Esther Ouwehand stopt als fractieleider van de Partij voor de Dieren in de Tweede Kamer. Ze geeft, met een zwaar gemoed, het stokje over aan Christine Teunissen. ‘Oprukkend fascisme maait alles weg wat we nodig hebben om fijn samen te leven.’
schrijft voor de Volkskrant over politiek Den Haag, waar hij tot 2022 verslaggever was.
De deur van haar kantoor in het Kamergebouw gaat op slot als Esther Ouwehand (1976) begint te vertellen. Een paar dagen eerder had haar medewerker onder embargo het nieuws gedeeld, ze kan dus met de deur in huis vallen: ‘Je weet dat ik terugtreed als fractievoorzitter. We gaan dat donderdag gewoon vertellen aan de pers. Iedereen mag dan vragen stellen. Maar een interview waarin ik het wat rustiger en uitgebreider kan toelichten, leek ons fijn.’
Zeven jaar geleden, toen Marianne Thieme opstapte als partijleider van de Partij voor de Dieren, kwam er kritiek. Thieme had een exclusief interview aan De Groene Amsterdammer gegeven. Toch werd het nieuws een paar dagen eerder op een ledendag gemeld. Die fout willen ze niet opnieuw maken. Het bestuur is op de hoogte, de Kamerleden natuurlijk ook. Maar een deel van de medewerkers nog niet. Vandaar de dichte deur.
Vertrekkende partijleiders verlaten doorgaans ook de Tweede Kamer. Ouwehand niet, die blijft. Ze wil als gewoon Kamerlid de wetten over dierenrechten uitbouwen waaraan ze werkt. Zorgen dat de bio-industrie echt beëindigd wordt, onnodig lijden bij de slacht voorkomen. Al voor de verkiezingen had ze het tegen het bestuur gezegd: ‘Ik ben weer beschikbaar, maar dat wordt de laatste keer. Gedurende die termijn ga ik een stapje terug doen om ruimte te maken voor een opvolger. Anders blijf je afhankelijk van dat ene bekende gezicht en dat is niet gezond.’
Maar wat is een goed moment voor zo’n stap? Nog maar een half jaar geleden was Ouwehand lijsttrekker bij de verkiezingen, ze kreeg 134.446 stemmen. Waarom ze nu gaat? ‘Rob Jetten was vorig jaar na de rellen op het Malieveld steengoed in zijn analyse over wat je moet doen om extreemrechts geweld niet te laten doorwoekeren. Ik had gehoopt dat het kabinet die lijn zou doorzetten met een krachtig antwoord op het oprukkende extreemrechts en fascisme. Dat gebeurde niet, dus daar moet je tegen blijven knokken.
‘Tegelijkertijd voelde ik dat ik niet meer de maximale energie heb om daarin voorop te gaan. Dan is het beter als iemand anders die plek in de voorhoede overneemt. Ik vind het ook spannend om te wachten, omdat je niet weet hoe lang dit kabinet gaat zitten. Je wilt je opvolger ruimte bieden om bekendheid op te bouwen. Christine Teunissen is keigoed en vol energie.’
‘De combinatie van fractievoorzitter en partijleider vraagt onder gewone omstandigheden al superveel. Oprukkend fascisme maait alles weg wat we nodig hebben om fijn samen te leven: rechten voor dieren, een gezonde natuur, een stabiel klimaat en medemenselijkheid. Ik ben ook teleurgesteld dat er geen koerswijziging komt jegens Israël, terwijl Netanyahu zegt dat hij 70 procent van Gaza wil bezetten.’
Dat ze zich afzijdig hield toen zowat de hele Kamer vorige week het debat aanging met Lidewij de Vos van Forum voor Democratie, heeft daar volgens haar niets met haar energieniveau te maken. ‘De experts zeggen: normeer die opvattingen, benoem het op je eigen podium, maar ga ze geen podium geven waardoor ze die ideeën verder kunnen verspreiden. Aan dat advies heb ik me gehouden.’
Energie. Dat is het woord dat terugkeert als Ouwehand haar stap uitlegt. Ze zit sinds 2006 in de Kamer, is daarmee een van de oudgedienden. De functie is haar nooit licht gevallen. In 2015 was ze er een jaar uit vanwege een burn-out, in 2022 nam ze vier maanden ziekteverlof. Nu zegt ze wel genoeg energie te hebben om Kamerlid te zijn, maar dat voor de strijd tegen oprukkend extreem rechts meer nodig is.
Om uit te leggen wat ze bedoelt heeft ze Het hele dorp wist het meegenomen, een boek van Rinke Verkerk over de rol van omstanders bij kindermisbruik. ‘Ze schrijft over kinderen die vanuit hun dorpen naar de middelbare school gaan en zich aansluiten bij fietsgroepen om de tegenwind te kunnen doorstaan. Altijd fietst er één voorop en als die moe wordt, neemt een ander het over. Zo zie ik onze beweging ook. Ik heb lang vooropgefietst. Dat heeft me, zeker ook met de weerstand in de partij, veel energie gekost. Nu moet ik even wat meer naar achteren.’
‘Wil je op langere termijn knokken voor je idealen, dan zul je moeten doorontwikkelen’, zegt Ouwehand. ‘Bij grote ontwikkelingen in de wereld moet je je afvragen: zijn onze opvattingen voldoende uitgekristalliseerd, of vraagt dat iets nieuws? Ik ben er trots op dat het is gelukt de partij naar een volgende fase te tillen.’
Daar horen andere verantwoordelijkheden bij. Toen Ouwehand in 2019 partijleider werd, wilde de partij vooral onderwerpen agenderen en bewustwording op gang brengen. De term getuigenispartij viel. Ouwehand ziet de PvdD niet als getuigenispartij. ‘We willen aanjagen, zorgen dat anderen sneller gaan lopen.’
Onder Ouwehand is besturen geen taboe meer, in verschillende grotere gemeenten zijn wethouders van de PvdD aangetreden. ‘Als je in een groene coalitie kunt stappen waarin je onze idealen kunt verwezenlijken, dan moet daar ruimte voor zijn. Macht is geen doel op zich, maar als de verkiezingsuitslag zo is dat je mooie groene en sociale dingen kan doen, dan kan je niet zeggen: wij besturen nooit mee, dat past niet bij ons.’
We zijn al even onderweg in het gesprek, nog geen woord over megastallen, mestoverschot of kalverslachterijen. Toen Ouwehand vorig jaar in de Kamer protestkleding droeg, was dat een Palestinablouse, en niet – om maar iets te noemen – een vegan vleesjurk. De Partij voor de Dieren is meer een mensenpartij geworden. Is ze niet bang de herkenbaarheid van de partij in te leveren?
‘Toen wij in 2006 in de Kamer kwamen, vond iedereen dat krankzinnig. Er was superveel achterstallig onderhoud op het gebied van regelgeving rond dier en milieu, dus daar ging al je energie in zitten. Maar op een gegeven moment bouw je verder uit. En kiezers worden benieuwd naar wat je verder vindt. Die denken: ik woon nog bij mijn ouders en wil graag een woning, hoe ziet die partij de oplossing van de woningbouw? Dan leg je uit dat de woningnood komt doordat de helft van ons grondoppervlak in beslag wordt genomen door de veehouderij, en dat door de stikstofuitstoot bouwvergunningen niet worden afgegeven.’
Ze wijst naar een ingelijste cartoon van Joep Bertram: minister Rita Verdonk die wordt ingeslikt door een bulldog met een PvdD-halsbandje om. Dat ging over het generaal pardon voor asielzoekers, vertelt ze. ‘We waren net beëdigd in de Kamer, wisten bij wijze van spreken niet waar de wc’s waren. En hebben toen voor het generaal pardon gestemd. Dat was ons eerste politieke wapenfeit, onze twee stemmen gaven de doorslag en brachten Verdonk in de problemen. Zo kwamen we dus in het nieuws, niet met de dieren.’
De tegenwind kwam voor Ouwehand de afgelopen jaren niet alleen van buiten. Ook binnen de partij was het onrustig, de verbreding van de koers speelde daarbij een cruciale rol. Drie jaar geleden wilde het bestuur, waarin meerdere oudgedienden zaten, niet dat ze lijsttrekker werd, er zouden ‘schendingen van integriteit’ zijn ontvangen, waarvan later bleek dat ze door het bestuur zelf waren ingediend. Uiteindelijk won Ouwehand de strijd en moest het bestuur opstappen. Ouwehand: ‘Je kunt als oprichters niet controleren dat de partij altijd hetzelfde blijft als jij bedoeld had. Als je dan ziet dat de partij de ene kant op gaat terwijl jij de andere kant op had gewild, dan is dat misschien moeilijk en pijnlijk. Maar het is wel wat bij een gezonde partij hoort. Zo dacht het congres er ook over.’
Vorig jaar zegden oudgedienden uit onvrede over de koers hun lidmaatschap op. Dat Ouwehand de Partij voor de Dieren wilde laten instemmen met wapenaankopen in Europees verband was voor hen een brug te ver. Een alternatief werd opgericht: Vrede voor Dieren. Twee senatoren stapten op, maar bleven hun fractie in de Eerste Kamer Partij voor de Dieren noemen. Inmiddels lijkt de rust weergekeerd.
Om op de kamer van Ouwehand te komen, moet je door een gang met dierenposters van Animal Rights. ‘Vervang dierproeven’, staat bij een foto van een hond die je vanachter tralies treurig aankijkt. Voor Caroline van der Plas is dat de dagelijkse route naar haar kantoor; BBB huist aan dezelfde gang als de PvdD. Ook Van der Plas gaf onlangs haar plek als fractieleider op om gewoon Kamerlid te worden.
‘Ik baalde er wel een beetje van toen Caroline dit deed’, zegt Ouwehand lachend. ‘Nu lijkt het alsof ik haar aan het naäpen ben. Ik kan alleen maar zeggen: ik had me dit al al lang voorgenomen.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant