Home

In ons toetsbeluste schoolsysteem weegt falen op iets onbelangrijks zwaarder dan je toekomst

is wetenschapsjournalist.

‘Komen ze nu mee’, verzuchtte m’n oudste dochter toen ik haar vertelde dat de Onderwijsraad waarschuwt voor een ‘doorgeschoten toetscultuur’. De raad vindt dat leerlingen te veel worden afgerekend op hun resultaten en dat toetsen minder bepalend moeten worden voor cijfers, schooladviezen en diploma’s.

M’n dochter had net haar eindexamens achter de rug. Wekenlang zat ze te blokken, zweten en huilen boven haar boeken. De stress liep hoog op. Niet omdat ze niet slim genoeg is – laat haar een essay of opdracht maken en ze komt thuis met achten of hoger – maar omdat ze juist bij toetsen tegen haar beperkingen oploopt: dyslexie, ADD, autisme, een erfelijke ziekte waardoor ze altijd pijn heeft. Volgende week krijgt ze de uitslag. M’n kind, dat een 9 kreeg voor een profielwerkstuk dat volgens de docent op bachelorniveau was, heeft geen idee of het gelukt is om voldoendes te halen.

Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Hoe langer de examentijd duurde, hoe meer het me begon te bevreemden. Waarom vinden we het eigenlijk normaal om jonge mensen te beoordelen op hoeveel kennis ze in twee bloednerveuze weken onder tijdsdruk kunnen oplepelen? Hier heb je een stapel boeken, prop het maar in je hoofd; haal het naar boven terwijl je bekaf en gestresst bent. Zo bepalen we of je een toegangsbewijs voor je toekomst krijgt.

Examens zijn hardvochtig. Zo zijn ze – meer dan toen ik zelf examen deed – een momentopname. Dat komt door de 5,5-regel: zelfs al heb je prachtige cijfers gehaald voor je schoolexamens en sta je aan het eind van de rit voor alle vakken een voldoende, dan nog kun je zakken wanneer je op je eindexamens niet gemiddeld een 5,5 hebt gehaald. Was je tijdens de examenweken niet fit of ging je kopje onder aan de spanning? Jammer.

Even genadeloos: hoe leerlingen in dit systeem uiteindelijk vooral beoordeeld worden op hun zwakste vak, zelfs als dat vak volkomen irrelevant is voor hun vervolgopleiding. Zo kun je bijvoorbeeld naar de kunstacademie willen en goede cijfers halen voor tekenen en filosofie, maar als je een 3 staat voor Duits, gaat het feest niet door. In het toetsbeluste schoolsysteem weegt falen op iets onbelangrijks dus zwaarder dan talent, enthousiasme en zelfinzicht. Wat leren jonge mensen daarvan?

En nog iets: waarom maken scholieren hun examens eigenlijk onder tijdsdruk? Elke psycholoog weet dat vaart maken op een toets ten koste gaat van de nauwkeurigheid. Als je alleen kennis en inzicht wilt meten, moet je zorgen dat een toets door iedereen ruimschoots binnen de tijd af te krijgen is, zodat elke leerling rustig en ontspannen over elke vraag kan nadenken. Dat is bij de meeste toetsen en zeker bij de eindexamens niet het geval. Dus meten ze onherroepelijk ook iets anders dan begrip van de stof: hoe snel leerlingen kunnen lezen en schrijven, hoe goed ze zich kunnen concentreren, hoeveel pijn of angst ze hebben.

Is dit fair? De doorgeschoten toetscultuur levert, zoals Pieter Klok terecht opmerkte, een nieuw soort kansenongelijkheid op: ‘Leerlingen die goed zijn in het maken van toetsen en de specifieke kennis die daarin aan bod komt, hebben een voorsprong op leerlingen wier talenten breder zijn dan dat.’ De creatievelingen, de zorgvuldige overpeinzers, de gevoelige leerlingen die van alles kunnen maar niet onder druk, de gehandicapte of neurodiverse leerlingen – ze staan allemaal minstens 1-0 achter.

Journalist en docent Marijn Ruhaak beschreef de examentijd als weken stress en slecht slapen. ‘Leerlingen slepen zichzelf richting die eindstreep waar vooral één ding van belang is: of ze door het hoepeltje weten te springen.’ Ruhaak pleit ervoor om anders te kijken naar de examens. Een leerling die zakt, kan juist laten zien waar het in het onderwijs eigenlijk over zou moeten gaan: je ontwikkelen, struikelen, nadenken over je toekomst. ‘Ze zijn gezakt voor het examen, maar geslaagd voor het leven’, zegt ze.

Onderwijshervormer Sami Mustafa keert zich zelfs helemaal tegen wat hij de ‘halfgoden van het onderwijssysteem’ noemt: een vast curriculum, toetsen, cijfers. Volgens hem gaan ze niet samen met de vreugdevolle ervaring die leren zou moeten zijn, waarbij plezier, nieuwsgierigheid, diepgang en kritisch denken centraal staan. In plaats daarvan jassen we leerlingen allemaal door dezelfde toetsstraat. Ook al is elk kind anders, ieder van hen moet zich leren persen in dezelfde nauwe definitie van succes.

Waarom eigenlijk? Is dit wat we willen voor onze kinderen? Dat ze weliswaar hun diploma hebben gehaald, maar ook zoveel zijn kwijtgeraakt?

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next