De individuele tijdrit over 42 kilometer werd een prooi voor Netcompany-Ineos. Filippo Ganna knalde naar de zege, en zag hoe zijn teamgenoot Thymen Arensman op Jonas Vingegaard meer dan een minuut pakte. In de strijd om het roze schuift de Nederlander op naar plek drie.
schrijft voor de Volkskrant over wielrennen en Formule 1.
Dat Filippo Ganna de snelste zou zijn in de tiende etappe van de Giro d’Italia, dat was misschien niet zo verrassend. Vrijwel iedereen verwachtte dat de Italiaanse hardrijder zijn ongeslagen tijdritstatus van dit jaar ook op de kaarsrechte wegen langs de Tyrreense kust zou voortzetten. Terwijl het zweet van zijn hoofd en helm bleef gutsen, knalde de renner van Netcompany-Ineos met een gemiddelde snelheid van bijna 55 kilometer per uur naar de finish in Massa.
Toch was het dinsdagmiddag in Viareggo allesbehalve een saaie voorspelbare tijdrit, al moest je daarvoor wel de aandacht van de ritzege naar het eindklassement verleggen. Want een tijdrit over 42 kilometer, de langste in een Grote Ronde sinds de Giro van 2015, is natuurlijk vragen om spektakel tussen de klassementsmannen.
Terwijl Ganna al een dik uur in de hotseat zit te wachten, verschijnen de klassementsmannen een voor een op het startpodium. Zodra ze allen het eerste tussenpunt hebben gepasseerd, ziet de Italiaan dat het zijn kopman Thymen Arensman is die van alle concurrenten veruit de beste benen heeft.
De Nederlander is na 17 kilometer slechts 30 seconden langzamer dan Ganna, en pakt op alle klassementsmannen tijd. Een minuut op Felix Gall, 26 seconden op Jonas Vingegaard, 44 seconden op Giulio Pellizzari. Bij het tweede tussenpunt richting Massa loopt het verschil alleen maar verder op. Arensman blijft strak in zijn ritme en rijdt een tempo dat de rest van de klassementsrenners niet kan volgen.
Als Arensman na 42 kilometer afzien aankomt bij de meet, zijn de verschillen nog groter. De Nederlander finisht als tweede achter Ganna, op 1 minuut en 54 seconden. Een behoorlijke prestatie an sich, maar zeker kijkend naar het klassement doet Arensman uitstekende zaken. De 26-jarige pakt op Jai Hindley 1 minuut 10 seconden, op Gall 2 minuten en 30 seconden. Ook Vingegaard kan niet in de buurt komen van het tempo van Arensman: de Deen verliest meer dan een minuut.
Daarmee stijgt Arensman, die de eerste week van de Giro al goed was doorgekomen en voor de start van de tijdrit zesde stond in het klassement, door naar plek drie, achter Vingegaard en leider Afonso Eulálio (Bahrein-Victorious).
‘Ik denk dat we geweldig werk hebben gedaan deze winter’, vertelde Ganna in het interview na afloop. ‘Je ziet het ook aan onze klassementsrenners. Thymen rijdt ook uitstekend, met zijn tweede plaats. Het is geweldig teamwork. Voor ons is dit een geweldige zege.’
Voorafgaand aan de tijdrit was het niet alleen de vraag wie zou winnen en hoe de klassementsmannen zouden presteren, ook stond er een groot vraagteken rond de roze trui van Eulálio. De Portugees mocht twee minuten en 24 seconden verliezen op Vingegaard, die zijn eigen aerodynamische tijdritpak in de kast moest laten liggen omdat ze bij de ploeg de blauwe bergtrui over het hoofd hadden gezien.
Als bij het eerste meetpunt duidelijk wordt dat Eulálio veel tijd verliest, wordt nog zichbaarder dat Vingegaard een slechte dag heeft. Wie krijgt het roze? Het wordt net wel, niet net. Maar als Eulálio nog één keer aanzet, blijkt het genoeg. Hij houdt 27 seconden over, en start ook etappe 11 in de roze trui. Het verschil met Arensman is 1 minuut en 57 seconden.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant