is columnist van de Volkskrant en werkt als adviseur voor overheden en maatschappelijke organisaties.
Heuglijk nieuws! De branchevereniging Vergunde Nederlandse Online Kansspelaanbieders, de VNLOK, heeft een nieuwe directeur. Ik ga u daar aan het eind van deze column een vraag over stellen, dus let goed op.
Eerst ander, minder heuglijk nieuws. Het aantal mensen dat in de verslavingszorg wordt behandeld wegens gokken is in 2025 wéér gestegen. Met een toename van 13 procent, tot 3.100.
Dat klinkt misschien als niet zoveel, maar bedenk dat zo’n 90 procent van de gokverslaafden geen hulp zoekt. En áls iemand dat eenmaal doet, is diegene doorgaans al een jaar of zeven verslaafd, zo vertelde iemand van een verslavingsinstelling afgelopen week aan RTL Nieuws.
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Het overgrote deel van de verslaafden is man, de gemiddelde leeftijd is 34 en een op de vijf is onder de 25. Talrijk zijn de verhalen van mensen voor wie de verlokkingen via hun telefoon zó dichtbij zijn dat ze álles – geld, baan, huis, relatie – zijn kwijtgeraakt.
Ze stuiten op lange wachtlijsten, waardoor zij ontmoedigd raken en terugvallen of dieper wegzinken. En dit terwijl de hausse waarschijnlijk nog moet komen, want de legalisering van onlinegokken vond nog maar vijf jaar geleden plaats en sindsdien zijn er heel veel nieuwe spelers bij gekomen.
In 2023 meldde de Kansspelautoriteit dat Nederland ruim driekwart miljoen onlinegokkers had en dat de meerderheid nieuw was. Het was dus niet zo dat de mensen die toch al – illegaal – gokten dat waren blijven doen en dan (deels) bij vergunde bedrijven. Nee, de wetgever had een massaal publiek aan het gokken gekregen.
Inmiddels is dat aantal opgelopen tot boven de achthonderdduizend. De omzet was vorig jaar 1,2 miljard euro en zal dit jaar een WK-piek kennen. Jongvolwassenen zijn oververtegenwoordigd. Honderdduizend mensen staan in een register dat hen uitsluit van onlinegokken. Veruit de meesten uit zelfbescherming. Een heel klein deel op aandringen van familie of aanbieders.
Geen wonder dat de markt is geëxplodeerd, want voor legaal onlinegokken mocht aanvankelijk ongebreideld reclame worden gemaakt. En dat lieten de bedrijven zich geen twee keer zeggen. Nota bene staatsdeelnemingen Toto en Holland Casino begonnen direct met miljoenen te smijten. Koning Toto werd een icoon. Alsof je reclame mag maken voor cocaïne, verzuchtte een verslavingsinstelling tegen RTL.
En het is niet zo dat niemand dit ten tijde van de legalisering zag aankomen. De Eerste Kamer drong destijds aan op een reclameverbod. En het ministerie werd indringend gewaarschuwd door de Kansspelautoriteit, zo zou NRC later op grond van interne documenten berichten. Onbeteugelde reclame zou tot nieuwe aanwas leiden, met ‘een groot risico’ om minderjarigen en jongvolwassenen te raken die juist bescherming nodig hebben. Die konden door ‘een continue stroom aan reclameboodschappen het idee opvatten dat deelname aan kansspelen voor hen aanvaardbaar is’.
En zo is het gegaan. Een gecreëerde ramp. Hoe dat kan? Nou, toenmalig minister voor Rechtsbescherming Sander Dekker (VVD) kreeg ook nog wat andere inbreng dan van zijn toezichthouder. Uit onderzoek van de NOS bleek dat gokbedrijven veel meer inspraak hadden dan bijvoorbeeld verslavingsdeskundigen.
Dekker was nogal dik met vertegenwoordigers van de gokbranche. NRC onthulde dat hij hoogstpersoonlijk directe contacten met hen onderhield. Zo waren er amicale appjes in de aanloop naar de legalisering tussen Dekker en VVD-prominent Frits Huffnagel, destijds voorzitter van branchevereniging VAN Kansspelen. Dekker wilde na het aannemen van de wet wel ingaan op de uitnodiging van Huffnagel om ‘een borrel of een hap’ te doen. ‘Dan is er hopelijk reden om iets te vieren!’, aldus de verantwoordelijk minister tegen de direct belanghebbende.
Nadat de Tweede Kamer, geschrokken van de stortvloed aan reclame, een motie had aangenomen om die aan banden te leggen, haastte Dekker zich om de branche gerust te stellen: hij snapte wel dat bedrijven reclame nodig hadden om zich van illegale aanbieders te onderscheiden.
Een van zijn gesprekspartners was Helma Lodders, tot 2021 VVD-Kamerlid met gokken in haar portefeuille en daarna voorzitter van de Vergunde Nederlandse Online Kansspelaanbieders, die VNLOK waar ik het aan het begin over had (mijn vraag aan u komt zo!).
Sinds twee jaar moeten bewindslieden en ambtenaren volgens een gedragscode ‘terughoudend’ en ‘transparant’ zijn in de omgang met de kansspelsector. En de regels voor reclame zijn strenger geworden. Sponsoring is inmiddels verboden. Onlinereclame mag alleen als 95 procent van het bereik bestaat uit mensen van 24 en ouder. Maar ja, dat idee leunt deels op die meldingen waarop wij zelf klikken om te zeggen hoe oud we zijn. De Kansspelautoriteit ziet nog ‘niet veel effect’.
Het wachten is nu op een initiatiefwet die SP en ChristenUnie hebben aangekondigd. Met hoge boetes voor aanbieders die hun zorgplicht voor problematische gokkers niet nakomen en een totaalverbod voor gokreclames.
De menselijke, maatschappelijke schade zal er niet mee hersteld zijn. Dat zal nog jaren duren, als het al lukt. En zo zie je dat ijveren voor deugdelijke wetgeving en een zorgvuldig proces geen formalistisch gezeur is. En klagen over de verstrengeling tussen lobby en politiek evenmin.
Daarover gesproken: Helma Lodders is vorig jaar gestopt als voorzitter van de VNLOK. Maar er is daar nu dus een nieuwe directeur. En u mag een gokje wagen: heeft die wel of niet in de Tweede Kamer gezeten? Namens welke partij, denkt u? En voor de jackpot: wat had zij voor onderwerp in haar portefeuille?
Jaja, de winkansen zijn hier beter dan in het gemiddelde onlinecasino.
Geen column meer missen?
Volg uw favoriete columnisten via de app. Klik op het belletje naast de auteursnaam.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant