is politiek verslaggever van de Volkskrant. Hij schrijft over veiligheid, diplomatie en buitenlands beleid.
Een recent Kamerdebat over ‘de situatie in het Midden-Oosten’ ging, tot de minister van Buitenlandse Zaken aan het woord kwam, bijna alleen over Israël – wat het land doet, wat ertegen gedaan moet worden, wat het kabinet doet of niet doet, wat sommige partijen hier van denken, of juist niet, en dat dat een schande is, of juist niet. Superlegitiem en belangrijk, maar dat er tegelijk een oorlog tegen Iran woedde met grote gevolgen voor Europa – ons continent – raakte ondergesneeuwd in de verhitte onderlinge debatten.
Over onze columns
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Het past in de moderne trend van een parlement met zeventien fracties die elkaar vaak zo graag urenlang in de haren vliegen dat de tijd die overblijft voor het controleren van de macht – ergo, de minister – soms schamel is. Dat brengt een minister dan in de gerieflijke positie waarin hij of zij in rap tempo alle punten langs loopt, nieuwe informatie verstrekt, en overkomt als scheidsrechter die, na een chaotische, emotionele rugbywedstrijd in rustige toon de uitslag verkondigt – nauwelijks tegengesproken door Kamerleden die dan allang dodelijk vermoeid in hun stoeltjes hangen.
Dit om maar te zeggen: zelfs als het om internationale conflicten gaat die wél in de schijnwerpers staan, is de aandacht soms op aparte wijze verdeeld, volgens moeilijk te doorgronden menselijke algoritmes. Zelfs de dagelijkse, systematische schending door Rusland van het oorlogsrecht en elk denkbaar mensenrechtenverdrag leidt inmiddels tot weinig meer dan het kortstondig optrekken der wenkbrauwen van westerse media.
Het is dus ongelijk verdeeld in de wereld – niet alleen tussen rijk en arm, maar ook tussen aandachtsrijk en aandachtsarm, en zelfs binnen conflicten die wél aandacht krijgen. Ik denk regelmatig terug aan de mensen – duizenden, tienduizenden? – die in Marioepol slachtoffer werden van Poetins geopolitieke frustraties en, ongezien en ongeregistreerd, in een massagraf eindigden. Over de brute repressie door Hamas van dissidente Palestijnse stemmen in Gaza hoor ik vooral van Palestijnen op sociale media.
Dus stel u voor hoe het is met oorlogen die überhaupt geen aandacht genereren. Vaak betreft het conflicten in Afrika. Soms lijkt dit het gevolg van een informeel monsterverbond tussen publieke desinteresse en bewuste keuzes van journalisten en hulpverleners. Want, excusez le mot, er moet wel een ‘markt’ voor zijn. Daarbij zijn journalisten gespitst op ‘andere verhalen’ over Afrika, opdat men niet denkt dat er alleen oorlog is. ‘Africa Rising’, The Economist stelt het regelmatig vast.
Op zich terecht, want er is ook een enorme dynamiek in Afrika – en de stereotypen zijn hemeltergend. Maar het ontslaat ons gilde niet van de plicht over de oorlogen daar te berichten en de mensen daarin een gezicht te geven. Wat het publiek ermee doet, is een andere vraag: de zuivering van tienduizenden Armeniërs uit Nagorno-Karabach was na een week vergeten.
De oorlog die tussen 2020 en 2022 woedde in Tigray, het noordelijke deel van Ethiopië, behoort waarschijnlijk tot de meest genegeerde massaslachtingen van onze tijd. Soms zie ik, zoals in de uitstekende analyse van Iva Venneman, de schattingen van 600 duizend doden weer passeren. Cijfers die het voorstellingsvermogen tarten. Wat zou de rode lijn voor Afrikaanse oorlogen zijn, een miljoen doden? Schattingen, want de strijdende partijen hebben in zulke conflicten meestal geen ministerie van Gezondheidszorg dat elke dag met kant en klare cijfers de internationale media bedient.
Dwingende blikken van buiten ontbreken ook nu weer vrijwel totaal – ook nu al maanden wordt gewaarschuwd voor een nieuwe geweldsexplosie in Ethiopië. SOS Kinderdorpen meldt dat nu al 21 miljoen Ethiopiërs dringend humanitaire hulp nodig hebben en 1,3 miljoen kinderen aan acute ondervoeding lijden. Ik moet denken aan al die mensen in conflicten die om wat voor reden dan ook niet mediageniek zijn – en wier dood door geweld geen enkele verontwaardiging oproept, en zelfs niet als statistisch gegeven geregistreerd zal worden.
Is internationale empathie nog slechts een van de vele fronten van de cultuuroorlogen die het Westen splijten? Soms lijkt het humanisme dood, maar eigenlijk geloof ik dat niet. Sommige ideeën overstijgen de passies en eigenaardigheden van hele generaties, tijdperken, eeuwen zelfs. Goede ideeën – maar helaas ook de slechte.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant