Home

Is Shift Landmark, het prestigieuze nieuwe Rotterdamse duurzaamheidsproject, zelf wel zo duurzaam?

Duurzame architectuur Rotterdam krijgt een nieuw icoon voor een duurzame wereld, maar het nieuwe initiatief roept in de architectuurwereld ook weerstand op. Het prestigeproject wakkert het debat aan over duurzaam bouwen.

Het ontwerp van MVRDV, 'Rotterdam Rocks', voor Shift Landmark, het nieuw te bouwen 'icoon voor een duurzame toekomst' in Rotterdam.

„Het beste wat we kunnen doen is niet bouwen.” Dat zei Sanne van der Burgh van architectenbureau MVRDV (bekend van de Markthal in Rotterdam) naar aanleiding van Carbon Confessions, de tentoonstelling over klimaatvriendelijk bouwen die haar bureau onlangs organiseerde. Onderzoek laat zien dat in 2022 de bouwsector verantwoordelijk was voor maar liefst 33 procent van de wereldwijde CO2-uitstoot, volgens Van der Burgh is dat zelfs 39 procent. Ecologische schade is onvermijdelijk bij het winnen van grondstoffen voor bouwmaterialen, bijvoorbeeld door mijnbouw. Zelfs het recyclen van materialen, zoals staal, kost veel energie. Van der Burghs conclusie: „Het is een ongemakkelijke boodschap voor een architect, maar we zouden minder moeten bouwen en meer moeten renoveren.”

Toch wil Don Ritzen voor 240 miljoen euro een nieuw en groots gebouw als icoon voor een duurzame toekomst neerzetten in Rotterdam. Ritzen is ondernemer en een van de oprichters van het succesvolle startup-investeringsbedrijf Rockstart. Het gat in de ozonlaag gaf hem als kind slapeloze nachten. Nu wil hij klimaatverandering en biodiversiteitsverlies aanpakken. Daarom nam hij het initiatief voor Shift Landmark, een ‘nieuw wereldwonder’, zoals Ritzen het zelf noemt, dat een icoon voor een duurzame toekomst moet worden. Het gebouw moet verrijzen op een voormalig bedrijventerrein aan de Nieuwe Maas in Rotterdam-Zuid, pal naast een geplande stadsbrug en treinstation in de grootstedelijke, duurzame wijk Waterkant. De missie: systeemverandering tot stand brengen door jaarlijks één miljoen bezoekers te bewegen tot „een circulaire en duurzame manier van leven en werken”.

Spectaculaire ontwerpen

Voor het ontwerp van het gebouw werd een internationale ontwerpprijsvraag uitgeschreven, waar uit tachtig inschrijvingen vijf finalisten zijn gekozen. Het ontwerp van Mecanoo lijkt op een kruising tussen de door hen pas vernieuwde Nederlandsche Bank en Lina Bo Bardi’s Museum of Art in São Paulo, met een zwevende aardbol in de gevel. Het Britse Heatherwick Studio ontwierp een symmetrisch rifvormig bouwwerk. Het Spaanse Office for Political Innovation kwam met een spekkoek van landschappen, het eveneens Spaanse Ecosystema Urbano tekende een wild begroeide berg met trappen die uitstekende bouwdelen met elkaar verbinden. MVRDV kwam met een opvallend ensemble van overwoekerde, poreuze keien en een klaterende waterval. Desgevraagd laat MVRDV – dat meedeed ondanks de boodschap van Van der Burgh – weten dat ze Shift Landmark beschouwen als een „bewust experiment” met „duurzaam en ecologisch bouwen” waarmee ze willen „bijdragen aan toekomstige innovaties in de bouwsector.”

Stuk voor stuk zijn het spectaculaire ontwerpen. Maar in de architectenwereld roept het prestigeproject ook vraagtekens op. Het verminderen van door de bouw veroorzaakte klimaatschade is een grote opgave in de architectuur – zo niet dé opgave.

Architect Oana Bogdan wees er op LinkedIn op dat een geloofwaardig icoon dat oproept tot klimaatactie gebruik zou moeten maken van een bestaand gebouw. Architectuurhistoricus Wouter Vanstiphout bestempelde Shift Landmark als een „bedrieglijke onzincompetitie”. In een essay in vakblad De Architect stelde hij dat een „icoon op megaschaal” voor duurzaamheid hoe dan ook paradoxaal is, vanwege de klimaatschade die zo’n opzet betekent. Gebouwen die bomen en vegetatie moeten kunnen dragen, vereisen zware draagconstructies – en daarvoor zijn de weinig duurzame materialen staal en beton nodig. Architects Climate Action Network schreef dat door de klimaatwinst naar de toekomst te verplaatsen, Shift Landmark de verantwoordelijkheid afschuift om nú klimaatbewust te handelen. Het gebouw brengt geen systeemverandering tot stand, maar zet juist het huidige vervuilende systeem voort. „Dit is een voorbeeld van greenwashing in de bouwsector”, luidt hun oordeel.

‘Planetary Landmark for the Climate Age’ door het Spaanse Office for Political Innovation.

‘Urban Reef’, een ontwerp van het Britse Heatherwick Studio.

‘Baken van hoop’

In een koffiebar in de Amsterdamse binnenstad legt initiatiefnemer Ritzen uit dat nieuwbouw onvermijdelijk was omdat de kavel leegstaat; er is niets om te hergebruiken. Verder is de kavel te klein om het omvangrijke programma in laagbouw te realiseren, wat minder uitstoot vereist dan hoogbouw. „We zijn niet perfect, maar de positieve impact wordt groot.” Ritzen verzet zich tegen „de drang naar morele puurheid. Daar kan niemand aan voldoen. Het verlamt mensen om wél iets te doen. Daarvoor is Shift Landmark juist: hoop en handelingsperspectief bieden. Maar het klopt, het kan niet het duurzaamste gebouw ooit worden.”

Volgens Ritzen worden de ontwerpen ook beoordeeld op het vermogen tot hergebruik. De symbolische kracht van architectuur is echter doorslaggevend. „We hebben ook gekeken naar modulair bouwen, zodat het kan gebouw meegroeien met de tijd. Maar dat zou ten koste gaan van het iconische van het ontwerp.” Als voorbeeld noemt Ritzen het Guggenheim Museum Bilbao van sterarchitect Frank Gehry uit 1997, dat nog steeds een miljoen bezoekers trekt per jaar. „Een symbool is tijdloos, mensen blijven ernaartoe komen. Dat noem ik duurzaam.”

Binnen de architectenwereld verschuift de aandacht juist naar transformatie, hergebruik en systeemverandering, zegt Merel Pit, hoofdredacteur van vakblad De Architect. „In dat licht voelt een nieuw, groot icoon voor duurzaamheid eerder als een stap terug.” Dat Ritzen het Guggenheim noemt, vindt Pit veelzeggend. „Architectuur werd toen [eind jaren negentig] ingezet als economische motor en citymarketinginstrument. Ik herken Ritzens ambitie. Hij zet architectuur in als uithangbord voor zijn boodschap.” Ritzen beaamt dat, hoewel hij liever spreekt van een „baken van hoop”. Maar wat als al die bezoekers het vliegtuig instappen om het duurzaamheidsbaken te bekijken? Voor dit soort vragen heeft Ritzen berekeningen gemaakt. Als een bezoeker uit Japan zijn ecologische voetafdruk met 5 procent reduceert na een bezoek aan Shift Landmark, dan is de vlucht gecompenseerd. En als na vijftig jaar de 25 miljoen verwachte bezoekers zijn geweest die hun voetafdruk met 20 procent hebben gereduceerd, dan levert dat uiteindelijk 15.000 keer meer klimaatwinst op dan de bouw kost.

Veranderingsmachine

Maar hoe gaat het bouwproject mensen daartoe bewegen? Shift Landmark is bedacht als een soort veranderingsmachine en centrum voor „economie en ecologie” ineen. Alle onderdelen moeten bezoekers inspireren tot een duurzamere leefstijl. Het gebouw geeft „hoopvolle verhalen” van klimaatondernemers een plek, zoals dat van Boyan Slats The Ocean Cleanup. Bezoekers kunnen een persoonlijke impactscan doen en er is een app die je vertelt hoe je positief kan bijdragen. Ook komt er een hotel, restaurant en een uitkijkpunt over Rotterdam. Overheden en bedrijven kunnen ruimtes huren om samen te werken aan een duurzame toekomst. Maar het belangrijkste en grootste onderdeel is de „meeslepende en kunstzinnige bezoekerservaring”, waarvoor de architectenbureaus samenwerkten met kunstenaars en experience designers. Deze opzet baseerde Ritzen op eerdere pilots en onderzoek van verschillende gedragswetenschappers. Met name dat van Per Espen Stoknes was bepalend. De Noorse econoom is voorstander van de onbewezen theorie van groene groei, die stelt dat huidige economische groei kan doorgaan zonder ecologische schade en CO2-uitstoot.

Esther Papies, hoogleraar blijvende gedragsverandering voor duurzaamheid aan de Radboud Universiteit Nijmegen, vertelt in een videogesprek dat er „geen enkel wetenschappelijk bewijs is dat groene groei mogelijk is zonder de planetaire grenzen te overschrijden”. Wel juicht de hoogleraar Shift Landmark toe en nam ze in een vroeg stadium deel aan een adviespanel. De verbeelding is volgens haar essentieel voor systeemverandering. „Je wil mensen zich laten voorstellen dat ons leven beter wordt als niet wij ten dienste staan van de economie – zoals nu het geval is – maar andersom: dat de economie óns dient.” Papies twijfelt echter of er genoeg gedragsverandering plaatsvindt door enkel te inspireren en duurzame initiatieven aan te reiken. „Het huidige systeem staat op instorten. Als Shift kan helpen een nieuw systeem klaar te zetten, dan is dat positief.” Maar daarvoor moet men wel klaar zijn voor een „ongemakkelijk gesprek” over economische groei, het liefst met invloedrijke mensen. Een ruimte waar overheden en bedrijven kunnen samenkomen vindt ze daarom een slimme zet.

‘The House of Shift’ van het Nederlandse ontwerpbureau Mecanoo

Het Spaanse Ecosistema Urbano ontwierp ‘A Living Landmark’.

Rotterdam-Zuid    

Een ander kritiekpunt op Shift Landmark is dat het een top-downproject zou zijn. Het zou de omliggende buurten van Rotterdam-Zuid, die behoren tot de armste van de stad, weinig te bieden hebben. Barbara Luns, directeur van het Architectuur Instituut Rotterdam, vindt het proces een gemiste kans. „Eerst wordt er een ontwerp gemaakt, daarna volgt pas een gesprek met de omliggende buurten en bewoners”, schrijft Luns per mail. „In de architectuurnota van Rotterdam staat een zin die me nu al jaren bezighoudt: ‘Architectuur is een publieke zaak voor alle Rotterdammers.’ Volgens mij moet je het dus omdraaien en eerst luisteren naar de behoeften.”

Ook Merel Pit van De Architect vraagt zich af wat deze buurten eraan hebben. „Een gebouw waar bewoners een experience beleven helpt hen helemaal niks. Duurzaam gedrag is een luxe die zij zich vaak helemaal niet kunnen permitteren.” Liever ziet Pit een wijk waar je bewoners helpt bij verduurzaming en gezond en betaalbaar wonen.

Volgens Ritzen biedt Shift juist kansen voor Zuid: „We zetten ook in op de promotie van duurzame initiatieven in de wijk.” Scholen krijgen gratis toegang. Studenten kunnen met de top van het bedrijfsleven in contact komen. Sommige finalisten bedachten een publiek park. Maar voor Ritzen blijkt iets anders doorslaggevend voor de opzet van Shift Landmark. Op zijn laptop toont hij dat de 10 procent rijkste mensen ongeveer de helft van de wereldwijde emissies veroorzaken. In Nederland gaat het dan om iedereen met minstens een modaal inkomen. Bij hen moet je zijn voor impact, is de gedachte. Eind juni wordt het winnende bureau bekend gemaakt, in 2031 zou het gebouw klaar moeten zijn. Daarna wil Ritzen verder. Er moet een landmark verrijzen op ieder continent.

Op 1 juli wordt in het Keilepand M4H in Rotterdam een discussieavond georganiseerd over duurzaam bouwen in relatie tot Shift Landmark.

Duurzaamheid

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next