dunlop aan. Wel had hij zijn voorsprong op Jordan vergroot tot 4,6 seconden. Jordan reed ondertussen zijn snelste Supersport-ronde ooit met 127,164 mph.
Bij Glen Helen in de tweede ronde veranderde alles toen Dunlop de leiding overnam. De Noord-Ier had zijn achterstand omgebogen naar een voorsprong van 1,7 seconde op Harrison, voornamelijk dankzij een pitstop die ongeveer vijf seconden sneller was verlopen.
Dunlop was nu duidelijk aan het aanvallen. Bij Ballaugh was zijn voorsprong gegroeid tot vier seconden terwijl Hickman zijn marge op Jordan inmiddels had verdubbeld; het verschil bedroeg nu 8,3 seconden. De strijd om de vijfde plaats was echter bijzonder spannend, met slechts 0,1 seconde tussen Brookes en Herbertson. Browne werd bovendien dicht achter hen ingeschat.
Bij Ramsey liep Dunlops voorsprong verder op tot 7,6 seconden. Met nog 37,73 mijl te gaan leek hij, net als in de eerste race, definitief afgerekend te hebben met de uitdaging van Harrison. Zijn voorsprong was inmiddels opgelopen tot maar liefst 16 seconden.
Hickman leek steeds steviger op de derde plaats te zitten, terwijl Jordan negen seconden voorsprong had opgebouwd op Brookes. De strijd om de zesde plaats bleef echter spannend tussen Herbertson en Browne. Coward, Anderson en Hutchinson bleven rondgaan aan de onderkant van de top tien, maar de sterke race van Cummins kwam ten einde toen hij de pits binnenreed en moest opgeven.
Bij Glen Helen tijdens de laatste ronde bedroeg Dunlops voorsprong al 18,6 seconden, waardoor zijn 35e TT-overwinning niet meer in gevaar kwam. Met een laatste ronde van 128,405 mph passeerde hij de finishvlag uiteindelijk 26,1 seconden voor Harrison (127,197 mph). Het was Dunlops 54e TT-podium in zijn 97e TT-start.
Harrisons voorsprong op Hickman (127,446 mph) was eveneens comfortabel met 13,5 seconden. In de strijd om de vierde plaats kwam er echter op het allerlaatste moment nog een wijziging. Browne reed zijn snelste Supersport-ronde ooit — ruim boven de 127 mph — en pakte de vierde plaats met slechts 0,9 seconde af van zijn goede vriend Jordan (126,241 mph), die in de slotronde zijn motor moest sparen om de finish te halen.
Brookes (127,132 mph) eindigde slechts 1,6 seconde achter Jordan en noteerde eveneens zijn snelste Supersport-ronde ooit. Herbertson, Coward, Anderson en Hutchinson maakten de top tien compleet.
Uitslag Supersport TT Race 2:
Klik hier voor de volledige uitslag
De start van de race werd uitgesteld tot 16:00 uur lokale tijd vanwege een niet race-gerelateerd verkeersongeval. Uiteindelijk kon deze van start gaan over twee ronden en was het zoals verwacht Michael Dunlop die het veld aanvoerde bij het eerste meetpunt in Glen Helen.
De Noord-Ier had een voorsprong van 3,68 seconden op Mike Browne met Paul Jordan daarachter op 1,3 seconde op de derde plaats. Peter Hickman was daar drie seconden van verwijderd op de vierde plaats, met verder Joe Yeardsley en Jamie Coward in de top zes.
Tegen de tijd dat Dunlop voor het eerst over Ballaugh Bridge sprong had hij zijn voorsprong al meer dan verdubbeld. De Noord-Ier verbeterde de bestaande sectortijd tussen Glen Helen en Ballaugh met bijna drie seconden. Zijn voorsprong op Browne bedroeg nu 7,97 seconden, terwijl Jordan nog eens 1,9 seconde daarachter lag op de derde plaats. Michal Dokoupil was ondertussen opgeklommen van de tiende naar de zevende positie.
Bij Ramsey zette Dunlop opnieuw de snelste sectortijd ooit neer, twee seconden sneller dan zijn vorige beste tijd. Over de eerste 24 mijl van de ronde lag hij zelfs zes seconden onder zijn eigen ronderecord. Zijn voorsprong groeide tot 11,3 seconden, maar tussen Browne en Jordan zat nog altijd slechts 2,2 seconden. Hickman verloor daarentegen terrein en het was meerdere keren te zien dat hij nadrukkelijk naar zijn machine keek. Na afloop bleek dat er brandstof lekte en Hickman meerdere keren een flinke hoeveelheid brandstof tegen zijn vizier kreeg.
Bij de Bungalow had Jordan het gat naar Browne teruggebracht tot 1,2 seconde. Vooraan was Dunlop echter onaantastbaar. Zijn eerste ronde van 123,637 mph betekende niet alleen een voorsprong van 17,5 seconden, maar ook een nieuw ronderecord in de Supertwin-klasse, sneller dan zijn eerdere beste ronde op de Paton.
Omdat er geen pitstop nodig was, begon Dunlop direct aan zijn tweede en laatste ronde. Achter hem veranderde de stand toen Jordan (121,695 mph) de tweede plaats overnam van Browne (121,682 mph), al bedroeg het verschil slechts 0,122 seconde.
Hickman (119,926 mph) bleef vierde, maar keek inmiddels tegen een achterstand van 16,3 seconden op Browne aan en had nog slechts 4,3 seconden voorsprong op Coward. Yeardsley reed op vergelijkbare afstand op de zesde plaats. Herbertson, Dokoupil, Furber en Sweeney maakten de top tien compleet.
Een opnieuw recordbrekende sectortijd tussen de Grandstand en Glen Helen leverde Dunlop nog eens vijf seconden extra voorsprong op. De strijd om de tweede plaats bleef echter razend spannend, met slechts 0,2 seconde tussen Jordan en Browne. Tegen de tijd dat ze Ballaugh bereikten, had Browne de tweede positie alweer terugveroverd met een voorsprong van 1,1 seconde. Op weg naar Ramsey breidde hij die marge met nog eens acht tienden uit.
Hickman leek veilig op de vierde plaats te liggen, terwijl Coward en Yeardsley respectievelijk vijfde en zesde bleven. Herbertson behield de zevende plaats, maar Furber was inmiddels Dokoupil voorbijgegaan voor de achtste positie.
Een indrukwekkende slotronde van 124,530 mph bezorgde Dunlop uiteindelijk een overtuigende overwinning met een voorsprong van 28,775 seconden. De strijd om de tweede plaats werd echter pas op de finish beslist. Zowel Browne (123,273 mph) als Jordan (123,185 mph) reden hun snelste Supertwin-rondes ooit en doorbraken voor het eerst de grens van 123 mph. Beiden doken bovendien onder het bestaande Supertwin-ronderecord, maar uiteindelijk trok Browne aan het langste eind met een miniem verschil van 0,663 seconde.
Dunlop zette een nieuw ronderecord neer van 124,530 mph (200,41 km/u) en kwam comfortabel als winnaar over de finish, vóór Mike Browne en Paul Jordan.
Hickman (121,952 mph) verbeterde eveneens zijn persoonlijke record en verzekerde zich van een solide vierde plaats, vóór Coward (120,902 mph) en Yeardsley (119,587 mph), die met de zesde plaats zijn beste TT-resultaat ooit behaalde. Herbertson, Furber, Dokoupil en Sweeney maakten de top tien compleet.
Ondertussen eindigde Mark Parrett als 35e en schreef hij geschiedenis door als slechts de zesde coureur ooit zijn 100e TT-start te maken. Daarmee trad hij in de voetsporen van David Madsen-Mygdal, Ian Lougher, Jim Hodson, John McGuinness en Joey Dunlop.
Uitslag:
Klik hier voor de volledige uitslag