AI-presentator Is het wenselijk dat kinderen naar AI-presentatoren kijken? Pedagoog Vivian den Blanken van het Nederlands Jeugdinstituut vindt van niet. „Niet alles wat technisch mogelijk is, is ook pedagogisch verantwoord.”
De presentatrice van Kids Top 20 is geen echt persoon maar gemaakt met AI.
‘De Kids Top 20 is terug!”, klinkt het donderdag op de Instagram- en TikTok-pagina van het populaire kinderprogramma. „Vanaf vandaag zie je op ons TikTok-kanaal alles over je favoriete muziek en artiesten.” De woorden komen uit de mond van presentatrice ‘Jess’. Althans, niet écht. Het wordt niet bij de video vermeld, maar de nieuwe presentatrice, die eruitziet als een perfect gestylede jongere en moeilijk van echt te onderscheiden is, is door kunstmatige intelligentie gegenereerd.
Nadat het programma vorig jaar na 23 jaar door de NPO werd wegbezuinigd, maakt producent CTM nu een doorstart op TikTok, met een AI-presentatrice dus. „Wat jammer”, schrijft oud-presentatrice van het programma Monique Smit onder de post. Ze is niet de enige die verbolgen reageert. „Een generatie kinderen leren dat zelfs hun rolmodellen niet echt hoeven te zijn. Benieuwd wat dat doet met vertrouwen, authenticiteit en zelfbeeld”, post iemand onder de video. „Precies wat we onze kinderen NIET willen meegeven”, concludeert een ander.
CTM gaat niet in op concrete vragen van NRC, maar schrijft in een reactie wel „enorm teleurgesteld” te zijn dat Avrotros het programma heeft wegbezuinigd. Het bedrijf zegt een doorstart van de Kids Top 20 te onderzoeken en daar „binnen twee à drie maanden” een definitief besluit over te nemen; Avrotros is daar niet bij betrokken. CTM houdt naar eigen zeggen rekening met „de laatste ontwikkelingen en trends die populair zijn binnen onze doelgroep”. „Tijdens deze testfase staan wij zeer open voor iedere vorm van kritiek en andere meningen.”
Pedagoog Vivian den Blanken van het Nederlands Jeugdinstituut (NJi) verdiept zich bij dat landelijke kenniscentrum voor jeugdbeleid en opgroeien onder andere in de online leefomgeving van kinderen. Zij snapt de ophef wel. „Niet alles wat technisch mogelijk is, is ook pedagogisch verantwoord. Er is überhaupt niet bij vermeld dat het om AI-beelden gaat. Het is tegenwoordig heel moeilijk te onderscheiden wat echt en wat nep is. Dus daar moet je echt transparant over zijn.”
„Nee, het is een ingewikkelder ethisch vraagstuk. Kinderen zien op sociale media al veel mensen die het ‘perfecte plaatje’ laten zien. Nu komt daar een AI-persoon bij die zo mogelijk nóg perfecter is. Kinderen spiegelen zich aan wie ze online zien, dat kunnen echt rolmodellen zijn. Dat doet wat met je zelfbeeld en je beeld van wat schoonheid is. Dat effect ondervang je niet door erbij te zetten dat het AI-beelden zijn.
„De vraag is: willen we dat kinderen zich gaan spiegelen aan een nep-persoon? Ik denk van niet. Zeker niet als zo’n figuur als mens wordt gepresenteerd. Dat kun je tegengaan door op zijn minst echte mensen te laten zien. Het is belangrijk dat kinderen zich kunnen spiegelen aan een breed palet aan mensen, maar als kinderen zich gaan spiegelen aan iets dat niet echt is, gaan ze streven naar een norm die niet eens bestaat.”
„Als kinderen gewend raken aan ‘digitale mensen’ vervaagt ook de grens tussen wat echt en wat nep is nog verder dan nu al gebeurt. Een Kids Top 20-presentatrice lijkt misschien onschuldig en is vast niet met kwade bedoelingen gemaakt. Maar er zijn ook partijen die wél verkeerde intenties hebben en bijvoorbeeld desinformatie verspreiden. Er is in die zin sprake van een glijdende schaal en grenzen die vervagen. Juist met kinderen moeten we niet willen dat ze dingen op hun scherm zien die niet echt zijn, maar wel heel echt lijken.
„Je kunt in theorie een diverse groep AI-presentatoren maken. Maar wat is dan de meerwaarde van die AI-personen ten opzichte van een diverse groep echte presentatoren? In dat laatste geval behoud je ook nog een beetje menselijkheid in het contact met kinderen. Ze zien dan ten minste personen die je ook ergens anders zou kunnen tegenkomen en die ook wel eens een pukkel of een slechte dag hebben.”
„Veel kinderen – ook al mag dat onder de dertien jaar eigenlijk niet – zitten nou eenmaal op TikTok. Op die leeftijdsgrens wordt nauwelijks gehandhaafd. Dus dat is een plek om ze te bereiken. Aan de andere kant houden we ze ook op TikTok, als bedrijven gericht op kinderen zich daar naartoe verplaatsen. Er zijn daarom ook bedrijven die dat principieel niet doen.”
„Het is misschien een open deur, maar praat met je kinderen over hun mediagebruik. Vraag ze wat ze zelf vinden van een AI-presentator en hoe zij echt van nep onderscheiden. Zo leren ze kritisch naar content kijken.”