Home

In een razend tempo geeft Defensie miljarden uit, maar het is steeds minder open over waar dit geld naartoe gaat

Uitgaven Steeds meer defensieprojecten krijgen het stempel ‘vertrouwelijk’, blijkt uit een inventarisatie van NRC. „Hoe kan ik dan controleren of de regering haar beloften nakomt?”

Derk Boswijk, staatssecretaris van Defensie, en Dilan Yesilgöz, vicepremier en minister van Defensie, tijdens een debat over de begroting van het ministerie van Defensie.

Het afgelopen weekend besloot Kamerlid Kati Piri (PRO) om eens een blik te werpen op het laatste Defensie Projectenoverzicht, waarin ieder jaar de geplande aankopen van militair materieel worden opgesomd.

„Ik sloeg de eerste bladzijde om en ik zag alleen maar ‘vertrouwelijk’, en ‘commercieel vertrouwelijk’”, vertelt Piri. „Ik dacht: hoe ga ik in godsnaam dit debat doen?”

Het Nederlandse ministerie van Defensie is bezig in een ijltempo geld uit te geven, maar het ministerie geeft steeds minder informatie vrij over waar al deze miljarden aan worden besteed, zo blijkt uit een inventarisatie van NRC.

Grens verhoogd

In 2021 kreeg minder dan de helft (43 procent) van alle materieelprojecten in het Defensie Projectenoverzicht (DPO) het stempel ‘vertrouwelijk’; dit jaar was dat driekwart (76 procent). In verreweg de meeste gevallen ging het om commerciële geheimhouding en liet Defensie de exacte kosten onvermeld, om zijn onderhandelingspositie met de industrie niet te schaden. Maar sinds 2025 houdt het departement informatie ook achter vanwege de operationele veiligheid, en wordt soms niet gemeld hoeveel er wordt gekocht, of op welke termijn er wordt geleverd. In het afgelopen DPO gebeurde dat bij 13 van de 111 projecten (12 procent). In een enkel geval (zoals bij het project voor nieuwe raket- en luchtverdediging van de fregatten van de marine) wordt ook geheimgehouden wélk wapensysteem Defensie wil aanschaffen. „In verband met de verslechterende geopolitieke situatie”, zo vermeldt de inleiding, „is het van belang om potentiële tegenstanders en andere partijen niet wijzer te maken.” 

Tegenover de snel opdrogende stroom aan openbare informatie staat een spectaculaire verhoging van de uitgaven. „Nederland is bezig met de grootste versterking van de krijgsmacht in decennia”, schrijft staatssecretaris van Defensie Derk Boswijk (CDA) in de inleiding van het DPO. In het afgelopen jaar gaf Nederland 25,8 miljard euro uit aan Defensie, 5,8 miljard méér dan in 2024. Daarmee besteedde het kabinet 2,2 procent van het bbp aan de krijgsmacht. Binnen 10 jaar moet dat 3,5 procent zijn.

Om het tempo van de uitgaven zo hoog mogelijk te houden, probeert het ministerie de procedures rond de ‘verwerving’ van wapens en ander materieel te vereenvoudigen. Zo heeft het departement de grens waarboven melding moet worden gemaakt van uitgaven verhoogd van 25 tot 50 miljoen euro. Daarmee wordt veel tijd bespaard, legt een defensiewoordvoerder uit: „Vroeger moesten we voor alles boven de 25 miljoen euro een brief sturen aan de Kamer, die dat vervolgens moest agenderen. Dan kon het zomaar eens een paar maanden duren.”

Nadere motivering

Ook defensiematerieel moet in principe worden aanbesteed, maar om geen tijd te verliezen, gaat Defensie steeds vaker over tot directe gunning. Daarvoor kan het departement gebruikmaken van verschillende uitzonderingsbepalingen in de wet- en regelgeving, maar de minister van Defensie moet in zo’n geval wél motiveren waarom er een uitzondering wordt gemaakt. Vorige maand constateerde de Algemene Rekenkamer dat in veel gevallen een dergelijke motivering ontbreekt. Van de in totaal 4,4 miljard euro aan „fouten en onzekerheden” die de Rekenkamer vond in de door Defensie aangegane verplichtingen was 3,6 miljard direct gegund, zonder voldoende onderbouwing.

Het ministerie van Defensie reageerde geprikkeld op de kritiek van de Rekenkamer. De Audit Dienst Rijk (ADR), die ook meekijkt in de boeken, is van oordeel dat de uitzonderingsbepalingen wél rechtmatig zijn ingezet, zo schreef minister Dilan Yesilgöz in een reactie op de Rekenkamer. Afgelopen maandag meldde Yesilgöz aan de Kamer dat een „hoog-ambtelijk overleg” van Defensie, het ministerie van Financiën, de Algemene Rekenkamer en de Audit Dienst Rijk nog eens gaat kijken naar de interpretatie van de regels.

Voor de geheimhouding is er een andere uitweg. Informatie die niet openbaar kan worden gemaakt, kan door Kamerleden – maar niet door hun medewerkers – vertrouwelijk worden ingezien in een speciale ruimte van de Tweede Kamer. „Waar we (…) voorheen transparant konden zijn, maken we in de huidige context andere afwegingen”, laat het departement weten op vragen van NRC. Het ministerie benadrukt dat dit geen inperking van de controle is. „De verantwoording aan de Kamer is niet minder geworden. Wel vindt de verantwoording vaker vertrouwelijk plaats.”

Dat gebeurt ook tijdens (besloten) procedurevergaderingen, waarin minster Yesilgöz of staatssecretaris Boswijk uitlegt waarom bepaalde informatie geheim moet blijven. In alle gevallen heeft de Vaste Kamercommissie voor Defensie deze beslissingen ter kennisgeving aangenomen – met uitzondering van een vertrouwelijke bijlage over de versnelde aanschaf van middelen tegen drones, afgelopen december. Op initiatief van Kamerlid Piri vroeg de Commissie toenmalig staatssecretaris Gijs Tuinman (BBB) om een nadere – openbare – motivering van de kosten en de planning.

Minder terughoudend

Piri heeft er begrip voor dat Defensie voorzichtiger is met het delen van informatie: „Het zou naïef zijn om alles zomaar in de openbaarheid te gooien.” Het departement zou volgens het Kamerlid echter beter moeten nadenken over wat er wél naar buiten wordt gebracht. „Een van de doelstellingen van het kabinet is om ten minste 50 procent in te kopen in Nederland of Europa, maar in het Defensie Materieeloverzicht vind ik daar niets over terug. Hoe kan ik dan controleren of de regering haar beloften nakomt?”

Ze heeft nog geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid om vertrouwelijke informatie in te zien. „Ik kan dat wel gaan zitten lezen, maar ik mag het er dan tijdens het Commissiedebat toch niet over hebben.” Andere Kamerleden zijn minder terughoudend. Defensiewoordvoerder Michelle Jagtenberg (D66), sinds enkele maanden in de Kamer, laat weten dat ze alle vertrouwelijke stukken heeft ingezien. „Ik wil me zo goed mogelijk informeren. Als Kamerlid heb je een rol vóór, maar ook áchter de schermen.”

Defensie

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next