Energiebeleid Voordat hij premier werd, profileerde Mark Carney zich als voorvechter van klimaatmaatregelen. Maar nu Donald Trump Canada op de korrel heeft, wil Carney van zijn land een ‘energiesupermacht’ maken. Een criticus: „Je kunt klimaat en milieu niet opofferen om economische ontwikkeling te stimuleren. Maar dat is precies wat hij heeft gedaan.”
De Canadese premier Carney stapt het vliegtuig in na een bijeenkomst met Europese leiders in Armenië.
Breed lachend beklonk de Canadese premier Mark Carney deze maand in Calgary een overeenkomst met Danielle Smith, premier van de olierijke provincie Alberta. Als het aan hen ligt, begint al volgend jaar de aanleg van een pijpleiding voor olie uit de teerzanden van Alberta naar de Canadese westkust. Via die verbinding, met een capaciteit van een miljoen vaten per dag, moet zware ruwe olie uit de teerzanden worden geëxporteerd naar Aziatische landen.
Carney en Smith willen het omstreden plan hoge prioriteit geven, ook al heeft zich nog geen particuliere partner gemeld om de pijpleiding aan te leggen. „Dit is een goede dag voor Alberta, en een goede dag voor Canada”, zei de rechts-populistische Smith, die al jaren aandringt op uitbreiding van de olieproductie in Alberta.
Ook Carney was lovend; volgens hem worden met de overeenkomst concrete stappen gezet voor beperking van de uitstoot van broeikasgassen volgens de Canadese klimaatdoelen. Want het akkoord omvat ook afspraken over verhoging van de prijs voor de CO2-uitstoot voor de olie- en gassector in Alberta en een groot project voor kooldioxideopslag. „Dit is klimaatactie, dit is vooruitgang”, betoogde hij.
Het is een opmerkelijke typering van een plan dat de winning van teerzandolie moet uitbreiden – zeker uit de mond van Carney, van 2019 tot 2024 speciaal gezant voor klimaatactie en financiën namens de Verenigde Naties. In die rol was de voormalige centrale bankier een prominent voorvechter van investeringen in een klimaatneutrale economie.
Carney gold als een autoriteit inzake klimaatverandering vanuit een financieel perspectief sinds hij in 2015, als gouverneur van de Britse centrale bank, bij verzekeringsmarktplaats Lloyd’s in de Londense City een baanbrekende toespraak gaf over de financiële risico’s van de opwarming van de aarde. Daarin betoogde hij dat wachten met klimaatactie de gevolgen van extreem weer alleen maar duurder zouden maken. Dat overheden zich te veel richten op de korte termijn om problemen aan te pakken die toekomstige generaties treffen, noemde hij „de tragedie van de horizon”.
De rede had veel invloed in de financiële wereld; dat een bankier als Carney opriep tot een energietransitie om „catastrofale” gevolgen af te wenden, overtuigde anderen in de sector om klimaatactie serieus te nemen. Als VN-gezant lanceerde hij in de aanloop naar de klimaatconferentie in het Schotse Glasgow in 2021 de Glasgow Financial Alliance for Net Zero (Gfanz), een initiatief om financiële instellingen bijeen te brengen ten behoeve van de energietransitie.
Tot consternatie van klimaatexperts zet Carney zich nu als premier in om van Canada een ‘energiesupermacht’ te maken, door de winning van zware ruwe olie uit teerzanden uit te breiden – een van de grootste olievoorraden ter wereld. Mede wegens het energie-intensieve winningsproces, waarbij zand wordt gewassen uit stroperig bitumen dat afkomstig is uit enorme open mijnen, is teerzandolie aanmerkelijk vervuilender dan conventionele olie. De Canadese olie- en gassector is verantwoordelijk voor bijna een derde van de uitstoot van broeikasgassen in het land.
„Het is verbijsterend”, zegt Anna Johnston, jurist bij West Coast Environmental Law, telefonisch vanuit Ottawa. „We zijn zeer teleurgesteld over het klimaatbeleid van premier Carney. Gezien zijn achtergrond dachten we dat hij het belang en de urgentie van ambitieuze klimaatmaatregelen zou begrijpen. In plaats daarvan heeft hij onze klimaatmaatregelen systematisch ontmanteld.”
Sinds Carney in maart 2025 Justin Trudeau opvolgde als leider van de Liberale Partij en als premier, heeft hij een reeks klimaatmaatregelen van zijn voorganger teruggedraaid. Zo schrapte hij een impopulaire CO2-heffing voor consumenten, hoeksteen van het ambitieuze klimaatbeleid van Trudeau. Ook schortte Carney het voorschrift op dat per 2035 alleen nog elektrische of hybride auto’s op de Canadese markt zouden mogen worden gebracht. Daarnaast wil zijn regering toetsing van de milieu-effecten van grote projecten drastisch beperken.
Met zijn stappen wil Carney de Canadese economie versterken, die onder druk is gekomen door het handelsconflict dat de Amerikaanse president Trump met Canada is aangegaan. Veel Canadese kiezers zien de oud-bankier als een leider die het hoofd kan bieden aan Trumps dreigementen.
Carney heeft beloofd zijn land minder afhankelijk te maken van de VS door de economie te diversifiëren. Ongeveer driekwart van Canada’s export gaat naar de VS, waaronder het overgrote deel van de olie. De premier heeft zijn zinnen gezet op grote nationale projecten, waaronder die pijpleiding naar de westkust om meer olie te verschepen naar Azië.
Op het gebied van klimaat heeft Carney „een draai van 180 graden gemaakt”, stelt Johnston. „Voordat hij premier werd, profileerde hij zich als voorvechter van milieu en klimaat. Ik had gehoopt dat hij zou begrijpen dat je klimaat en milieu niet kunt opofferen om economische ontwikkeling te stimuleren. Het is een valse tegenstelling om die twee tegenover elkaar te zetten. Maar dat is precies wat hij heeft gedaan.”
De afspraken met Alberta hebben felle kritiek gekregen van klimaatactivisten. Het Canadian Climate Network waarschuwt dat het land niet in staat zal zijn de klimaatdoelen voor 2030 of 2050 te halen. Trudeau streefde per 2030 naar een uitstootreductie van 40 tot 45 procent ten opzichte van 2005; volgens experts is hooguit een derde tot de helft daarvan nog haalbaar.
In reactie op de kritiek wijst Carney op de pluspunten van de deal: ter compensatie van de pijpleiding wordt de CO2-prijs voor de olie- en gassector in Alberta verhoogd, bedoeld om de branche aan te sporen de uitstoot van broeikasgassen te beperken. Die verhoging gebeurt evenwel aanmerkelijk trager dan Trudeau had voorgeschreven: tot 130 Canadese dollar (ongeveer 82 euro) per ton in 2040, in plaats van 170 dollar per 2030. Carney wijst erop dat Alberta heeft ingestemd met zijn plan, en dat dit beter is dan een papieren richtlijn waar de provincie zich tegen verzet. Hij zegt uit te zijn op „resultaten, niet op doelstellingen”.
Volgens critici schiet het plan echter tekort. Simon Donner, klimaatwetenschapper aan de Universiteit van British Columbia in Vancouver, ziet „een oude manier van denken over klimaatbeleid”, die teruggaat naar de jaren negentig, zegt hij telefonisch. „Het meeste is niet gericht op bestrijding van klimaatverandering, maar op het minimale doen om te tonen dat je een inspanning levert.”
Donner nam in december ontslag als medevoorzitter van de Net Zero Advisory Body, een groep die de regering adviseert over beleid om klimaatneutraliteit te bereiken in 2050. Dat advies werd volgens hem genegeerd.
Begin dit jaar gaf Carney opnieuw een baanbrekende toespraak, bij het World Economic Forum in het Zwitserse Davos, over de veranderende wereldorde. Daarin betoogde hij dat middelgrote landen kunnen voorkomen dat ze tegen elkaar worden uitgespeeld door supermachten, als ze samen optrekken. Ook die rede oogstte veel lof.
Volgens Donner is het van belang dat Carney de daad bij het woord voegt. „Ik waardeer zijn heldere visie op de geopolitieke uitdagingen waar we voor staan”, zegt hij. „Ik denk dat we diezelfde heldere visie ook moet hebben als het gaat over de toekomst van de Canadese energiesector.”
Dat Carney andere keuzes maakt, heeft te maken met de positie van Alberta binnen Canada. Veel van de circa vijf miljoen bewoners van de prairieprovincie vinden dat de federale regering hun economische belangen schaadt door de oliesector aan klimaatmaatregelen te binden. Onder Trudeau, de eerste Canadese premier die serieus werk maakte van klimaatdoelen, groeide dat sentiment sterk. Een onafhankelijkheidsbeweging stuurt aan op een referendum over afscheiding van Alberta; daarover moet in oktober worden gestemd. Hoewel wordt aangenomen dat dit weinig kans maakt, wil Carney – die opgroeide in Edmonton, de hoofdstad van Alberta – de banden met de provincie aanhalen.
Daar komt bij dat veel Canadese kiezers doordrongen zijn van de noodzaak hun land te beschermen tegen de capriolen van Trump. Ze geven Carney daar ook de ruimte voor; hij staat sterk in de peilingen. Waarnemers voorspellen evenwel dat het klimaatbeleid weer hoger op de agenda zal komen voor kiezers – en dat weerstand tegen de pijpleiding kan herleven als het project concreet wordt.
Ook buiten Canada wekt de draai van Carney verbazing. Bij het Carbon Tracker Initiative in Londen, een denktank rond klimaatverandering en financiële markten, roept de economische strategie achter het beleid vragen op. Dat stelt Guy Prince, hoofd energievoorziening, in een e-mail.„Verrassend is de veronderstelling […] dat de uitbreiding van fossiele brandstoffen de veiligste economische investering op lange termijn blijft”, aldus Prince.
Dat staat haaks op de verwachting dat de wereldvraag naar olie na 2030 daalt. „Er bestaat een reëel risico dat Canada te sterk afhankelijk wordt van fossiele brandstoffen op de lange termijn, terwijl de wereldeconomie zich steeds meer richt op goedkopere, schone energie.”
Kiezers in Alberta stemmen in oktober bij een referendum over de vraag of ze willen dat de provincie een proces begint om zich af te scheiden van Canada. Dat heeft premier Danielle Smith van Alberta donderdag bekendgemaakt.
De volksraadpleging volgt op jarenoude rancune in de olierijke provincie, die zich richt op de federale regering. ‘Ottawa’ zou de westelijke, conservatieve prairieprovincie verwaarlozen en haar economische belangen schaden met pogingen de lucratieve oliesector aan banden te leggen met klimaatmaatregelen.
In de provincie met zo’n 5 miljoen inwoners heeft een separatistische beweging ongeveer 300.000 handtekeningen verzameld om een volksraadpleging af te dwingen – ruim boven de ongeveer 177.000 handtekeningen die daarvoor nodig zijn. Een rechter oordeelde deze maand echter dat de initiatiefnemers inheemse bevolkingsgroepen hadden moeten consulteren.
Smith, leider van de rechts-populistische United Conservative Party, kwam daarop, onder druk van separatisten binnen haar partij, voor de keuze een referendum uit te schriijven of als leider en premier te worden uitgedaagd. Volgens critici probeert Smith, die zelf graag afgeeft op de federale regering, haar eigen positie te redden. Ze zegt te willen dat Alberta in Canada blijft.
De vraag die Albertanen volgens Smith voorgelegd krijgen ,is of ze deel willen blijven uitmaken van Canada, of een procedure willen beginnen voor een bindend referendum over onafhankelijkheid. Van alle kanten is er kritiek het referendum over een referendum.
Volgens peilingen wil een ruime meerderheid van de bevolking van Alberta dat de provincie deel blijft van Canada; ongeveer een kwart tot een derde steunt vorming van een onafhankelijke republiek.