Home

Het pikante kabinetsbesluit over Solvinity toont aan hoe de verhouding met de VS in korte tijd is veranderd

Overname Het kabinet blokkeert de overname van Solvinity, het bedrijf achter DigiD, door het Amerikaanse Kyndryl. De beoogde overname „vormt mogelijk een risico voor het publieke belang”, schrijft staatssecretaris Willemijn Aerdts.

Het beginscherm van DigiD, dat door het kabinetsbesluit niet in Amerikaans handen zal vallen.

Het kabinet blokkeert de verkoop van het van oorsprong Nederlandse cloudbedrijf Solvinity aan een Amerikaanse branchegenoot. De overname zou risico’s voor de nationale veiligheid met zich mee brengen. Solvinity beheert onder meer inlogapplicatie DigiD en berichtenbox MijnOverheid. Het unieke besluit tekent hoe ingrijpend de verhouding met Amerika in korte tijd is veranderd.

Staatssecretaris Willemijn Aerdts (Digitale Economie en Soevereiniteit, D66) bracht maandag met een korte brief het nieuws naar buiten dat ze de overname van Solvinity verbiedt. Solvinity is een van oorsprong Nederlands bedrijf, dat sinds 2014 grotendeels in handen is de Britse investeringsmaatschappij Vitruvian Partners. Het bouwt en beheert veel applicaties voor de overheid, waaronder DigiD, MijnOverheid en tal van apps die worden gebruikt binnen de justitieketen.

In november werd bekend dat het Amerikaanse Kyndryl Solvinity wilde kopen. Het beursgenoteerde Kyndryl, een recente afsplitsing van techconcern IBM, heeft onder meer een groot contract met het Nederlandse ministerie van Defensie. De beoogde overname, voor ongeveer 100 miljoen euro, was afhankelijk van politieke goedkeuring. Die komt er dus niet; overname „vormt mogelijk een risico voor het publieke belang op basis van toetsing aan de wettelijke criteria in de Wet ongewenste zeggenschap telecommunicatie”, schrijft de staatssecretaris.

Solvinity schrijft in een korte verklaring dat het „in dialoog blijft met de betrokken autoriteiten over de gemaakte afwegingen in het kader van nationale veiligheid, digitale autonomie en bescherming van Nederlandse vitale infrastructuur”.

Kyndryl meldt schriftelijk „uiterst teleurgesteld” te zijn over het bindende besluit. „Sinds de aankondiging van de voorgenomen transactie heeft Kyndryl steeds te goeder trouw samengewerkt met relevante stakeholders binnen de Nederlandse regering.” Het bedrijf schrijft dat de overname duidelijke en belangrijke voordelen had kunnen bieden aan klanten van Solvinity en Nederlandse burgers. Die komen er niet door wat het bedrijf omschrijft als „de politisering van het proces”.

Ontvlamd debat

Daarmee doelt Kyndryl op het debat dat ontvlamde na de overnameaankondiging. Parlementariërs, burgers en opiniemakers kwamen in verzet tegen de idee dat „DigiD in Amerikaanse handen zou komen”. In een petitie werd opgeroepen de overname te blokkeren. Een meerderheid van de Tweede Kamer wilde dat ook. Diverse groepen spanden rechtszaken aan om overname te voorkomen.

De enorme weerstand illustreert hoe snel de verhouding tussen Nederland en de VS is veranderd. Tot voor kort waren IT-diensten zelden onderwerp van maatschappelijk debat. De technologische afhankelijkheid van Amerikaanse bedrijven was een gegeven waar weinig burgers en politici moeite mee leken te hebben.

Maar sinds Donald Trump opnieuw regeert, is doorgedrongen dat de technologische afhankelijkheid de Amerikaanse regering macht geeft. Bovendien is DigiD onmisbaar geworden voor de communicatie tussen burgers en overheid en daardoor kan het worden beschouwd als kritieke infrastructuur. Een Amerikaans bedrijf verantwoordelijk maken voor (onder meer) DigiD, was voor veel mensen een brug te ver.

Toch was het politieke besluit over de overname bepaald geen gelopen race. De staatssecretaris wachtte voor haar oordeel op een analyse van het Bureau Toetsing Investeringen (BTI). Deze dienst binnen het ministerie van Economische Zaken is gespecialiseerd in de impact van buitenlandse investeringen in Nederland. De voornaamste vraag die BTI moet beantwoorden, is of een buitenlandse overname of investering een gevaar vormt voor de nationale veiligheid. Dat kan zo zijn als gevoelige technologie of kritieke infrastructuur in buitenlandse handen komt. Het gaat vaak om technologie die zowel militaire als civiele toepassingen heeft.

BTI toetst aan de Wet ongewenste zeggenschap telecommunicatie (WOZT) en de Wet veiligheidstoets investeringen, fusies en overnames (Vifo). De rapporten die het produceert zijn geheim, omdat ze vaak bedrijfsgevoelige informatie bevatten en deels zijn gebaseerd op input van inlichtingendiensten.  

Tegenhouden Amerikaanse overname zeldzaam

In 2025 werden 78 van dit soort toetsingen afgerond, en werd geen enkele overname of investering verboden, blijkt uit het jaarverslag. Als tijdens het onderzoek blijkt dat er bezwaren zijn, haken partijen soms af. Of er worden waarborgen overeengekomen die bezwaren tegen een overname of investering ondervangen.

Tegenhouden van een Amerikaanse overname is des te zeldzamer. De Verenigde Staten gelden als een bevriend land, waarmee nauwe banden zijn. Het staat niet in hetzelfde rijtje als Rusland of China.

De Autoriteit Consument en Markt oordeelde eerder dit jaar inzake Solvinity dat na overname ervan voldoende concurrentie overblijft en er vanuit mededingingsperspectief dus geen bezwaren tegen de overname zijn. De diensten die Solvinity aan de Nederlandse overheid levert, zijn bovendien weliswaar uniek, maar niet onvervangbaar of technisch bijzonder geavanceerd.

Het oordeel van BTI en het besluit van de staatssecretaris zijn daarom pikant en kunnen de verhouding met Amerika belasten. Enkele zinsnedes in de Kamerbrief hinten op die gevoeligheid. De staatssecretaris schrijft eraan te hechten te benadrukken dat de investeringstoets door BTI „landenneutraal, risico-gebaseerd, en proportioneel is”. Ook betreft het een „objectieve toets uitsluitend om risico’s voor het publieke belang te voorkomen.” En dan volgt een alinea over de „grote waarde die Nederland hecht aan de aanwezigheid van buitenlandse, waaronder nadrukkelijk ook Amerikaanse technologiebedrijven en hun bijdrage aan de Nederlandse economie en digitale infrastructuur”.

Uit een recente evaluatie van de WOZT en de Vifo door de universiteit Leiden en onderzoeksbureau SEO bleek dat spanningsveld ook. Nederland wil een open economie zijn met een goed investeringsklimaat. Tegelijkertijd is er – steeds meer – behoefte om bepaalde bedrijven en sectoren af te schermen. Het rapport kreeg als titel Grenzen stellen zonder muren te bouwen.

Geopolitiek

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next