Home

Technologie is niet áltijd de oplossing in de zorg

Zorg Niet iedere technologische innovatie in de zorg levert daadwerkelijk verbeteringen op voor artsen en patiënten, zien Feline Govaert en Kyra van Wijngaarden. Innovatie lijkt een doel op zich te zijn geworden.

Huisartsen Westerpark in Amsterdam past digitalisering toe.

De NOS besteedde onlangs aandacht aan moetiknaardedokter.nl, de in opspraak geraakte online triagetool voor huisartsen. Deze AI-tool zou tijd besparen en daarmee de druk op de zorg verminderen. Huisartsen voelen druk vanuit zorgverzekeraars, omdat zij hen extra betalen als ze deze tool op hun site zetten. Een aantal huisartsen is echter kritisch, bijvoorbeeld omdat patiënten met een taalachterstand er niet goed mee overweg kunnen.

Feline Govaert is masterstudent geneeskunde in Leiden.

Kyra van Wijngaarden is masterstudent geneeskunde in Leiden.

Het begint ons als toekomstige dokters op te vallen dat innovaties in de zorg worden gepresenteerd als dé oplossing voor alles. Ondertussen is scepsis op zijn plaats wanneer algoritmes worden ingezet bij het geven van medisch advies aan patiënten zoals via de bovengenoemde website. Uit onderzoek van het CBS in 2025 blijkt bijvoorbeeld dat bijna tweederde (65 procent) van de volwassenen het een slecht idee vindt om klachten te bespreken met een chatbot in plaats van met de huisarts.

Een ander punt is de kwaliteit van het advies. Recent onderzoek in het gerenommeerde medische tijdschrift Nature laat zien dat er haken en ogen zitten aan AI-gebruik voor medische vragen. In dit geval ging het om ChatGPT Health. Het bleek dat de tool regelmatig medische situaties onder- of overschat. AI-tools en andere technologische innovaties hebben ook aangetoonde voordelen, maar dat neemt niet de plicht weg om kritisch te blijven kijken naar de risico’s, én de daadwerkelijke opbrengst.

Dat laatste gebeurde bijvoorbeeld niet bij het invoeren van het e-consult in de huisartsenpraktijk. Op het eerste oog lijkt het efficiënt: patiënten kunnen laagdrempelig online een bericht sturen naar hun huisarts. Toch merkten wij tijdens onze coschappen dat niet alle huisartsen blij zijn met deze ontwikkeling. In de praktijk blijkt namelijk dat deze lagere drempel juist leidt tot méér contactmomenten. Wat bedoeld was om tijd te besparen, kan daardoor resulteren in extra werkdruk. Onderzoek van de Universiteit van Maastricht bevestigde dit. Het is een gemiste kans dat verlichting van werkdruk niet vooraf is onderzocht, vóór de brede implementatie. Nu zit het e-consult zo geworteld in het zorgsysteem dat de implementatie moeilijk terug te draaien is.

Kost dit niet juist extra tijd?

Factoren die bijdragen aan de vlotte omarming van medische innovatie zijn commerciële belangen en media-aandacht. Daarbij worden al snel uitspraken gedaan over ‘levensreddende’ interventies voordat dit daadwerkelijk is aangetoond. Onder andere een oriënterend onderzoek naar het gebruik van camera’s in ambulances werd op deze manier gepresenteerd. Via deze camera’s kunnen artsen live meekijken vanaf de spoedeisende hulp. Hoewel de techniek goed werkt en het de communicatie tussen zorgverleners kan verbeteren, is er met een pilot nog geen wetenschappelijk onderbouwd bewijs dat deze innovatie daadwerkelijk leidt tot betere patiëntuitkomsten. Dat moet vervolgonderzoek uitwijzen. Wij zijn uiteraard benieuwd naar de resultaten en ook naar het antwoord op de vraag hoeveel extra tijd dit systeem van zorgverleners vraagt en of de kosten van implementatie opwegen tegen de baten.

Natuurlijk moet de zorg kwalitatief goed én betaalbaar blijven. Dat is ook ons belang als toekomstige dokters. Innovatie kan daarbij helpen, maar we moeten wel kritisch blijven kijken of een technische ontwikkeling daadwerkelijk bijdraagt aan gezondheidswinst en houdbaarheid van de zorg. Laten we dus als patiënt, beleidsmaker of toekomstige dokter – zelfs bij grote beloftes en ondanks financiële druk – doorgaan met het stellen van de nodige kritische vragen.

Zorg

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next