Home

Oud-rechter Ybo Buruma: ‘We moeten onze rechtsstaat niet democratisch te grabbel gooien’

Wat zijn dit voor vragen? Zeven dilemma’s voor jurist en tegenwoordig ook podcast- en tv-presentator Ybo Buruma. ‘Tussen mijn kinderen kiezen? Dat is onmogelijk.’

is media- en cultuurredacteur van de Volkskrant.

David of Goliath?

‘Eh... David. Je hoort me aarzelen, en dat is omdat ik als rechter, maar ook in de podcast en het tv-programma Goliath, een zaak altijd vanuit alle kanten probeer te bekijken. Vanuit het perspectief van een gewone burger, David, maar ook vanuit het perspectief van een grotere partij, een bedrijf of de overheid, de Goliath. Die reflex zit er bij mij ingebakken, maar ik snap dat je als kijker vooral meeleeft met David.

Goliath is een programma over ons rechtssysteem, dat begon als podcast en waar nu drie tv-afleveringen van zijn gemaakt. In elke aflevering behandelen we hoe een gewone burger plotseling in een rechtszaak belandt tegenover een grote partij en de vragen die dan opkomen, zoals: hoe kom ik aan een goede advocaat? Het gaat ook over hoe je vervolgens wegwijs moet worden in de vaak ondoorgrondelijke juridische taal. De vraag die daarboven hangt is: maak je, als David, wel kans in deze brij aan procedures en juridische instituten?’

Hoge Raad der Nederlanden of de tv-wereld van Hilversum?

‘Ik ben heel gelukkig met de veertien jaar die ik als raadsheer heb doorgebracht in de Hoge Raad der Nederlanden. Dat is een rechtsinstantie die aan het einde van de juridische keten staat. Ik behandelde er strafzaken. Niet om een oordeel te vellen in een zaak, maar om te beoordelen of het oordeel dat geveld is door rechters wel goed in elkaar zit, of het niet in strijd is met mensenrechten of wetgeving van de Europese Unie. Natuurlijk was het een hele eer om in die Hoge Raad te zitten, maar net zo trots ben ik op de vele jaren dat ik professor strafrecht was.

‘Toen ik nog professor was, trad ik geregeld op in de media om uitleg te geven over juridische zaken. Dat vond ik heel leuk, complexe wetgeving duidelijk maken aan een groot publiek. Toen ik tot de Hoge Raad toetrad bleef ik meer op de achtergrond om niet partijdig over te komen, maar na mijn pensionering wilde ik die publieke rol weer oppakken. Ik heb een boek geschreven, De onvoltooide rechtsstaat, over de veranderlijke aard van onze rechtsstaat. En nu maak ik dus een podcast en een tv-programma over het juridisch recht.’

Ybo of Tamara?

‘Ja, dat is kiezen tussen twee van mijn drie kinderen. Dat is onmogelijk. Ybo en Tamara zijn allebei ook het recht ingegaan. Ybo werkt als advocaat die zich bezighoudt met corruptie en andere zaken in het bedrijfsleven. Tamara is advocaat die dikwijls mensen verdedigt die van terrorisme worden verdacht.

‘En dan heb ik nog een tweede dochter, Catuja, lerares Engels en leerlingenbegeleider op een middelbare school. Ze doen alle drie belangrijk werk, maar dat van Catuja heeft misschien uiteindelijk het meeste nut voor de samenleving.’

De rechtsstaat of democratie?

‘De rechtsstaat, zonder twijfel. Sommige mensen zeggen dat je de rechtsstaat en de democratie niet los van elkaar kunt zien, de een heeft de ander nodig om te bestaan. Maar ik weet niet of dat nog opgaat in deze tijd van democratisch verkozen partijen die soms dingen zeggen die haaks staan op de rechtsstaat. Neem het fictieve voorbeeld van een partij die voor invoering is van de doodstraf. Dan zeg ik: dat kan wel de wens zijn van een democratisch verkozen partij, maar we hebben nog altijd hogere waarden in onze rechtsstaat, bijvoorbeeld het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens, dat deze wens aftroeft.

‘Als je kijkt naar de ontwikkelingen in Amerika met Donald Trump aan de macht, de snelheid waarmee juridische verworvenheden in sommige oost-Europese landen zijn afgebroken, dan zeg ik: we moeten voorzichtig zijn met onze rechtsstaat, want die verdedigt niet alleen mij, maar ook jou. Dat moeten we niet democratisch te grabbel gooien.’

De Schiedammer parkmoord of de IRT-affaire?

‘Wat een onmogelijke vraag! O, wat is dit moeilijk. Oké, dan kies ik voor de Schiedammer parkmoord, en dat zal ik uitleggen, want de IRT-affaire is voor het algemeen belang veel belangrijker geweest.

‘De Schiedammer parkmoord ging over een vreselijk voorval uit 2000 waarbij een man, Cees B., werd veroordeeld voor de moord op een 10-jarig meisje en de poging tot moord op haar 11-jarige vriendje.’

‘Cees B., die daar toevallig was, werd opgepakt en bekende. Maar het bleek een wat beperkte man, die niet bestand was tegen de druk die op hem werd uitgeoefend tijdens de verhoren. Uiteindelijk werd hij veroordeeld, maar aan de uitkomst hing direct een kwalijke geur.

‘Nadat de werkelijke dader een bekentenis had afgelegd, is een commissie opgericht, onder het voorzitterschap van advocaat-generaal Frits Posthumus, om uit te zoeken welke fouten waren gemaakt waardoor Cees B. is veroordeeld. Ik zat ook in die commissie. Naar aanleiding van deze zaak ben ik voorzitter geworden van een andere commissie die dit soort justitiële dwalingen onderzocht, onder meer die van Lucia de B., de ten onrechte veroordeelde verpleegkundige.

‘De IRT-affaire draaide om een kwestie in de jaren negentig waarbij de politie drugssmokkelaars grote partijen drugs liet binnensmokkelen om zo meer informatie te verkrijgen over de grote drugsbazen. Ik heb daar toen, als onderdeel van de parlementaire enquêtecommissie-Van Traa, onderzoek naar gedaan. Dat leidde ook tot allerlei wetgeving.

‘Maar de Schiedammer parkmoord staat mij meer na, omdat het voor mij onderstreept hoe je in een rechtsstaat altijd oog moet houden voor individuen en moet voorkomen dat ze vermalen raken door het systeem.’

Johan de Hakkelaar of Ridouan Taghi?

‘Wauw, wat moet ik daar nou van zeggen? Oké, dan ga ik voor Johan de Hakkelaar. Deze Johan V., een veroordeelde ‘drugsbaron’, kwam vaak voorbij in de tijd dat ik in de Van Traa-commissie zat. Waarom ik voor hem kies, is om te onderstrepen dat er toen voor het eerst veel aandacht kwam voor de onderwereld die in de bovenwereld zou doordringen. Wat we nu ondermijning noemen.

‘Kijk, ik zal dit niet recht in het gezicht zeggen van een burgemeester die te maken heeft met geweldsdreiging vanuit de georganiseerde misdaad, maar naar mijn idee zijn we nu wel heel grote woorden aan het gebruiken, en duikt er nu wel overal ondermijning op. Ik ben bang dat hierdoor allerlei regelgeving kan ontstaan die doorschiet, die niet goed is voor onze rechtstaat.

‘Voorbeeld: er zijn op dit moment bij banken meer mensen bezig met het controleren van mogelijk witwasgeld dan dat er wijkagenten in Nederland zijn. De dreiging van ondermijning lijkt wel een verdienmodel geworden voor veel instanties.

‘Dat er in de tijd van Johan de Hakkelaar werd overgegaan op drastische maatregelen om ondermijning tegen te gaan, heeft, denk ik, te maken met het romantische idee dat men toen van zulke criminelen had. De Hakkelaar was toch een soort knuffelcrimineel, een volkse jongen, die thuis bij zijn moeder werd gearresteerd met een bord warm eten op schoot.

‘Terwijl: in zijn tijd werd voor het eerst een kroongetuige doodgeschoten. Natuurlijk, nu zijn er rondom de zaak van Taghi naast een kroongetuige ook een journalist en een advocaat vermoord, maar we moeten niet uit het oog verliezen dat dit om uitzonderlijke gevallen gaat en dat we voorzichtig moeten zijn met die opgeblazen taal over ondermijning.’

De apotheker om de hoek of big pharma?

‘In de eerste aflevering van Goliath draait het om een apotheker die in een juridische strijd verwikkeld raakt met een grote medische fabrikant. In het kort: de apotheker ontwikkelt zelf een medicijn voor een zeer zeldzame ziekte. De fabrikant neemt daar een patent op en verbiedt vervolgens de apotheker om het medicijn nog te maken. Wat de apotheker voor 3.000 euro kon maken, wordt door de fabrikant voortaan voor 150.000 euro aangeboden.

‘Uiteindelijk haalt de apotheker zijn gelijk in de rechtbank, het kan hem niet verboden worden om het medicijn te blijven maken. Maar daarna zegt de verzekering: dat medicijn van jou kopen we voortaan bij de duurdere medische fabrikant. Tja, dan houdt het voor hem op.

‘Uiteraard ben ik voor de kleine apotheker in deze zaak, maar dat wil niet zeggen dat we daarom volledig tegen big pharma moeten zijn. In de aflevering wordt ook duidelijk gemaakt dat we big pharma nodig hebben om medicijnen te ontwikkelen, om die goed te distribueren. Dat kan de goedbedoelende apotheker niet allemaal zelf.’

Goliath, 8/6, 20.30 uur, NPO Start.

1955 Geboren in Veghel
1973-1979 Studie criminologie, Universiteit Leiden
1983-1986 Studie Nederlands recht, Universiteit Utrecht
1993 Promoveert met het proefschrift De strafrechtelijke handhaving van bestuurswetten
1995-1996 Staflid van de parlementaire enquêtecommissie opsporingsmethoden (commissie-Van Traa)
1995-2011 Hoogleraar straf- en strafprocesrecht, Radboud Universiteit Nijmegen
2006-2011 Voorzitter commissie evaluatie afgesloten strafzaken
2011-2025 Raadsheer in de Hoge Raad der Nederlanden (strafkamer)
2025 Publiceert het boek De onvoltooide rechtsstaat
2025 en 2026 Presenteert met Annette van Soest de podcast Goliath
2026 Tv-programma Goliath

Ybo Buruma woont in Nijmegen.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next