In een vergrijzende samenleving is er bijna per definitie een tekort aan risicodragend kapitaal. Spaarders zouden dat kunnen verstrekken, maar de vraag is of dat realistisch is.
In het Volkskrant Commentaar wordt het standpunt van de krant verwoord. Het komt tot stand na een discussie tussen de commentatoren en de hoofdredactie.
De Autoriteit Financiële Markten (AFM) zag het lange tijd als haar taak om Nederlandse burgers te waarschuwen voor de risico’s van beleggen, maar inmiddels waait er een andere wind. Begin vorige maand constateerde de AFM dat Nederlanders te weinig risico nemen. Ze laten de kans op rendement liggen, constateerde de toezichthouder, het zou goed zijn als de drempel om te beleggen wordt verlaagd.
De AFM staat hierin niet alleen. Mario Draghi, oud-voorzitter van de Europese Centrale Bank, concludeerde eerder al dat het goed zou zijn als Europese burgers hun spaargeld vaker zouden investeren, liefst in Europese bedrijven.
Op het eerste gezicht is de oproep goed te begrijpen. De rente ligt al jarenlang laag – sinds 2012 om precies te zijn, toen Mario Draghi als ECB-president de geldkraan wijd openzette – en de inflatie ligt juist vrij hoog, zeker in Nederland. Hierdoor wordt spaargeld elk jaar minder waard, zelfs nu de spaarrentes de laatste tijd iets gestegen zijn.
Europa kampt ook met een tekort aan investeringsgeld. Hierdoor hebben bedrijven een achterstand ten opzichte van China en de Verenigde Staten, waar investeringsgeld in overvloed is. Vooral voor beginnende ondernemingen of ondernemingen die een groeispurt willen maken, is te weinig risicodragend kapitaal beschikbaar. Het gevaar is dat nog meer bedrijven hun heil in de VS zoeken en de macht van de Amerikaanse techsector verder vergroten.
Europa snakt naar een tegenbeweging om economisch niet nog verder op achterstand te raken. Nu Amerika een steeds onbetrouwbaarder handelspartner wordt, is er een extra noodzaak om een Europese techsector te bouwen. Dat kan alleen als er ruim voldoende kapitaal beschikbaar is.
De vraag is echter of het een goed idee is om de Europese spaarder daarmee te belasten. Spaarders zoeken naar zekerheid, ze willen vooral zeker weten dat ze hun geld niet kwijtraken, naar voorspelbaarheid ook. Beleggen kost energie. Wie het verstandig wil doen, moet zich er eerst in verdiepen, zeker nu de wereld zo instabiel is en er een groot risico is op het klappen van een AI-zeepbel.
Sparen heeft ook voordelen voor de Europese economie. Banken hebben het nodig om hun balans sterk te houden; ze lenen het uit aan huizenkopers en bedrijven of besteden het aan obligaties. Het is dus niet zo dat er met dit geld niets gebeurt.
Het vervelende is dat een vergrijzende samenleving risicomijdender wordt, waardoor de beschikbaarheid van risicodragend kapitaal bijna per definitie lijkt af te nemen. Het is goed als Europa zich hier druk over gaat maken, maar de vraag is of spaarders daarin voorop moeten gaan.
Het is logischer om eerst naar de pensioenfondsen en andere grote beleggers te kijken. Daar werken professionele investeerders die goede risico-inschattingen kunnen maken. Het zou goed zijn als zij voor hun investeringen in de eerste plaats naar Europese bedrijven kijken; dat ze niet meer de hele wereld afreizen op zoek naar het hoogste rendement, maar het geld investeren op de plek waar het is verdiend, zodat het bijdraagt aan de economie van het land waar de gepensioneerden en andere investeerders leven. Dat is ook rendement.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant