Voor de Democraten loopt elke route naar succes bij de senaatsverkiezingen via Maine. Het maakt de partijtop bloednerveus. Want kandidaat Graham Platner, een oesterkweker die wordt achtervolgd door schandalen, valt niet alleen Trump aan, maar ook hen.
is correspondent Verenigde Staten van de Volkskrant. Hij doet verslag vanuit Maine.
Wanneer Graham Platner de aula binnenslentert, handen in zijn zakken en blik naar de grond, een vaal honkbalpetje over zijn ogen getrokken, onderscheidt niets hem van het type man dat je door heel Maine ziet lopen. De havenwerkers, houthakkers en vissers van Amerika’s noordoostelijkste staat. Ruwe bolsters met baarden, tatoeages en de littekens van een woest verleden. En dat is precies het punt.
Door de mensenmassa heen bereikt Platner de katheder. Het publiek in kuststad Portland heeft hem nog nauwelijks opgemerkt. Voor de microfoon wrijft hij door zijn baard, fonkelende oorbelletjes, en dan: die stem.
‘We moeten leren van ons verleden’, dondert de Democraat, met een doorleefde bariton die ogenblikkelijk de ruimte vult. Niemand kijkt nog weg. ‘Wij hebben de kans om een beter, eerlijker land te bouwen.’
Platners stem is een wapen. In enkele maanden wist de 41-jarige oesterkweker – senaatskandidaat in het voor Democraten onmisbare Maine – uit te groeien tot een politieke sensatie. De getatoeëerde schoolverlater, met een levensloop vol controverses, geldt als het gezicht van een nieuwe generatie Democratische outsiders, onervaren en ongelikt, die de Amerikaanse arbeidersklasse moet loswrikken uit de greep van Donald Trump. Platner, hoor je hier, is de toekomst van links.
Maar het Democratische establishment in Washington werkte zijn opkomst actief tegen – en niet alléén vanwege zijn talrijke schandalen. Kandidaten als Platner trekken van leer tegen Republikeinen, maar ook tegen de elite van hun eigen partij.
‘Toen ik Graham voor het eerst hoorde spreken, viel mijn mond open’, zegt kiezer Nick Papin (60) in het naaldwoud buiten York, een pittoresk plaatsje aan Maines rotskust. Tientallen campagnevrijwilligers hebben zich hier verzameld, in de tuin van organisator Joanie Monteith, voor een strategiesessie. ‘Eindelijk een Democraat die niet oogt en klinkt als een politicus. Iemand die ik gelóóf.’
Het weer zit vies tegen. Gietregen verandert het mos op de tegels, dik als springkussens, in een glibberig modderbad. De groep vlucht al gauw naar binnen. Papin grist de laatste slice uit een met regenwater volgezogen pizzadoos.
Na dat eerste optreden besloot Papin met zijn echtgenoot Achala om 7.000 dollar te doneren aan de Platner-campagne, het wettelijk toegestane maximum. ‘Zoiets heb ik nooit eerder gedaan’, zegt de ondernemer. Tranen springen in zijn ogen. ‘Sorry’, stamelt hij. ‘Ik voel zo veel hoop bij Graham.’
Papin is het prototype kiezer dat Platner moet zien te overreden. Vier keer stemde hij op Republikein Susan Collins (73), de senator die Maine al 29 jaar vertegenwoordigt. Maar deze tweede termijn van Trump, getekend door corruptie en stijgende levenskosten, raakte Papin verwijderd van de partij.
Eenmaal op drift was het Platner die hem naar links lokte. Een draai die miljoenen Amerikanen komende november moeten maken, willen de Democraten een meerderheid in het Congres herwinnen.
Democraten hebben deze cyclus pech. Een derde van de Amerikaanse staten kiest in november een nieuwe senator, maar het leeuwendeel is uiterst conservatief. Daar maken ze geen schijn van kans. En alleen met controle over het hele Congres kunnen zij echt gewicht in de schaal leggen tegen Trump.
Zonder Maine lijkt dat uitgesloten. Voor een meerderheid in de Senaat moeten de Democraten maar liefst vier Republikeinse zetels zien af te snoepen en er intussen géén verliezen. De andere potentiële doelwitten – Texas, North Carolina, Ohio en Alaska – zijn demografisch gezien gecompliceerder dan deze dunbevolkte kuststaat.
Maine is wat ze hier een ‘paarse’ staat noemen: met één Republikeinse (rode) en één Democratische (blauwe) senator. Maar het paars lijkt eerder lila. Bij de presidentsverkiezingen helt de staat doorgaans naar links.
Als zelfs Maine deze ronde buiten bereik blijft, luidt de gedachte, dan zal dat ook voor andere plekken gelden. Elke route naar succes loopt dus via Platner. En dat maakt de Democraten in Washington, en ook sommigen hier, bloednerveus.
Platners politiek valt moeilijk te plaatsen: een wapenbezitter die pleit voor gratis gezondheidszorg. Een klimaatactivist die zich hardmaakt vóór de visserij. Een zelfverklaard ‘socialist’ die oogt en klinkt als het type plattelandsman dat Amerikanen doorgaans associëren met de achterban van Trump. En dan zijn er nog de schandalen.
‘Het is steeds hetzelfde liedje’, verzucht Graham Platner na een Democratisch evenement in Ellsworth. Buiten komt hij even op adem. De kandidaat heeft net een toespraak gegeven die binnen werd beantwoord met een staande ovatie. Maar nu begint hij gelijk over een artikel dat in de tussentijd verscheen: een profiel in Time Magazine. Platner blijkt het prestigieuze omslag te sieren.
Een jongensdroom voor menig politicus, maar Platner oogt gepikeerd. ‘Party crasher’, leest de kop. ‘De opkomst van de door schandalen geplaagde Democraat.’ Zijn campagnemanager glimlacht: ‘Goeie foto wel!’
Deze kandidaat zal zijn verleden nooit ontvluchten. Daarvoor is de lijst schandalen, simpelweg, te lang.
Tijdens zijn actieve jaren op internetforum Reddit, onder het pseudoniem P-Hustle, beledigde Platner haast elke groep denkbaar. Vrouwen die bezorgd zijn over seksueel geweld, schreef hij in 2013, zouden niet te dronken moeten worden. Politieagenten noemde hij ‘bastards’. Zwarte Amerikanen gaven volgens hem weinig fooi. Witte boeren in Maine zouden ‘echt racistisch’ zijn. Trump noemde hij een ‘cunt’. Zichzelf omschreef hij als een ‘psychedelica gebruikende socialist’.
Platner wijt die periode aan PTSS, overgehouden aan zijn tijd in het Amerikaanse leger. Als infanterist werd hij uitgezonden naar Irak en Afghanistan. Depressief keerde hij terug.
De onthullingen blijven komen. Afgelopen weekeinde berichtte The New York Times dat de getrouwde Platner seksueel getinte berichten stuurde naar een aantal vrouwen. Maar het grootste schandaal rust op zijn borst. Daar liet Platner ooit, met een groep dronken medesoldaten op verlof in Kroatië, een schedel en botten tatoeëren: een Totenkopf, symbool van de Waffen-SS. Platner zegt dat nooit te hebben beseft. Hij liet de tatoeage overtekenen.
De helft van deze bagage (‘Ik ben geen stiekeme nazi’, moest Platner publiekelijk verklaren) zou menig kandidaat de kop hebben gekost – en al helemaal op links. Maar bij Platner gebeurde iets anders. De Democraat gaf zijn fouten ronduit toe en zijn ster begon te rijzen.
‘Hij is een van ons’, zegt kreefthandelaar Ronnie Tundy (69) aan de kade van vissersplaats Stonington. ‘Geen perfect mens, maar een arbeider, net als wij.’ Met gekruiste armen ziet Tundy toe hoe zijn medewerkers vers gevangen haringen in containers vol zout storten. Aas voor de stalen kreeftenvallen, torenhoog opgestapeld, die hij straks te water laat.
Verderop plonst zeehond Casey verwachtingsvol door de golven. ‘Kom maar’, zegt Tundy, terwijl hij een hand zoute vis in het water gooit. ‘Ik heb altijd iets te vergeven.’
De ongelijkheid van de Amerikaanse samenleving is in dit deel van Maine niet te missen. De vissers bevoorraden restaurants die slechts ’s zomers zijn geopend, wanneer de toeristen weer van heinde en verre toestromen, en de allerrijksten hun dure villa’s aan het water voor een paar weken komen bevolken.
‘Buiten de zomer is het leven hier hard’, zegt kreeftenman Tundy. ‘Er valt in de kou weinig te vangen en er is niemand om aan te verkopen. We overbruggen tot het toeristenseizoen.’ Hij glimlacht. ‘Het ritme van Maine.’
Dit is de wereld waarin Platner opgroeide. Een kind van de middenklasse omringd door de arbeiders en zeelui van ‘Down East’, het dunbevolkte oostelijkste puntje van de VS. Zijn vader is er advocaat en zijn moeder restauranthouder – voer voor critici om Planters aanspraak op de arbeidersstem te betwisten.
Na zijn legertijd keerde Platner terug naar Down East. Hier begon hij zijn oesterkwekerij. En hier werd hij politiek gerekruteerd. De AFL-CIO, de grootste Amerikaanse vakbondsfederatie, zag in de welbespraakte oesterkweker een witte raaf: iemand die de arbeidersklasse kan verbinden met de progressieve bovenlaag. Een stem die door beide werelden wordt verstaan.
‘Graham voert een echte campagne voor de arbeidersklasse’, aldus senator Bernie Sanders in een telefonisch interview. De bekende progressief geldt als een van Platners steunpilaren in Washington. Vorige week reisde Sanders naar Maine voor een gezamenlijke campagnebijeenkomst. ‘Zijn succes stemt me hoopvol over november.’
Sanders zegt iets van zichzelf in Platner te herkennen. Niet qua esthetiek wellicht, wel qua politiek. Beiden zijn uiterst-linkse populisten die pleiten voor het doorbreken van de macht van het grote geld. En beiden ondervinden tegenwerking vanuit hun eigen partij.
‘Een voorbeeld van de aanhoudende macht van de oligarchie in Washington’, aldus Sanders, wiens nieuwe boek Tegen de oligarchie net in het Nederlands is verschenen. ‘Dat is niet alleen een probleem aan de Republikeinse zijde.’
Senaatsleider Chuck Schumer, ’s lands machtigste Democraat, besloot zich dit voorjaar te scharen achter de Democratische tegenkandidaat Janet Mills: de 78-jarige gouverneur van Maine en daarmee de belichaming van de oude garde. Mills kon rekenen op financiële en logistieke rugdekking van de partij. Platner niet, tot frustratie van zijn achterban.
‘Het establishment is bang voor hem’, zegt kiezer Aaron Rouse (47) in York. ‘Platner doet meer dan alleen Trump aanvallen. Hij wil alles anders doen.’
De Democraten verkeren in een richtingenstrijd. Wat is de beste manier om Trumps macht te doorbreken? Door heel het land mengt de partijleiding zich in de strijd door gematigde kandidaten te steunen die, zo hopen ze, voor gedesillusioneerde Republikeinen nét verteerbaar zijn. Ze kiezen voor ervaren politici die jarenlang zijn gezandstraald door het systeem.
Intussen winnen progressieve populisten, buitenstaanders die dat systeem op de korrel nemen, op veel plekken aan populariteit. Onvrede over de status quo, zeggen zij, is wat kiezers van beide zijden met elkaar verbindt. Tijd voor radicale ambities!
De kersverse New Yorkse burgemeester Zohran Mamdani is daarvan het succesvolste voorbeeld. Ook hij ondervond tegenwerking vanuit Washington. Deze ronde geldt datzelfde voor beloftevolle kandidaten als Abdul El-Sayed (Michigan), Zach Wahls (Iowa), Manny Rutinel (Colorado) en hier Graham Platner.
Gouverneur Mills hield het niet tot de voorverkiezingen vol. Eind april zag zij zich al genoodzaakt haar kandidatuur te staken. Van de populaire oesterkweker, constateerde Mills, viel niet te winnen. Maar is dat ook genoeg voor een zege, straks, tegen de Republikeinen?
‘Graham is een enorm aardige man’, zegt Diane Main (68) in de Dunbar Store, een schemerige buurtwinkel in Platners thuisdorp Sullivan. Hier verkopen ze trots zijn oesters. Het personeel vernoemde zelfs een broodje naar hem: de Graham Sandwich, een verbastering van het Amerikaanse broodje ham. Main glimlacht. ‘Maar ik ga absoluut niet op hem stemmen.’
Platner woont pal om de hoek, in een turquoise huis met een tuin vol oesterkooien. De kandidaat mag dan wel uit deze gemeenschap stammen, zegt Main, dat betekent nog niet dat zij hem gelóóft.
‘Ze verkopen hem met veel kabaal als man van het volk’, zegt Main, terwijl ze roert in een pannetje kipragout. ‘Maar zijn politiek is gewoon hartstikke links.’ Eerder stemde Main op Trump, nu steunt ze opnieuw de Republikeinse senator Susan Collins. ‘Alleen een volks imago is voor mij echt niet genoeg.’
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant