Deze week begint de serie Cape Fear, over een crimineel die wraak neemt op zijn advocaat. Eerder waren het al succesvolle films. Waarom zijn zoveel series gebaseerd op films? En welke zijn de beste?
is tv-recensent voor de Volkskrant en schrijft over film.
Opvallend nieuws afgelopen week: er komt een nieuwe versie van The Birds, de klassieker van Alfred Hitchcock waarin vogels uit het niets mensen beginnen aan te vallen. Sarah Snook (Siobhan Roy uit Succession) gaat de hoofdrol spelen. Een cruciaal verschil met de Hitchcock-film uit 1963: The Birds wordt ditmaal een dramaserie. Meer tijd, meer bloeddorstige vogels?
Het gebeurt de laatste jaren vaker dat geliefde films terugkeren in serievorm. Deze vrijdag begint op Apple TV de nieuwe serie Cape Fear. Dat verhaal, gebaseerd op het boek The Executioners uit 1957, werd eerder al verfilmd in 1962 (door J. Lee Thompson met Robert Mitchum) en in 1991 (door Martin Scorsese met Robert De Niro).
In die twee films en in de nieuwe serie is het uitgangspunt min of meer hetzelfde: een psychopathische crimineel, Max Cady, komt vrij uit de gevangenis en besluit wraak te nemen op de advocaat die hem achter de tralies kreeg. Hij terroriseert vervolgens de advocaat én diens gezin met allerlei pesterijen die steeds gewelddadiger worden.
In de serieversie wordt Cady gespeeld door acteur Javier Bardem en het advocatenkoppel door Amy Adams en Patrick Wilson. De grootste verandering in het verhaal is dat de rol van de opgejaagde advocaat nu wordt gespeeld door een vrouw, waar dat in de films een man was.
Ook een groot verschil: de serie probeert Cady wat menselijker te maken. Was hij in de eerste films nog een klootzak die zijn straf had uitgezeten en ‘gewoon’ vrijkwam, hier is Cady iemand die misschien wel jarenlang onschuldig was, in ieder geval voor de daad waarvoor hij uiteindelijk veroordeeld werd.
De nieuwe Cape Fear-serie probeert daarmee heus anders te zijn, maar kan ook niet helemaal ontsnappen aan de schaduw van de Scorsese-film uit 1991. Bardem is natuurlijk een gedroomde slechterik (hij was eerder al een onvergetelijke schurk in No Country for Old Men en Skyfall) en Adams speelt haar beste rol in jaren, maar de serie voelt toch vooral als een langere versie van iets wat we in de film ook al zagen.
Maker van de serie Nick Antosca was als kind al een groot fan van de Scorsese-versie van Cape Fear, vooral omdat de film ‘alle eigenschappen heeft van een nachtmerrie’, zegt hij in onlinemagazine Entertainment Weekly. ‘Het verhaal is intens en koortsachtig, de angsten in de film voelen zeer fundamenteel en persoonlijk.’
Dat leidt er wel toe dat Cape Fear enigszins hinkt op twee gedachten: de serie wil én een nieuwe draai geven aan het verhaal én een ode zijn aan de Scorsese-film. De serie is stilistisch dik in orde, maar ook wat onevenwichtig.
Zo’n filmklassieker die wordt opgepompt tot serie is van alle tijden. Voor zenders en streamingdiensten is het natuurlijk aantrekkelijk: naamsbekendheid is er al en dus zal de serie als vanzelf aandacht en nieuwsgierigheid genereren.
Geen wonder dat we het mechanisme ook de laatste jaren vaak zien, bijvoorbeeld met (niet altijd even geslaagde) serieversies van Fatal Attraction, Amadeus, American Gigolo, Let the Right One In, Scream en The Exorcist. In het verleden keerden ook klassiekers als Casablanca, Ferris Bueller’s Day Off en Dirty Dancing terug in serievorm. De overeenkomst tussen deze series: bijna niemand heeft het er ooit nog over.
Veel van deze series delen weliswaar de titel met de film, maar ze kunnen er kwalitatief maar moeilijk tegenop. Dat wat eerder werkte als film, laat zich niet automatisch vertalen naar een net zo intrigerende of geslaagde televisieversie. De naamsbekendheid kan dan juist tegen de serie gaan werken. In het slechtste geval komt zo’n omvorming dan vooral neer op ‘meer’, ‘langer’ en ‘onnodig’.
Tegelijkertijd zijn er ook voorbeelden van geflopte films waarvoor een serieversie juist een enorme uitkomst bleek. Zo werd de serie Buffy the Vampire Slayer veel beroemder en geliefder dan de gelijknamige film uit 1992, en sportserie Friday Night Lights werd een klassieker, in tegenstelling tot de gelijknamige speelfilm die eraan voorafging. Deze verhalen bleken beter te werken in een reeks van afleveringen waarin de personages veel meer tot wasdom konden komen.
Het succesvolste voorbeeld is waarschijnlijk klassieker M*A*S*H, met eerst een succesvolle film in 1970 en vervolgens een immens populaire televisieserie (1972-1983), waarvan de finale met 105 miljoen (!) kijkers nog altijd de best bekeken aflevering van een serie uit de Amerikaanse televisiegeschiedenis is.
De gouden standaard van de laatste jaren is nog altijd Fargo, de geweldige tv-reeks van Noah Hawley, die niet zozeer hetzelfde verhaal vertelt als de filmklassieker van de gebroeders Coen uit 1997, maar vooral de toon, stijl en humor uit de film gebruikte om in een soortgelijk universum andere verhalen te vertellen. Hawley breidde de typische Fargo-vibe uit zonder al te veel in herhaling te vallen en juist dat maakt de serie zo verrassend en uniek.
Dat geldt ook voor de fantastische komedieserie What We Do in the Shadows, die het sterke uitgangspunt (vampiers als kibbelende huisgenoten) van de film gebruikte, maar verder een nieuwe setting en nieuwe personages introduceerde. Ook films als Get Shorty, Hannibal en High Fidelity kregen ontzettend leuke, geslaagde en eigentijdse serieversies, die een verrijking bleken zonder af te doen aan het origineel.
Een succesvolle serie kan dus prima bestaan naast een succesvolle film, willen we maar zeggen, zolang die maar anders genoeg durft te zijn. Benieuwd of dat ook gaat lukken met die bloeddorstige vogels van Hitchcock.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant