Home

Colombia compleet verdeeld: extreemrechts op kop na eerste ronde verkiezingen

De eerste ronde van de Colombiaanse presidentsverkiezingen eindigde in een verrassend goed resultaat voor de extreemrechtse Abelardo de la Espriella. Hij wordt op de voet gevolgd door de linkse regeringskandidaat Iván Cepeda. Op 21 juni volgt de tweede ronde.

is correspondent Latijns-Amerika van de Volkskrant. Hij woont in Mexico-Stad.

Peilingen wezen al wekenlang op een tweestrijd tussen de linkse senator Iván Cepeda (63), kandidaat van de linkse regering van de uitgaande president Gustavo Petro (66), en de extreemrechtse nieuwkomer Abelardo de la Espriella (47), een conservatieve zakenman en advocaat die een ‘ijzeren hand’ belooft in de strijd tegen de georganiseerde misdaad en de guerrilla.

Toch was het resultaat van de eerste ronde van de presidentsverkiezingen op zondag 1 juni verrassend. Niet Cepeda, maar De la Espriella boekte het beste resultaat. Aan het eind van de dag stond hij op 44 procent van de stemmen en volgde Cepeda met 41 procent. De rechtse senator Paloma Valencia, kandidaat van de omstreden oud-president Álvaro Uribe (2002-2010), presteerde veel minder goed dan voorspeld. Rechtse kiezers schaarden zich massaal achter hardliner De la Espriella.

Existentiële keuze

Over drie weken, op 21 juni, vindt de tweede en beslissende verkiezingsronde plaats. De laatste fase van de campagne belooft een bloedstollende strijd te worden om de circa 15 procent van de kiezers die in eerste instantie niet bij De la Espriella of Cepeda uitkwamen. De 54 miljoen inwoners van Colombia staan voor een haast existentiële keuze: het verschil tussen de kandidaten en hun programma’s kan niet groter zijn.

De kiezers die in De la Espriella een sterke man zien die het land zal redden van het groeiende drugs- en guerrillageweld, vrezen ten diepste een voortzetting van de linkse, zacht gezegd haperende vredespolitiek van de regering-Petro. De aanhangers van Cepeda en Petro, die juist hopen op voortzetting van de dialoog met gewapende groepen en op onderwijs, zorg en sociale programma’s in de armste regio’s van het land, kijken met afgrijzen naar de keiharde afrekenpolitiek van de extreemrechtse kandidaat.

Uitzoomend gaan deze verkiezingen niet enkel over voortzetting van links of een u-bocht naar extreemrechts. Tien jaar nadat het Latijns-Amerikaanse land een historische vrede tekende met de Revolutionaire Strijdkrachten van Colombia (Farc), gedurende decennia de grootste guerrillagroep van Colombia, staat dat idealistische en tegelijkertijd gebrekkige vredesproces opnieuw ter discussie.

Een decennium geleden koos het land onder leiding van de centrumrechtse president Juan Manuel Santos voor iets wat nooit eerder was gelukt: Colombia gaf een nieuwe kans aan guerrillastrijders én aan de boeren die onder de aanwezigheid van de Farc hadden geleden. De akkoorden waren veel omvangrijker dan alleen de afspraak dat de Farc-soldaten hun wapens inleverden en hun kampen in de jungle verlieten. De overheid zou slachtoffers ondersteunen en compenseren en zou zich vestigen in de voormalige Farc-territoria met politie en sociale programma’s.

Toename guerrilla- en drugsgeweld

De Farc ontwapende, maar de overheid (na Santos geleid door de rechtse Iván Duque) faalde in de uitvoering van de rest van de afspraken. Waar de Farc vertrok, grepen andere gewapende groepen de macht. Na een historisch vredig jaar nam het guerrilla- en drugsgeweld sinds 2016 alleen maar weer toe.

In 2022 won Petro met de belofte dit keer wel duurzame vrede te brengen. Onmiddellijk na zijn aantreden reikte hij de hand aan alle gewapende groepen van Colombia, maar al snel verslikte hij zich in de haast onmogelijke klus. Criminele groepen wilden wel praten, maar niet ontwapenen.

Zie hier de verkiezingen van 2026. Veel Colombianen concluderen dat het vredesproces een grote mislukking is en dat praten met de guerrilla en drugsbendes geen oplossing, maar een zwaktebod is gebleken. Aan de andere kant staan miljoenen Colombianen – vaak zelf slachtoffers van de territoriumoorlogen in het Amazonewoud, in de bergen en op het achtergestelde platteland – die ervan overtuigd zijn dat het vredesproces nooit een echte kans heeft gehad en meer tijd verdient.

Botsende wereldbeelden

Die twee botsende wereldbeelden worden belichaamd door twee compleet verschillende mannen. Cepeda, met brilletje, een traditioneel linnen overhemd en een zachte glimlag, spreekt in genuanceerde toespraken over slachtoffers en dialoog. De la Espriella, strak gemillimeterd baardje dat de kaaklijn accentueert, een hand in een militaire saluut tegen het voorhoofd, spiegelt zich hardop aan Donald Trump, aan de Salvadoraanse autoritaire leider Nayib Bukele en de Argentijnse ultrarechtse Javier Milei.

De vrede heeft gefaald, zegt de strafrechtadvocaat, het is tijd om vuur met vuur te bestrijden. Hij lijkt nog slechts een sprintje te hoeven trekken richting de overwinning op 21 juni. Tenzij de kiezers in het midden hem toch te extreem vinden en, met lichte tegenzin, toch uitkomen bij Cepeda.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next