Dean Harrison heeft zondagmiddag de zes ronden lange Superbike TT race gewonnen van de 2026 Isle of Man TT. De Honda Racing UK rijder leidde de eerste race van de week van start tot finish en kwam 15,5 seconden voor Peter Hickman over de finish met 33-voudig TT-winnaar Michael Dunlop daarachter als derde eindigde.
Zondagmiddag werd de eerste wedstrijd van de 2026-editie van de Isle of Man TT verreden. Aanvankelijk zou op zaterdag de Superstock TT verreden worden maar vanwege laaghangende bewolking op de Mountain, en hier en daar ook wat regenval, werd besloten om het programma af te gelasten. Hierdoor werd de raceweek op zondag afgetrapt met de Superbike TT race over maar liefst 60 ronden, in totaal dus 360 kilometer.
Dean Harrison was in de openingsronde meteen het snelst bij het eerste meetpunt ter hoogte van Glen Helen en had daar al een voorsprong van 4,8 seconden op Michael Dunlop, Peter Hickman volgde op iets meer dan een halve seconde daarachter op de derde plaats. Josh Brookes lag op dat moment vierde op 3,1 seconden achter Hickman en slechts 0,7 seconde voor John McGuinness, de inmiddels 54-jarige coureur met 23 TT-overwinningen achter zijn naam. Zestienvoudig TT-winnaar Ian Hutchinson bezette de zesde plaats, minder dan een seconde achter McGuinness.
Bij Ballaugh was Harrisons voorsprong gegroeid tot 7,3 seconden. Zijn sectortijd vanaf Glen Helen was slechts 0,8 seconde langzamer dan het snelste ooit gereden in deze sector. De strijd om de tweede plaats bleef echter spannend: Dunlop en Hickman werden gescheiden door slechts 0,752 seconde. Brookes en McGuinness behielden de vierde en vijfde plaats, terwijl de lokale rijder Nathan Harrison was opgeklommen naar de zesde positie.
Toen het veld voor het eerst Ramsey bereikte, had Dean Harrison nog eens een halve seconde aan zijn voorsprong toegevoegd. Hij en Dunlop reden vrijwel identieke tijden tussen Ballaugh en Ramsey, maar Hickman verloor wat terrein en stond nu 1,9 seconde achter Dunlop. Op de zesde plaats was er opnieuw een wisseling: de Ierse coureur Mike Browne verdrong Nathan Harrison naar de zevende plek.
Over de Mountain bleef Dean Harrison zijn voorsprong uitbreiden. Een openingsronde met een gemiddelde snelheid van 134,892 mph gaf hem een marge van 12 seconden op Dunlop (133,297 mph). Hickman (133,175 mph) zat minder dan een seconde achter Dunlop nadat hij terrein had goedgemaakt tijdens de afdaling van de Mountain. Brookes bleef vierde, inmiddels 7,7 seconden achter Hickman.
McGuinness (131,185 mph), rijdend in een speciale kleurstelling om zijn TT-debuut van 1996 – inmiddels al 30 jaar geleden – te eren, hield de vijfde plaats vast en had een voorsprong van 4,7 seconden op Hutchinson (130,583 mph). Browne, Nathan Harrison, Jamie Coward en David Johnson maakten de top tien compleet. Dominic Herbertson viel in de eerste ronde uit met een technisch probleem ter hoogte van Hillberry.
Vooraan bleef Dean Harrison onverminderd doorgaan. Zijn voorsprong op Dunlop bedroeg bij Glen Helen in de tweede ronde al 15,2 seconden, terwijl het verschil tussen Dunlop en Hickman voor de tweede plaats slechts 1,2 seconde was.
Op weg naar Ballaugh voegde Harrison nog eens twee seconden aan zijn voorsprong toe. Tegen de tijd dat hij voor de tweede keer Ramsey bereikte, bedroeg zijn marge 20,2 seconden. Inmiddels had Hickman de tweede plaats overgenomen, omdat Dunlop tijd verloor terwijl hij een weg probeerde te vinden langs Nathan Harrison. De Noord-Ier kwam daardoor 1,3 seconde achter Hickman terecht.
Bij de Bungalow was dat verschil weer geslonken tot 0,388 seconde. Een tweede ronde van 134,765 mph betekende echter dat Harrison na een derde van de race al een comfortabele voorsprong van 24,3 seconden had. Dunlop (133,143 mph) heroverde de tweede plaats, maar slechts met 0,293 seconde voorsprong op Hickman (133,227 mph). Brookes (132,025 mph) en McGuinness (132,053 mph) lagen vierde en vijfde, gescheiden door zeven seconden, terwijl Hutchinson (130,073 mph) zesde bleef.
Coward (130,335 mph) klom op naar de zevende plaats. De top tien werd verder gevormd door Nathan Harrison, Browne en Conor Cummins, die net geen ronde van 130 mph wist te rijden.
Dunlops pitstop was bijna vier seconden sneller dan die van Dean Harrison, maar toch bedroeg Harrisons voorsprong bij Glen Helen in ronde drie nog altijd 24,4 seconden. Het gevecht om de tweede plaats bleef uiterst spannend: slechts 0,332 seconde scheidde Dunlop en Hickman. David Johnson viel ondertussen uit vanaf de elfde positie toen hij ter hoogte van Glen Darragh zijn Kawasaki aan de kant moest zetten.
Halverwege de race had Harrison zijn voorsprong verder vergroot. Het verschil met de nieuwe nummer twee, Hickman, was opgelopen tot 28,2 seconden. Hickman had zijn achterstand op Dunlop omgezet in een voorsprong van 2,4 seconden, mede dankzij een zeer goede pitstop van het 8Ten Racing team. Brookes bleef vierde en hield McGuinness op ongeveer zeven seconden afstand. Coward was inmiddels opgeklommen naar de zesde plaats en had 4,6 seconden voorsprong op Hutchinson.
In de vierde ronde groeide Harrisons voorsprong voor het eerst tot meer dan een halve minuut bij Glen Helen. De strijd tussen Hickman en Dunlop bleef echter onverminderd hevig, met slechts 0,784 seconde verschil. Bij Ballaugh was het verschil vrijwel identiek: 0,750 seconde.
Aan het einde van ronde vier, tijdens de tweede pitstop, zorgde een ronde van 134,120 mph ervoor dat Harrison met 33 seconden voorsprong aan de leiding bleef. Dunlop (133,808 mph) lag nog steeds tweede, met Hickman (133,409 mph) slechts 0,6 seconde achter zich.
Brookes lag 46 seconden achter op de vierde plaats, maar McGuinness was dichterbij gekomen tot 5,2 seconden. Ook de strijd om de zesde plaats was spannend: Coward had slechts 3,1 seconden voorsprong op Hutchinson, terwijl beide rijders gemiddeld meer dan 130 mph reden. Nathan Harrison, Browne en Cummins bezetten nog steeds de plaatsen acht tot en met tien.
Dankzij een snelle pitstop verkleinde Hickman zijn achterstand op Harrison tot 29 seconden en pakte hij bovendien twee seconden voorsprong op Dunlop. Ook McGuinness profiteerde van een snelle stop: de 23-voudig TT-winnaar bracht zijn achterstand op Brookes terug tot slechts 1,3 seconde. Later bij Ramsey Hairpin bedroeg het verschil nog steeds slechts anderhalve seconde.
Bij het ingaan van de zesde en laatste ronde had Harrison een voorsprong van meer dan 26 seconden op Hickman. In de slotfase kon hij het tempo iets laten zakken en uiteindelijk kwam hij 15,5 seconden voor zijn rivaal over de finish. Hickman reed bij zijn rentree na een blessure een sterke race en eindigde als tweede, mede dankzij een laatste ronde van 134,587 mph. Dunlop (133,933 mph) completeerde het podium op de derde plaats, 12,4 seconden achter Hickman.
Brookes (133,819 mph) wist uiteindelijk 19,5 seconden uit te lopen op McGuinness (132,248 mph) en stelde daarmee de vierde plaats veilig. De strijd om de zesde positie duurde tot aan de finish, waarbij Hutchinson (132,200 mph) Coward (131,650 mph) met slechts 1,2 seconde versloeg. Nathan Harrison, Browne en Paul Jordan maakten de top tien compleet. Jordan noteerde in de laatste ronde voor het eerst een gemiddelde van boven de 130 mph met een gemiddelde snelheid van 130,656 mph.
Buiten de top tien reden verschillende coureurs hun persoonlijk snelste ronde ooit, waaronder Marcus Simpson (128,312 mph) op de zestiende plaats, Michael Sweeney (127,684 mph), Erno Kostamo (127,207 mph), Mitch Rees (127,082 mph), AJ Venter (127,357 mph) en Jamie Cringle (127,334 mph).
Voor Harrison, die met 134,892 mph de snelste ronde van de race reed, was het zijn eerste overwinning in de Superbike TT en zijn zesde TT-zege in totaal. Daarmee komt hij op gelijke hoogte met legendarische namen als Jimmy Guthrie, Geoff Duke, John Surtees, Jim Redman en zijspanpassagier Chas Birks.
Never be Clever Racing coureur Amalric Blanc werd in deze eerste race van de week 39e.
Uitslag:
Klik hier voor de volledige uitslag
Op maandag is er weer een rustdag op het Isle of Man waarna er op dinsdag twee races op het programma staan: de eerste Supersport TT race over 4 ronden en de eerste Sportbike TT race over 3 ronden.