Home

Uitzwaaitraining in Zeist, als prelude voor misschien wel een heel mooie zomer voor Oranje

Het Nederlands elftal begon zondag de voorbereiding op het WK met een uitzwaaitraining in Zeist, waar vooral kinderen op afkwamen die zich nog niet afvragen waarom Wout Weghorst is geselecteerd. Ook oud-internationals waren uitgenodigd. ‘Mijn vrouw zwaaide mij vroeger uit.’

is voetbalverslaggever van de Volkskrant.

Het doel van Oranje deze zomer is op papier simpel te formuleren: de wereldtitel veroveren, voor het eerst in de geschiedenis. De praktijk is weerbarstig, want alleen het begin van de route is eenvoudig en te overzien. Trainen in Zeist. Even lekker vrij voetballen voor enthousiast publiek, met al die bijnamen en afkortingen van de spelers. Ti is Tijjani Reijnders, Cry is Crysencio Summerville.

De route dus. Woensdag voetballen tegen Algerije in Rotterdam. Weer uitzwaaien dus na afloop, maar dan voor een vol stadion in de Kuip. Donderdag naar New York vliegen om te trainen en tegen de Oezbeken te spelen. Vervolgens naar het basiskamp in Kansas City, Missouri, en dan zoveel mogelijk wedstrijden spelen op het WK, zwervend door het oneindige land. Minimaal drie duels, liefst acht, inclusief de finale in het MetLife Stadium nabij New York.

De aftrap was zondag klein en fijn, in een bosrijk gebied in Midden-Nederland. Uitzwaaien is tegenwoordig een geplande, officiële activiteit. Het past qua woord eigenlijk meer bij afscheid, al is het hier pas het begin.

Precies om 12 uur zondag is de temperatuur al in WK-vorm. De omroeper heeft het publiek in de aanloop al een paar keer gevraagd mee te zingen met krakers uit het stadion. ‘Zing mensen, zing, zing.’ Als de spelers het trainingsveld betreden, schalt het lied Ewa Safi uit de luidsprekers. Dat is een deze maand gelanceerde song van Noano, de artiestennaam van dribbelaar Noa Lang, waarbij hij assistentie krijgt van Lil’ Kleine. Of Lang assisteert Kleine, dat kan ook natuurlijk.

‘Iedereen praat over Noano’, is een van de zinnetjes in de rap. Dat is overigens nog maar de vraag, als het om het WK gaat. Noa Lang is een van de 26 geselecteerden, en niet meteen een beoogd basisspeler. Maar hij is erbij, bij de selectie van 25 nog, want Jurriën Timber speelde zaterdag de finale van de Champions League met Arsenal.

Wolter Kroes

Terwijl Lang op kicksen het veld op loopt, klinkt zijn rap. Best grappig. Zingende voetballers zijn van alle tijden. Ja, eerst was daar zondag natuurlijk de onvermijdelijke Wolter Kroes met Viva Hollandia, maar muziek rond het nationale elftal is tegenwoordig ook de keuze van de spelers, en niet alleen van het volk dat naar de voetballers komt kijken. Van Jonna Fraser bijvoorbeeld, ook met symboliek: We’re all gonna make it. En daarna dus Noano.

Vijftienhonderd supporters konden zich melden voor de training. Veel kinderen zijn met hun ouders mee. Zij missen het cynisme van volwassenen, die zich afvragen waarom Wout Weghorst is opgeroepen, en waarom Joey Veerman niet. Kinderen zijn gewoon enthousiast en blij om al die grote voetballers te zien, zeker als die sterren een loopje maken richting de kant waar ze staan.

Ze zijn zo dichtbij nu, hun idolen. Ze zouden ze willen aanraken, maar dat mag dan weer niet. Dan maar juichen met z’n allen. Ze klappen tijdens een partijspel voor de prachtige lob van Justin Kluivert, die via de paal in het doel rolt, na een kunstige, effectvolle pass van Jan Paul van Hecke, die zaterdag al in Arnemuiden is uitgezwaaid door de Zeeuwen uit het dorp.

Vroeger was er niet zoiets als een uitzwaaitraining. Althans, er was een laatste wedstrijd voor een WK, maar die heette toen nog geen uitzwaaiwedstrijd. Die is dus woensdag. Nu is er zelfs een uitzwaaitraining. Het is ook een kwestie van commercie, deze deels strak gestuurde show rond Oranje, dat op weg is naar iets groots. Althans, dat is de bedoeling.

Dampende hitte

Met reclames, met een thema: Be Bold, be Oranje. Wees dapper, wees Oranje. Dit is het verhaal over het grootste WK ooit, met 48 landen, met 104 duels in drie landen, want naast de Verenigde Staten doen Mexico en Canada mee in de organisatie. Ja, het is veel, te veel in velerlei ogen, maar het is een voldongen feit. Kijken staat vrij. Er zijn verhalen over verschillende tijdzones, over dampende hitte straks, over voetballen midden op de dag vanwege de uitzendtijden in de rest van de wereld of over gruwelijke luchtvochtigheid.

Dokter Edwin Goedhart geeft voorlichting over het langzaam wennen aan de Verenigde Staten, met eerst een trainingskamp in New York. Waarbij aangetekend dat de hitte makkelijker te verdragen is dan de hoge luchtvochtigheid, die vooral later te voelen zal zijn in Kansas, in de Midwest, in het enige stadion voor Oranje in de groepsfase zonder dak en koeling. Vooral tegen eind juni kan het bijna ondraaglijk zijn, als Nederland in Kansas zijn derde groepsduel speelt met Tunesië.

Het WK is commercie, het is verbinding tussen mensen wereldwijd. Het is van alles en nog wat. Rosella Passier, captain marketing bij de bond, hield onlangs een met Engelse termen doorspekt verhaal over ingevlogen influencers, fanzones, digitale platformen, party’s met supporters en vip-preparty’s, met fanwalks en meeting points, ook om Generation Z te binden aan het spel dat in de basis nog hetzelfde is als honderd jaar geleden. De KNVB verwacht tegen de 5.000 supporters per duel van Oranje, van wie een deel zal bestaan uit Amerikanen met Nederlandse roots.

Jan Poortvliet

Deze training hier in Zeist is slechts het begin van een hete zomer. De omroeper kondigt de spelers aan, die zich overgeven aan een aantrekkelijke training van een uur. De KNVB heeft oud-internationals uitgenodigd, onder wie Jan Poortvliet, John van Loen, Willy van de Kerkhof, Denny Landzaat, Stan Valckx en een paar anderen, ter opluistering van de vreugde.

‘Mijn vrouw zwaaide mij uit’, zegt Theo de Jong na een vraag over uitzwaaien in vroeger tijden. De Jong scoorde in 1974 met een mooie, vallende kopbal tegen de Bulgaren, op het WK van de geboorte van het zogenoemde totaalvoetbal, het type spel dat sindsdien de lust en de last van Oranje is.

Want bij elk toernooi is daar weer die vergelijking met toen, hoe goed en aanvallend het spel destijds was en hoe magertjes tegenwoordig, al sterft de generatie van toen langzaam uit. Totaalvoetbal is de schaduw uit het verleden. Misschien is het ook wel verstandig om in de moeilijke omstandigheden ook zuiniger te spelen, met meer verdedigers, mikkend op de snelheid van bijvoorbeeld Donyell Malen en Crysencio Summerville, de debutant in de selectie.

Ernie Brandts, ook zo’n genodigde oud-international, zou het wel weten. Gebruik ze, die verdedigers. Brandts zegt altijd dat hij drie keer scoorde tijdens het WK van 1978 in Argentinië (Oranje eindigde als tweede), met de aantekening dat een keer in eigen doel was. Hij kwam uit de Achterhoek. ‘Het hele dorp Nieuw-Dijk, bij Didam, was uitgelopen om me uit te zwaaien. Mijn vader had een bakkerij, mijn oom een café annex Albert Heijn. Iedereen kwam me daar een handje geven: succes, Ernie, zeiden ze dan.’

Crysencio Summerville

Een man met een imposante torso langs het speelveld draagt een shirt van West Ham United. Is hij soms familie van Crysencio Summerville van West Ham, de verrassing in de selectie? Nee, het is zijn persoonlijke trainer. Hij heet Ivandro Monteiro en hij is Kaapverdiaan. ‘Hij noemt me wel zijn tweede vader.’ Hij laat filmpjes op zijn telefoon zien, van trainingen door de jaren heen met Summerville, met wie hij al werkte toen die nog in de jeugd van Feyenoord speelde. Kracht, coördinatie, snelheid.

Kijk, wijst hij op zijn telefoon. Eerst een training, en dan een clip van een doelpunt tegen Fulham, door Summerville gestuurd met de begeleidende tekst dat het precies zo ging als in de training. De dribbel naar binnen, de schijnbeweging, de overname van de bal met de buitenkant van de linkervoet, het schot. Monteiro: ‘Het is een kwestie van herhalen, herhalen en herhalen. Dag en nacht.’

Summerville was de laatste dagen bij Monteiro om nog extra te trainen. Hij wil slagen. Het heeft lang geduurd voordat hij is opgeroepen, mede omdat hij in maart geblesseerd was. Hij vertrok jong uit Nederland en was soms een beetje uit beeld, ook omdat hij bij Leeds een jaar in de Championship voetbalde.

Monteiro traint hem al sinds zijn 13de, en niet alleen in de sportschool. In de heuvels, in het zand, op de weg. Hij is klein, doch sterk, snel en behendig. Ideaal voor het spel op de tegenaanval en wie weet, speelt Oranje straks vaker op de counter dan de bedoeling is. Monteiro: ‘Hij heeft verrassingen, in zijn benen en in zijn hoofd.’

Na een uur is de uitzwaaitraining voorbij en keert de rust terug op en rond de velden in de zingende bossen van Zeist. De spelers zwaaien naar het publiek. Nee, geen handtekeningen. Medewerkers ruimen alles weer op. Bijna alle oranje spullen verdwijnen. Maandag is er een gewone training, besloten voor publiek en pers. Dan begint het spel echt.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next