In de documentaire Hoeksteen van de samenleving onderzoekt Juul Op den Kamp waarom het nog altijd vrouwen zijn die binnen heterogezinnen een paar stappen terug moeten doen – en wat ervoor nodig is om dat patroon te doorbreken.
is media- en cultuurredacteur van de Volkskrant.
Het decor in de documentaire Hoeksteen van de samenleving (BNNVara) is een knusse keuken in een jarenvijftigwoning. Aan de keukentafel zit documentairemaker Juul Op den Kamp. Tegenover haar zit haar moeder, psycholoog. De vrouwen praten over Op den Kamps oma, een vrouw die met het klimmen der jaren steeds verder wegzakte in somberte en uiteindelijk een einde aan haar leven maakte.
Ze behoorde tot een generatie vrouwen die tot 1957 nog viel onder de Wet handelingsonbekwaamheid. Deze wet schreef voor dat getrouwde vrouwen voor een reeks handelingen – een arbeidsovereenkomst tekenen, een rekening openen – eerst toestemming van hun echtgenoot moesten krijgen.
Het was een wet die vrouwen zo klein mogelijk probeerde te houden, ook de oma van Op den Kamp.
‘Ik denk dat haar eigenwaarde naarmate ze verder vastzat in dat bestaan een knak kreeg’, zegt haar dochter. ‘Dat ze niet veel had om trots op te zijn, om zich aan op te trekken.’
Dit jaar is het op de kop af zeventig jaar geleden dat de Wet handelingsonbekwaamheid werd afgeschaft. Vrouwen, zo was de belofte, wachtte meer autonomie en emancipatie. Maar wat is daar werkelijk van terechtgekomen?
In Hoeksteen van de samenleving onderzoekt Op den Kamp hoe oude culturele en politieke patronen die in de jaren vijftig het leven van haar oma beknotten, nog altijd doorwerken. Nederland waant zichzelf een vooruitstrevend land, maar ook binnen huidige heteronormatieve gezinsstructuren komt het er vaak op neer dat de vrouw moet inbinden, haar carrière op pauze moet zetten en de last van het huishouden moet dragen.
In de documentaire komen verschillende feministische onderzoekers, opiniemakers, schrijvers en ervaringsdeskundigen voorbij, jong en oud door elkaar, van schrijver Anja Meulenbelt tot universitair docent Nawal Mustafa.
Met hen probeert Op den Kamp antwoord te krijgen op vragen: hoe komt het dat vrouwen binnen een heterogezinsstructuur nog altijd een paar stappen naar achteren moeten doen? En wat is ervoor nodig om dit te doorbreken?
‘40 procent van de vrouwen is nog altijd afhankelijk van haar partner’, zegt Op den Kamp in een telefonisch interview. ‘Veel stellen lukt het niet om werk en zorg gelijk te verdelen, ook al willen ze dat wel. En nog altijd gaan vrouwen na het krijgen van kinderen minder verdienen, nemen ze meer zorgtaken op zich en lopen ze daardoor vaker tegen een financiële achterstand en een burn-out aan. Dus ja, op papier is het zeventig jaar geleden dat de ongelijkheid werd afgeschaft, maar wat is er nu daadwerkelijk veranderd?’
U vertelt in de film dat stellen zorg en werk het liefst gelijk zouden willen verdelen, maar dat lukt minder dan 10 procent. Waar ligt dit aan?
‘Wetgeving en beleid houden deze scheefgroei in stand. Denk aan ongelijk verlof, stigma’s voor zorgende mannen en tekortschietende kinderopvang. Het systeem is erop ingericht om dit zo te houden. Stellen die zorg en werk gelijk willen verdelen, lopen tegen deze muren aan. We willen laten zien dat dit geen individuele keuze is. In onze neoliberale samenleving denkt men al snel dat alles je eigen schuld of falen is, maar het ligt aan het systeem.’
U spreekt verschillende feministische denkers. Van welke heeft u het meeste opgestoken?
‘Ik denk van Nawal Mustafa. Zij leerde mij dat de term ‘handelingsonbekwaam’ ook in koloniale reglementen voorkwam, in een omschrijving van tot slaaf gemaakten. Dat wilden we er graag bij betrekken, het raakt namelijk ook aan de grote onderlinge verschillen in financiële onafhankelijkheid tussen vrouwen.
‘Omdat de kinderopvang in Nederland pas zo laat op gang kwam, namen witte vrouwen die konden werken en genoeg verdienden, vaak vrouwen van kleur aan voor de zorg- en huishoudelijke taken. Dit is nog steeds zo. In plaats van dat zorgtaken worden opgevangen door de partner of de kinderopvang, worden ze doorgeschoven naar andere vrouwen in precaire situaties. Dit vonden we een heel belangrijk perspectief om te laten zien.’
Hoe heeft dit onderzoek naar genderongelijkheid uw beeld van heterogezinsstructuren beïnvloed?
‘In de documentaire spreek ik ook schrijver Anja Meulenbelt, die een tijd in een gewelddadige relatie heeft gezeten en daar niet uit kon komen vanwege een gebrek aan financiële onafhankelijkheid. Zij maakte duidelijk dat dit vooral een probleem is bij heterostellen; queerstellen en meeroudergezinnen verdelen de lusten en lasten veel beter. En door haar snapte ik dat het huidige femicideprobleem in Nederland samenhangt met de financiële afhankelijkheid van een groot deel van de vrouwen.
‘Ik snap nu ook beter dat je zoiets hebt als heterofatalisme: de neiging van vrouwen om helemaal weg te blijven van een mannelijke partner, die willen er gewoon niet meer aan.
‘Er zijn veel vrouwen die zich afvragen waarom mannen zo weinig meebewegen met de emancipatie. Daarnaast laten cijfers zien dat slechts 38 procent van de single vrouwen actief op zoek is naar een relatie, tegenover 61 procent van de single mannen.’
Is dat de schuld van mannen?
‘Nee, ik wil echt benadrukken dat het probleem niet ligt bij de individuele man of vrouw. Mannen zullen er ook bij gebaat zijn als zorgtaken binnen heterogezinnen rechtgetrokken worden, want nu moeten veel van hen de – cultureel bepaalde – last dragen van ‘kostwinner’. Terwijl: het is de politiek die nu echt eens werk moet maken van gratis toegankelijke kinderopvang, gelijk verlof voor zzp’ers, en het aanpakken van de loonkloof.’
Hoeksteen van de samenleving, vanaf 7 juni om 22.40 uur te zien op NPO 2 en NPO Start.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant