Het gebruik van de smartphone in de Tweede Kamer gaat ten koste van het democratisch ethos. Een gezonde democratische dialoog kan het niet zonder aandacht voor de ander.
Het is inmiddels een vertrouwd en haast iconisch beeld: PVV-leider Wilders die stoïcijns op zijn smartphone tuurt terwijl een collega-Tweede Kamerlid een betoog houdt dat hem aangaat. Maar Wilders is bepaald geen uitzondering. Bezie een gemiddeld debat in de plenaire vergaderzaal van ons parlement en wees ervan verzekerd dat zo’n beetje de helft van de Kamerleden tijdens de debatten aan hun schermpjes vastgelijmd zitten.
Dat is om verschillende redenen problematisch en gaat uiteindelijk ten koste van zoiets als een democratisch ethos. Zo’n ethos verwijst naar een individuele en collectieve grondhouding waarbij waarden als betrokkenheid, verantwoordelijkheid en respect centraal staan. Meer in het algemeen staat of valt een democratisch ethos bij het vermogen om een notie als menselijke waardigheid serieus te nemen en er inhoud aan te willen geven.
Over de auteur
Hans Schnitzler is filosoof en schrijver.
Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.
Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.
Zodra we de ander geen blik waardig gunnen, komt die waardigheid in het gedrang. En dat is precies wat er gebeurt zodra men in het praathuis bij uitstek – het parlement dus, afgeleid van het Franse ‘parler’, dat immers praten betekent – de mores van het gesprek met voeten treedt door de blik van de gesprekspartner te negeren. ‘Kijk me aan als ik tegen je spreek’ is een vorm van wellevendheid die voor de meesten van ons met de paplepel is ingegeven, maar waarvoor in het huis dat is ingericht op het voeren van het gesprek klaarblijkelijk een uitzonderingssituatie geldt.
De Tweede Kamer is geen gewone vergaderzaal en de schermmentaliteit van onze Kamerleden is meer dan louter een kwestie van omgangsvormen. Een gezonde democratische dialoog kan het niet zonder aandacht stellen, dat wil zeggen: die bijzondere vorm van betrokkenheid die het mogelijk maakt om de Ander te zien en te horen om zo voorbij het eigen perspectief te kijken en te luisteren.
De Franse denker Simone Weil noemde aandacht de ‘puurste vorm van gulheid’. Die definitie is zo treffend, omdat ze duidelijk maakt dat door aandacht te schenken aan iets of iemand, je als het ware jezelf wegschenkt. Ergens aandacht aan schenken betekent dat je je eigen presentie in toom houdt vanuit de wens om de ander ruimte te geven om te gedijen.
Wie deze aandachtsdynamiek veronachtzaamt, miskent de stem van een ander en holt het democratisch ethos uit. Al met al rust er een enorme verantwoordelijkheid bij Kamerleden om tijdens plenaire vergaderingen weerstand te bieden aan de smartphone; niet alleen om het goede voorbeeld te geven, maar ook om hun eigen vermogen tot aandacht te beschermen.
De smartphone is namelijk hét vehikel voor een aandachtsindustrie – lees: big tech – die er alles aan gelegen is om onze aandacht van het hier en nu weg te kapen en naar een overal en nergens te katapulteren. Dat is niet zonder gevolgen, want aandacht – en dat vergeten we vaak – is een menselijke hulpbron, net zoals water en lucht dat zijn. En waar zuivere lucht ons laat ademen, laat zuivere aandacht ons denken en voelen.
‘Aandacht is de brug die ons verbindt’, stelt de stichting ‘Aandacht voor aandacht’ in haar onlangs gestarte campagne voor een smartphonevrije Tweede Kamer. Een initiatief dat alle steun verdient, al helemaal in tijden waarin democratievijandige techbro’s er alles aan doen om die brug op te blazen. Kortom, beste Kamerleden, doe uzelf en ons een plezier, neem uw aandachtshuishouding serieus en verban de smartphone uit de plenaire vergaderzaal.
Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant