Home

Zinnig werk

Momenteel zoek ik in de subsidiejungle mijn weg naar een mogelijkheid om mijn onderzoeksactiviteiten voort te zetten. Om de eenzaamheid van deze tijd te bestrijden ga ik op zoek naar de andere eenzamen. Mensen die – om welke reden dan ook – niet willen werken waar ze werken. Of zzp’ers die misschien wel zonder personeel maar niet zonder gezelschap hun leven willen doorbrengen.

We werken samen op een flexwerkplek, waar we een toneelstuk opvoeren dat ‘kantoor’ heet. Met alles erop en eraan: airco, lunch, een keur aan luxe theevariëteiten, tafeltennis, vrijdagmiddagborrel, vrolijke piepjonge mensen die ons ontzorgen en eens in de maand een factuur sturen. We vergaderen nooit, want we hebben verder niets met elkaar te maken. Together alone.

Er werken slimme mensen. Vooral mannen. Ze houden zich allemaal met AI bezig of denken dat ze daarmee bezig zouden moeten zijn. Ik voel me er volslagen achterlijk. Vooral als ik tussen de promptende mensen nog een column voor de krant in mijn laptop zit in te rammelen. Het geluid van dat toetsenbord alleen al. Waarom zou je in vredesnaam zo veel typen?

Ik ben blij dat veel mensen in deze tijd verlost zijn van de uitputtende taak om zelf te schrijven. Ik heb het nooit voor mijn plezier gedaan. Schrijven is ploeteren, het vergt uithoudingsvermogen. Menig student is erover gestruikeld, zelfs als ze de finish van hun opleiding al in zicht hadden. Maar 90 procent van de tekst in deze wereld is oud nieuws en hoeft alleen te communiceren, te verkopen, te rapporteren. Het is meestal overbodig om dat zelf te schrijven.

Tegelijkertijd ben ik ook blij dat mijn krant zich maximaal behoudend opstelt en geen neptekst tolereert. Er verschijnt heus spoedig een krant die ook best aardig is, en veel goedkoper de pagina’s vult. Maar die krant zal zielloos zijn, en lezers zullen juist hunkeren naar iets warmbloedigs, iets menselijks, iets nieuws.

De krant zal blijven bestaan, in welke vorm dan ook, ook als er prima alternatieven beschikbaar zijn. In het grote toneelstuk van de mensheid komt het grootste genoegen van obsolete zaken: koken, zeilen, muziek maken, schaken, een haardvuur aansteken. Het blijft allemaal bestaan. Neem het papieren boek dat al tien keer dood is verklaard en waarvan jaarlijks in Nederland alleen al tientallen miljoenen exemplaren worden verkocht.

Zelfs de brede menselijke vorming die ons onderwijs biedt zou je kunnen zien als strikt genomen overbodig geworden competenties.

Het begint met krullenletters leren schrijven en rekensommen maken. En het eindigt met lessen in een dode taal en een scriptie. Allemaal onderdeel van burger worden, van begrijpen hoe de wereld werkt. En tegelijkertijd allemaal overbodig. Het is ronduit zorgwekkend dat hogescholen en universiteiten niet harder optreden tegen AI-gebruik in scripties, maar het oogluikend toestaan. Zelf kunnen formuleren mag dan voor veruit de meeste afgestudeerden een achterhaalde competentie zijn – de meesten hoeven straks nooit meer iets zelf te schrijven, zelfs geen mail – elke kennisinstelling die wil dat zijn diploma nog enige betekenis houdt, en alleen uitgereikt wordt aan mensen die bewezen zelf kunnen nadenken en ploeteren, zou net zo streng moeten optreden tegen gegenereerde tekst als de krant. Het is tenslotte gewoon een vorm van plagiaat,

Dat betekent overigens niet dat al die afgestudeerden niet meer hoeven te ploeteren. In de show die we dagelijks met zijn allen opvoeren die we ook wel ‘economie’ of ‘arbeidsmarkt’ noemen, hebben we zo goed als alles al verzonnen. Onderschat nooit de schier eindeloze menselijke creativiteit waarmee nieuwe taken en banen worden voortgebracht. Technologie geeft altijd alleen maar meer werk. De wasmachine is het beste voorbeeld: die zorgde er voor dat de vrouw haar werkzaamheden verplaatste van binnen- naar buitenshuis. De economie bedacht moeiteloos allerlei banen om ons druk mee te houden. En in de avonduren staan we nu alsnog dat rotding uit te ruimen.

Het is één groot toneelstuk vol overbodige drukdoenerij. En daarbinnen zoek ik nu mijn plek. Ik ben een slechte toneelspeler. In gelul wil ik niet werken. Ergens bestaat er nog echt werk, iets dat verschil maakt. Net als al die andere eenzamen ben ik daar naar op zoek. Onder de metershoge lagen aan AI-tekst en verzonnen verhaaltjes moet het nog bestaan. Iets nieuws. Iets nuttigs. Onderzoek dat het menselijk lijden, de angst en de eenzaamheid van ziekte wegneemt. Liefst op een werkplek, met airco en lunch, maar dan met collega’s die meer zijn dan fijn gezelschap.

Kunstmatige intelligentie

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next