De foto’s en video’s van de wereldberoemde Japans-Samoaanse kunstenaar Yuki Kihara zijn campy en vrolijk en zetten tegelijk een koloniaal wereldbeeld op z’n kop. In het Wereldmuseum Leiden is nu haar eerste solotentoonstelling te zien.
is redacteur van de Volkskrant. Ze schrijft onder meer over voedsel en cultuur.
Charles Darwin en Paul Gauguin samen op een expositie? Ze zouden er nog vreemd van hebben opgekeken, en niet alleen vanwege de vette laag camp waaronder ze allebei zijn bedolven in het Leidse Wereldmuseum.
De Engelse wetenschapper en de Franse kunstenaar beoefenden andere disciplines en hadden andere motieven om in de 19de eeuw naar de Stille Zuidzee te reizen. Bestudeerde de een de natuurlijke selectie van diersoorten, de ander maakte schilderijen met een erotische lading. Schreef de een over seksualiteit in droge, academische taal voor zijn victoriaanse (lees: preutse) collega-wetenschappers, de ander knoopte seksuele relaties aan met minderjarige meisjes en kwam daar openlijk voor uit.
Ze zijn onverwacht verenigd – bien étonnés de se trouver ensemble – door de Japans-Samoaanse interdisciplinaire kunstenaar Yuki Kihara (51) op de uitbundige expositie Darwin in Paradise Camp, diens eerste solo-expositie in Nederland. Ondanks hun verschillen hadden de twee veel gemeen, zag Kihara. Twee invloedrijke heteromannen, beiden uit een Europese koloniale wereldmacht die zich superieur waande aan ‘wilde’ volkeren.
Darwin (1809-1882) verzamelde in de Stille Zuidzee informatie voor zijn baanbrekende werk The Origin of Species (1859), waarin hij zijn evolutietheorie uiteenzet. Gauguin (1848-1903) vertrok naar Frans-Polynesië in 1891 om te ontsnappen aan de westerse tredmolen. Hij schilderde Tahiti als een verstilde, hemelse lusthof – wereldberoemde schilderijen als Femmes de Tahiti en Jour de Dieu hebben nog altijd invloed op het westerse beeld van het eiland. Beide heren drukten kortom een stevig stempel op het imago van Polynesië, en daarop heeft Kihara, op z’n zachtst gezegd, wel wat op aan te merken.
Die twee zagen veel over het hoofd, constateerde ze na uitgebreid historisch onderzoek. Beide mannen verdiepten zich in seks en gender, de een als wetenschapper, de ander als kunstenaar en sekstoerist, maar wisten ze bijvoorbeeld van het bestaan van de fa’afafine-gemeenschap op Samoa en andere Pacifische eilanden, ook wel aangeduid als ‘derde sekse’?
‘Met de term fa’afafine worden non-binaire mensen zoals ik omschreven’, zegt Kihara in een videogesprek vanuit Nieuw-Zeeland, waar ze momenteel exposeert op een kunstbeurs. ‘Mensen die worden geboren als man, maar zich vrouwelijk gedragen. In Samoa wordt sekse niet biologisch gedefinieerd maar cultureel; het is een erkend geslacht, net als vrouwen die mannelijk gedrag vertonen, de fa’atama.’ Ze heeft er zelf voor gekozen als vrouw te worden aangesproken.
De fa’afafine hebben een specifieke rol in de gemeenschap. ‘We werken vaak als verzorgers, bijvoorbeeld van bejaarden en kinderen, en daarom worden we traditioneel beschouwd als het cement van onze samenleving. Na de tsunami op Samoa in 2009 waren er veel fa’afafine die eerste hulp verleenden aan de slachtoffers.’
In de ogen van de Britse missionarissen die in de eerste helft van de 19de eeuw behalve het kruis ook de victoriaanse moraal meebrachten naar de eilandengroep, bestond de mensheid uit enkel heteroseksuelen. ‘Darwin, die iets na hen arriveerde, ontweek de vraag of er hermafrodieten bestaan. In de Pacifische wateren wemelt het van de hermafrodiete vissoorten, maar hij was terughoudend over meerslachtigheid en homoseksualiteit in de dierenwereld’, zegt Kihara.
Ze refereert aan vrij recente studies van onder anderen de Britse historicus Ross Brooks. Die kwam tot de conclusie dat natuuronderzoekers uit het verleden, onder wie Charles Darwin en Carl Linnaeus, wel degelijk een grote seksuele diversiteit onder dieren vaststelden, maar niet met die bevindingen te koop liepen. ‘Misschien waren ze bang om buitengesloten te worden’, zegt Kihara, ‘er heerste een puriteinse heteromoraal in hun tijd.’
Op de expositie zien we een wat onzekere ‘Darwin’ in een video. De Engelse geleerde, gespeeld door Kihara zelf, wordt uit zijn stoffige 19de-eeuwse werkkamer geplukt en meegenomen naar een fonkelende onderwaterwereld door een bekende fa’afafine dragqueen uit Samoa. ‘Darwin verborg een deel van zijn onderzoek in de kast’, zegt Kihara. ‘Als je skeletten in de kast hebt draag je dat mee als last. Ik geef hem de mogelijkheid zich te ontdoen van die last als hij een groep fa’afafine dragqueens ontmoet.’
Voordat Darwin afdaalt naar het rijk van meerslachtige vissen wordt hij, met instemming, omgekleed tot dragqueen. Hij krijgt een outfit in de kleuren van een anemoonvis (het oranje-witte ‘clownvisje’), een van de vele zeedieren die van geslacht kan veranderen. Om het onderwatercollege op de video te ondersteunen zijn er op de expositie bokalen met (echte) meerslachtige zeedieren op sterkwater te zien: anemoonvissen, murenen, zeepaardjes, papegaaivissen.
Onder de vrolijke laag camp die Kihara over haar werk legt zit altijd een bloedserieuze boodschap. Neem het werk over Paul Gauguin op de expositie Paradise Camp, in 2022. Ze baarde er opzien mee op de Biënnale van Venetië. Darwin werd later toegevoegd aan de expositie.
‘Ik zal jou je eigen werk laten zien door mijn ogen’, vertelt ze de schilder in een parodiërende video waarin ze zelf de rol van Gauguin speelt. In het speelse, humoristische filmpje, en met fotografische panelen in felle kleuren zet ze het werk van de gevierde schilder in een nieuw daglicht.
Kihara ontdekte dat Gauguin voor de schilderijen die hij maakte op Tahiti, destijds deel van Frans Polynesië, foto’s gebruikte van mensen uit Samoa, haar geboorteland. Een belangrijke ontdekking; het was kunsthistorici tot die tijd ontgaan. Voor de duidelijkheid: deze twee eilandengroepen liggen zo’n 2.500 kilometer van elkaar vandaan.
‘Ik kwam erachter in 2008, tijdens mijn solo-expeditie in het Metropolitan Museum in New York’, zegt Kihara. ‘Daar hing ook werk van Gauguin. De composities van zijn schilderijen deden me denken aan historische foto’s van Samoa, gemaakt door koloniale fotografen uit Nieuw-Zeeland.’
Die historische beelden kende ze uitzonderlijk goed. Als kunstenaar was ze begonnen met research naar haar eigen cultuur, onder meer op foto’s. ‘Omdat ik zelf van Samoa kom, zag ik dat koloniale fotografen mensen hadden laten poseren, en voorwerpen en versieringen hadden toegevoegd buiten de gebruikelijke context. Ze hadden hun eigen beeld samengesteld van wat ze ‘wilden’ noemden.’
‘Toen ik werk van Gauguin vergeleek met die foto’s, waren de overeenkomsten niet te missen: sommige composities bleken exact hetzelfde. Op Samoa is hij nooit geweest. Tijdens zijn tweede reis naar Tahiti, in 1895, heeft hij Nieuw-Zeeland aangedaan. Vermoedelijk heeft hij daar ansichtkaarten gekocht van die foto’s.’ Onderdeel van de expositie in Leiden is een paneel met historische koloniale foto’s naast afbeeldingen van enkele schilderijen van Gauguin. De overeenkomsten laten weinig ruimte voor misverstanden.
Net als die 19de-eeuwse fotografen veegde Gauguin de gemeenschappen uit de Stille Zuidzee op een hoop, zegt Kihara. Hij fantaseerde zijn eigen exotische utopia bij elkaar, in beelden die tot op de dag van vandaag nog opduiken om Tahiti te ‘verkopen’ aan toeristen.
‘Toen hij naar Tahiti kwam was dat allang niet meer het paradijs waarnaar hij op zoek was. Het wemelde er inmiddels van de missionarissen en andere koloniale functionarissen, het soort mensen van wie hij juist wegvluchtte, Europeanen die het paradijs aan het vernietigen waren.’
Kihara besloot haar bevindingen niet om te zetten in een verbeten dispuut, maar te kiezen voor een flamboyant artistiek commentaar. Ze zette Samoanen uit de fa’afafine-gemeenschap precies zo neer als de mensen op Gauguins schilderijen en fotografeerde ze in knalkleuren. ‘Ik heb je schilderijen verbeterd voor hergebruik’, zegt ze in haar video tegen Gauguin. Tegen de Volkskrant: ‘Mijn foto’s zijn gerepareerde versies van zijn schilderijen.’
Door het nevelige palet van Gauguin te vervangen door felle tinten maakt ze haar werk niet alleen luchtig, ze haalt symbolisch een sluier weg om de Samoanen een duidelijk gezicht te geven. Dat wordt versterkt door de bordjes bij de foto’s, die de namen van de afgebeelde personen vermelden en hun rol in de gemeenschap. Anonieme ‘inheemsen’ krijgen zo een identiteit, een daad van respect die Gauguin, andere 19de-eeuwse kolonialen en velen na hen achterwege lieten.
Zou Gauguin geweten hebben van het bestaan van de fa’afafine? Hij schilderde vrouwen als mooie, dromerige nimfen en mannen als vredige natuurwezens. ‘Als je kijkt naar zijn beroemde schilderij Waar komen wij vandaan? Wat zijn wij? Waar gaan wij heen? uit 1897, zie je dat sommige modellen zowel man als vrouw kunnen zijn’, zegt Kihara. ‘Op Tahiti is eenzelfde gemeenschap als die van de Samoaanse fa’afafine, die heet mahu. Ik herken op dat schilderij enkele personen die mahu zouden kunnen zijn. Ze waren ook toen overal aanwezig op Tahiti, het kan hem niet zijn ontgaan, maar hij heeft zich er nooit over uitgelaten.’
Als locatie voor haar foto’s zocht ze Hof van Eden-achtige plekken op Samoa, het lijken beelden uit een toeristenbrochure, maar al deze plekken werden in 2009 getroffen door een tsunami. Klimaat en toerisme vormen een andere, minder nadrukkelijke laag in haar werk. ‘In de Pacific voelen we de klimaatverandering meer dan elders. Sommige kustdorpen op Samoa moeten worden verplaatst naar het binnenland vanwege de zeespiegelstijging.’
Nog zo’n westerse ‘zegening’, zegt ze, waarmee bewoners van de Stille Zuidzee zijn opgezadeld.
Kihara buigt op een speelse manier de westerse blik op gender, natuur en cultuur om naar een inheems perspectief. Dat is een pikant gegeven nu ze exposeert in de context van het Wereldmuseum Leiden, tussen etnografische voorwerpen; een verdieping lager is een grote Papoea-tentoonstelling met vooral door westerse kolonialen verzamelde collecties. Het museum sluit daarom juist perfect aan bij de oorsprong van haar eigen werk, zegt ze. ‘In musea voor hedendaagse kunst weet je vaak niet vanuit welk idee een werk is ontstaan. Dat is bij mij juist heel duidelijk. Ik roep met mijn werk vragen op over wie er indertijd beter is geworden van westerse etnografie. Niet het mondiale Zuiden in elk geval, niet mensen zoals ik.’
Yuki Kihara: Darwin in Paradise Camp. T/m 3/1 in het Wereldmuseum Leiden.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant