Home

Opinie: Wie hanteert er nu een witte meetlat in onderzoek naar het slavernijverleden?

DDe verdeling van gelden uit het slavernijfonds zou leiden tot ‘epistemische bezetting’, stellen critici. Onzin, reageren Esther Captain en Alana Helberg-Proctor: uitgangspunt is juist dat de vragen van wetenschappers in en uit Indonesië, Suriname, Zuid-Afrika en diasporagemeenschappen leidend zijn.​​​​​​​​​​​​​​​​

Met een verzuchting hebben wij het opiniestuk van Ruud Duvekot en Olten van Genderen gelezen over de Internationale Kennissamenwerking Nederlands Slavernijverleden en Doorwerking in Indonesië, Suriname en Zuid-Afrika en het project Slavery past present: Dutch slavery and colonialism and their present-day impact van de Nationale Wetenschapsagenda (NWA) in Indonesië, Suriname, Curaçao, Aruba, Zuid-Afrika en Europees Nederland.

Een verzuchting, omdat zij volstrekt niet op de hoogte zijn van de besteding van onderzoeksgelden die het Koninklijk Instituut voor Taal-, Land- en Volkenkunde (KITLV) coördineert, en de totstandkoming van het NWA-consortium.

Over de auteurs

Esther Captain is als senior onderzoeker bij het KITLV betrokken bij de internationale kennissamenwerking Indonesië, Suriname en Zuid-Afrika. Daarnaast is zij bijzonder hoogleraar aan de Universiteit Utrecht. Alana Helberg-Proctor is universitair docent aan de Universiteit van Amsterdam en projectleider van het NWA-project Slavery past present: Dutch slavery and colonialism and their present-day impact.

Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.

Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.

Superioriteit

Wat is er aan de hand? Duvekot en Van Genderen stellen dat KITLV ‘het kenniscentrum vormt voor een internationaal programma, met partners uit Suriname, Zuid-Afrika en Indonesië’, en daarvoor een bedrag van 924 duizend euro ontvangt van het ministerie van Onderwijs. Zij veronderstellen dat het KITLV het onderzoek gaat huisvesten en eindrapporten gaat publiceren, waardoor via de ‘ingebakken onderzoeksinfrastructuur de westerse morele superioriteit’ wordt herbevestigd.

Maar waarom gaan Duvekot en Van Genderen er eigenlijk automatisch vanuit dat dit de aanpak en de verdeling van de gelden is? Als zij de moeite hadden genomen om zich juist te informeren, hadden ze kunnen weten dat het tegenovergestelde het geval is. Uitgangspunt is namelijk dat de lokale vragen en lokale perspectieven van wetenschappers uit Indonesië, Suriname en Zuid-Afrika leidend zijn.

De drie landen stellen eigen onderzoeksagenda’s op: autonoom, zonder bemoeienis vanuit Nederland. Zo is in de Surinaamse onderzoeksagenda als uitgangspunt opgenomen dat lokale wetenschappers vanuit een eigen Surinaams perspectief en eigen wetenschapsfilosofische benadering (inheems, Afro-Surinaams et cetera) onderzoek zullen gaan verrichten.

Daarbij hebben Indonesië, Suriname en Zuid-Afrika de beschikking over hun eigen onderzoeksbudget: 75 procent van de 924 duizend euro gaat naar de drie landen, 25 procent gaat naar KITLV als intermediair tussen de landen in het programma. De Anton de Kom Universiteit in Paramaribo heeft in het kader van de internationale kennissamenwerking besloten om eind dit jaar een Historiografisch Seminar te organiseren. Het KITLV heeft daarvoor een uitnodiging ontvangen, die mijn instituut in respect en dankbaarheid aanvaardt. Het was ook goed denkbaar dat zij het KITLV niet hadden uitgenodigd: daar gaat mijn instituut namelijk niet over.

Uitnodiging

Een vergelijkbare misvatting presenteren Duvekot en Van Genderen over het NWA project. De NWA Call Slavernijverleden: (onderbelichte vormen van) doorwerkingen en perspectieven heeft plaatsgevonden door middel van een 3-fase aanmeldprocedure. In april 2025, tijdens fase 1, konden individuele participanten zich aanmelden voor de Sandpit middels een ‘expression of interest’. Enkel individuen die uitgenodigd zijn door de raad van bestuur van NWO konden deelnemen aan de Sandpit en gezamenlijk één aanvraag indienen.

Tijdens deze vijfdaagse Sandpit in augustus 2025 hebben de uitgenodigde 29 consortiumparticipanten onder begeleiding van externe facilitators de contouren van een gezamenlijk NWA-project geschetst en de werkpakketten uitgewerkt. Het verdelen van de verschillende rollen, zoals projectleiderschap, vond plaats op de laatste dag, na het gezamenlijk opstellen van de eerste contouren van de aanvraag.

Ruud Duvekot en Olten van Genderen lijken niet op de hoogte te zijn van hoe dit consortium inclusief universiteiten in voormalige koloniën en diaspora-instellingen tot stand is gekomen, welke partners participeren in het consortium, en hoe het budget ingericht is. Ter illustratie, nog geen 20 procent van het totaalbudget is bestemd voor de Universiteit van Amsterdam – en dit UvA-budget is grotendeels bestemd voor loonkosten voor onderzoekers die zelf behoren tot diasporagemeenschappen.

Dus, wie hanteert er nu een witte meetlat?

Sensitiviteit

Onderzoek doen naar een historisch beladen thema als het Nederlandse slavernijverleden en de lange doorwerking daarvan vraagt van wetenschappers om sensitiviteit, het vermogen om te luisteren en om ruimte te geven. Het KITLV viert dit jaar zijn 175-jarig jubileum. Dat de auteurs stellen dat de erfenis daarvan nog steeds doorslaggevend zou zijn, zien wij als een bewust wegkijken van de ontwikkelingen die het instituut heeft doorgemaakt.

Juist door die nalatenschap kritisch te benaderen met een mix van medewerkers afkomstig uit voorheen gekoloniseerde landen, collega’s geworteld in de diaspora en in Nederland, is het door de auteurs naar voren gebrachte verwijt van ‘epistemische bezetting’ volstrekt uit de lucht gegrepen.

Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next