Wie in Ghana openlijk lhbti’er of ‘bondgenoot’ van lhbti’ers is, riskeert binnenkort een celstraf. De Ghanese wetswijziging past binnen een bredere tendens: wetten tegen de lhbti-gemeenschap lijken in heel Afrika steeds strenger te worden.
is nieuwsverslaggever van de Volkskrant.
De nieuwe wet breidt de bestaande Ghanese anti-lhbti-wetgeving fors uit. Homoseksualiteit was al verboden op grond van wetten uit de koloniale tijd, maar daar komt nu een expliciete strafbaarstelling en gevangenisstraf bij. Wie zichzelf openlijk identificeert als lesbisch, homo, biseksueel, transgender of queer, riskeert celstraffen tot 3 jaar.
Ook wie zichzelf een ‘bondgenoot’ van de lhbti-gemeenschap noemt, of lhbti-activiteiten ‘promoot’, riskeert celstraf. Die kan oplopen tot 10 jaar. Opmerkelijk is ook een nieuwe meldplicht: burgers moeten zogeheten ‘verboden handelingen’ aangeven bij de politie.
Voornamelijk christelijke groeperingen in het West-Afrikaanse land drongen al jaren aan op de wetswijziging. Mensenrechtenorganisaties maken zich grote zorgen. Human Rights Watch stelt onder meer dat de nieuwe wet het van lhbti’ers in gevaar brengt en mensen aanmoedigt elkaar te bespioneren en aan te geven.
De wet moet nog worden ondertekend door president John Dramani Mahama voordat ze van kracht wordt. In 2024 strandde een eerdere versie van de wet nog op precies dat punt: toenmalig president Nana Akufo-Addo weigerde zijn handtekening te zetten. Waarschijnlijk zal zijn opvolger niet weigeren. Mahama heeft de lhbti-gemeenschap al langer op de korrel. Zo zei hij kort na zijn aantreden vorig jaar: ‘Ik geloof dat er slechts twee geslachten bestaan, man en vrouw, en dat het huwelijk iets tussen hen is.’
Ghana is eerder regel dan uitzondering. In ruim 30 van de 54 Afrikaanse landen is homoseksualiteit strafbaar. Wereldwijd criminaliseren 64 landen homoseksualiteit, bijna de helft daarvan ligt dus in Afrika.
Veel landen hebben nog strengere wetgeving dan Ghana. In landen als Soedan, Tanzania en Zambia kunnen gevangenisstraffen oplopen tot levenslang. De strengste wetgeving is te vinden in Mauritanië en in de noordelijke regio’s van Nigeria en Oeganda, waar in sommige gevallen de doodstraf kan worden opgelegd.
Zuid-Afrika is het enige land op het continent waar het homohuwelijk wettelijk is erkend en waar de grondwet bescherming biedt tegen discriminatie. Enkele Afrikaanse landen hebben de laatste jaren stappen ondernomen om hun lhbti-beleid te decriminaliseren. Zo maakte Gabon in 2020 een wet ongedaan die homoseksualiteit strafbaar stelde. Ook Botswana, Mozambique en Angola hebben de afgelopen jaren anti-lhbti-wetten afgeschaft.
Toch gaat het in het merendeel van de Afrikaanse landen een andere kant op. Een recent voorbeeld is Senegal, waar de president in maart de maximumstraf op seksuele handelingen tussen mensen van hetzelfde geslacht verdubbelde naar 10 jaar cel. Ook verbood hij financiële steun aan of promotie van homoseksualiteit. Kort voor de nieuwe wet werden zo’n twaalf mannen gearresteerd in hoofdstad Dakar, nadat de politie de telefoon van een aangehouden televisiepresentator had gebruikt om diens contacten op te sporen.
Ook in de rest van de Sahel-regio wordt de wetgeving steeds strenger: Mali en Burkina Faso namen in respectievelijk 2024 en 2025 voor het eerst wetten aan die homoseksualiteit strafbaar stellen, iets wat in die landen tot dan toe niet het geval was. De meest extreme aanscherping geldt voor Oeganda. President Yoweri Museveni ratificeerde in 2023 een wet die wereldwijd als een van de strengste wordt beschouwd, met onder andere levenslange gevangenisstraffen voor homoseksuele handelingen, en in bepaalde gevallen zelfs de doodstraf.
De anti-lhbti-wetten worden vaak door voorstanders gepresenteerd als bescherming van ‘Afrikaanse familiewaarden’ en culturele identiteit, ook de Ghanese wet draagt een soortgelijke naam: ‘The Human Sexual Rights and Family Values Bill’. Opmerkelijk is dat dit narratief sinds enkele jaren ook een concrete organisatievorm heeft gekregen: sinds 2022 vindt er een jaarlijkse conferentie plaats over ‘familiewaarden’, waaraan parlementsleden uit tientallen Afrikaanse landen deelnemen.
Volgens Ghanese pro-lhbti-actiegroep Rightify speelt deze conferentie een rol in de ontwikkeling van wetgeving. De eerste drie edities waren in Oeganda, de vierde staat volgende week gepland in de Ghanese hoofdstad Accra. Volgens de actiegroep volgt Ghana daarmee een patroon dat zich eerder in Oeganda voltrok: eerst een strenge wet aannemen, dan de conferentie huisvesten, en daarna de wet officieel laten ondertekenen door de president. Rightify wijst daarnaast op de betrokkenheid van conservatieve organisaties uit het rijke Westen. Onder meer het Nederlandse Christian Council International en het Amerikaanse Family Watch International waren bij eerdere edities aanwezig.
Berichten over de lobby van dergelijke streng christelijke groeperingen op het continent klinken al langer. Zo vond het Britse mediaplatform openDemocracy in 2020 dat ruim twintig Amerikaanse christelijke organisaties sinds 2007 minstens 54 miljoen dollar hadden uitgegeven in Afrika, onder andere in campagnes tegen lhbti-rechten en toegang tot abortus. Cijfers van het Institute for Journalism and Social Change laten zien dat die uitgaven de laatste jaren toenemen; in 2022 gaven dergelijke organisaties gezamenlijk naar schatting 4,5 miljoen euro uit op het continent, bijna 50 procent meer dan in 2019.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant