Elektronicawinkels De Europese Commissie heeft donderdag een diepgravend onderzoek ingesteld naar de overname van MediaMarkt-moederbedrijf Ceconomy door het Chinese JD.com. Centraal staat de vraag of dat laatste bedrijf profiteert van staatssteun.
JD.com is in Europa nog geen grote speler, maar in China wel.
De Europese Commissie gaat diepgravend onderzoek doen naar de overname van MediaMarkt-moederbedrijf Ceconomy door het Chinese winkelconcern JD.com. Dat heeft de Commissie, in haar functie als mededingingstoezichthouder, donderdag bekendgemaakt. Centraal zal de vraag staan of China marktverstorende staatssteun heeft verstrekt aan JD.com.
De Commissie heeft al een vooronderzoek gedaan naar de overnameplannen en stuitte op aanwijzingen dat er sprake was van staatssteun, in de vorm van gunstige financiering, belastingvoordelen en subsidies. Nu moet uit een vervolgonderzoek blijken of dit klopt en of die subsidies ertoe hebben geleid dat JD.com een hoog bod kon doen op MediaMarkt en zusterbedrijf Saturn.
Hoog was dat bod zeker: met het voorstel dat JD.com vorig jaar juli deed, werd Ceconomy op 2,2 miljard euro gewaardeerd. De biedprijs lag bijna een kwart hoger dan de totale waarde van de aandelen van het winkelbedrijf volgens de prijs waarop ze op dat moment werden verhandeld aan de Duitse beurs. Als de deal mag doorgaan, zal overigens ongeveer een kwart van de aandelen in handen blijven van de familie Kellerhals die het bedrijf ooit heeft opgericht.
Naar verwachting neemt de Europese Commissie begin oktober een besluit over de overname. JD.com zegt in een reactie het onderzoek als een „normale stap in het toezichthoudersproces” te zien en daarover in gesprek te gaan met de Commissie. Het bedrijf ontkent dat er sprake is van staatssteun. „De financiering komt van leningen bij private banken en van geld afkomstig van de reguliere bedrijfsvoering.”
Het onderzoek zet een overname op losse schroeven, terwijl die eerder nog vrij geruisloos leek te verlopen. Op traditioneel mededingingsvlak valt er namelijk vrij weinig tegen in te brengen: JD.com is in Europa geen grote speler. „Er blijft na de overname voldoende concurrentie over”, zo oordeelde de Autoriteit Consument en Markt afgelopen september al. Een vergelijkbaar besluit nam ook het Duitse Bundeskartellamt.
Toch was de overname ook voor de aankondiging van het EU-onderzoek nog geen gelopen race. In Duitsland wordt de deal namelijk niet alleen op concurrentiegebied beoordeeld, maar moet het ministerie van Economische Zaken ook vaststellen dat er geen veiligheidsrisico’s zijn. Ook de mededingingsautoriteit van Oostenrijk, waar MediaMarkt net als in Duitsland filialen heeft, heeft nog geen toestemming gegeven.
Het is voor het eerst dat de Commissie een staatssteunonderzoek begint naar een overname van een Europese onderneming door een Chinees bedrijf. Die mogelijkheid bestaat sinds 2023. Het Europees Parlement heeft de Commissie onlangs opgeroepen dit bij de MediaMarkt-deal te doen. „Er zijn voor mij grote vraagtekens over het bedrijf JD.com”, Dirk Gotink (NSC), indiener van het amendement. „Hoe is dit bedrijf in China zo groot geworden? Welke voorkeursbehandeling hebben ze gekregen van regionale banken en overheden?”
Groot is JD.com zeker in China, waar het als de grootste retailer wordt gezien. Vorig jaar boekte het bedrijf een omzet van omgerekend zo’n 166 miljard euro. Dat is ruim zeven keer meer dan de omzet van Ceconomy.
JD.com probeert al langere tijd voet aan de grond te krijgen in Europa, via overnames en met zijn eigen webshop Joybuy, waarvoor het een uitgebreid logistiek netwerk heeft opgezet van distributiecentra en koeriersdiensten.
In de overnamedocumenten noemden JD.com en Ceconomy al dat het voor de hand ligt de logistiek voor MediaMarkt te laten samensmelten met dit netwerk. Ook dat heeft de aandacht van de Commissie: zij wil nu weten in hoeverre dat netwerk met staatssteun is opgetuigd en of dit in de toekomst kan leiden tot oneerlijke concurrentie met andere winkelbedrijven.
Eerder lichtte de Europese Commissie via wetgeving over buitenlandse overheidssubsidies de overnames al door van een Europese telecomprovider en van een Europees chemiebedrijf door partijen uit de Verenigde Arabische Emiraten. In beide gevallen werd geoordeeld dat er sprake was van staatssteun, maar mochten de overnames na enkele toezeggingen alsnog doorgaan.
Ook stelde de Commissie onderzoek in naar de Chinese windmolenbouwer Goldwind en naar het eveneens Chinese Nuctech, dat douanescanners maakt. Daarbij was geen sprake van overnames maar nam de toezichthouder zelf het initiatief. Beide onderzoeken lopen nog.