Home

Het idee dat na een droomhuis, promotie of partner een lang en gelukkig leven wacht, is een sprookje volgens deze Yale-hoogleraar

Laurie Santos, hoogleraar psychologie, creëerde met ‘Psychology and the Good Life’ het populairste vak in de geschiedenis van de Yale-universiteit. Een podcast en vele onderzoeken verder bezoekt de Volkskrant haar op de campus met de vraag: wat ís het geheim van geluk?

is mediaverslaggever van de Volkskrant. Hij schrijft vooral over televisie, podcasts en boeken.

Laurie Santos (50), hoogleraar psychologie aan de Yale-universiteit, is een drukbezette vrouw. Wie haar mailt, krijgt per kerende post terug dat ze op een dag meer dan honderd e-mails ontvangt. Een reactie kan daardoor even op zich laten wachten.

Die volgt elf dagen later. Ze stemt in met een interview op haar kantoor in New Haven, een universiteitsstadje op anderhalf uur treinen van New York.

Vak met praktische tips

Yale behoort tot de zogenaamde Ivy League – een groep van acht topuniversiteiten in het noordoosten van de Verenigde Staten – en is een van de oudste universiteiten van het land, want opgericht in 1701. In al die tijd is er geen vak zo populair geweest als ‘Psychology and the Good Life’.

Dat vak, waarin studenten praktische tips krijgen over hoe ze gelukkiger kunnen worden, is in 2018 bedacht door Santos. Een kwart van alle bachelorstudenten van Yale schreef zich er dat jaar voor in. Aan een onlinevariant deden ruim vier miljoen mensen mee. Verbaasd door de animo begon Santos The Happiness Lab with Dr. Laurie Santos, een podcast die per maand inmiddels honderdduizenden luisteraars trekt.

Door dit alles is Santos, die magna cum laude is afgestudeerd in biologie en psychologie aan Harvard, een geluksgoeroe geworden.

Broodnuchter en bescheiden

Wie zich nu een gladde charmeur met gepolijste oneliners inbeeldt, heeft het mis. Santos, die zich uitgebreid verontschuldigt omdat haar vorige vergadering vijf minuten is uitgelopen, is broodnuchter en bescheiden. Ook haar werkplek kent geen opsmuk. Geen eeuwenoud bakstenen gebouw met kroonluchters, maar een dertien verdiepingen tellende glazen toren die de universiteit deelt met een farmaceutisch bedrijf.

In de lift naar haar kantoor, op de negende verdieping, vertelt Santos dat ze kort heeft samengewerkt met de in 2024 overleden Nederlandse primatoloog Frans de Waal. ‘Ik ben lang psycholoog geweest en heb de oorsprong van het brein bestudeerd: hoe mensen denken en hoeveel overeenkomsten we hebben met dieren.’

Studenten met mentale problemen

Als ze heeft plaatsgenomen in haar kantoor, waar werken in de kast staan van Jane Goodall, Charles Darwin en Sigmund Freud, zegt ze dat ze geïnteresseerd raakte in geluk toen ze op de campus een nieuwe rol kreeg. ‘Ik werd wat ze een head of college noemen, een soort studentenouder. Ik leefde tussen de studenten, zat met ze in de eetzaal.’

Daar zag ze hoeveel studenten kampen met mentale problemen. ‘Op dit moment zegt meer dan 40 procent van alle Amerikaanse studenten dat ze te depressief zijn om normaal te functioneren. Meer dan 60 procent zegt overweldigende angstgevoelens te ervaren. Meer dan een op de tien heeft zelfmoord serieus overwogen.’

Hier móét iets aan gebeuren, dacht ze toen de cijfers een gezicht kregen. ‘En omdat ik hoogleraar ben, besloot ik een nieuw vak te geven, over de wetenschap van geluk.’

Erfelijkheid

Mensen hebben veel meer invloed op hun eigen geluk dan ze vaak denken, zegt Santos. Ja, erfelijkheid is een factor. Wie ongelukkige ouders heeft, loopt een grotere kans zelf ook te somberen. ‘Maar de rol die genen spelen, is kleiner dan vaak gedacht. Die wordt geschat op 30 tot 40 procent.’

Dit wordt gemeten met tweelingstudies. ‘Het geluksniveau van eeneiige tweelingen lijkt vaak meer op elkaar dan dat van twee-eiige tweelingen, en dat terwijl ze allemaal in dezelfde omgeving opgroeien. Het enige verschil is dat twee-eiige tweelingen niet dezelfde genen hebben, en eeneiige wel. Dan weet je dat die een rol spelen.’

De erfelijkheid van geluk lijkt sterk op die van religiositeit, zegt Santos. ‘Ook daar speelt genetica een rol, maar ook daar heb je natuurlijk zelf invloed op.’

Maakt geld gelukkig?

Eerst maar even: wat is geluk? ‘Over die vraag kunnen we een heel interview lang praten. In het kort: sociale wetenschappers zien geluk meestal als iets wat uit twee onderdelen bestaat. Gelukkig zijn ín je leven betekent dat de verhouding tussen positieve en negatieve emoties goed is. Gelukkig zijn mét je leven draait om zingeving en wordt meestal gemeten door een vraag als: hoe tevreden bent u met uw leven?’

Beide onderdelen zijn belangrijk, zegt Santos. ‘Als je je voortdurend ellendig voelt, ben je waarschijnlijk niet gelukkig, zelfs niet als je iets betekenisvols doet. Maar puur hedonistisch plezier leidt ook niet tot geluk als het geen betekenis geeft.’

Gaat het over geluk, dan gaat het vaak over geld. Maakt geld gelukkig? Daar is nieuw onderzoek naar gedaan, zegt Santos. ‘De eerste keer dat ik het vak gaf, was de wetenschappelijke consensus nog dat geld gelukkiger maakt tót je 75 duizend dollar per jaar verdient – dit is een gemiddelde, als je in een dure stad woont zal het iets meer zijn. Uit nieuw onderzoek van onder meer Daniel Kahneman blijkt dat mensen ook na 75 duizend dollar nog gelukkiger worden, maar het effect is minimaal. Wie zijn inkomen verviervoudigt of zo, wordt maar 0,2 procent gelukkiger.’

Gewenning

Een andere misvatting is dat mijlpalen gelukkig maken. Veel mensen, zegt Santos, denken dat ze gelukkig zullen zijn als ze een felbegeerde promotie krijgen, een droomhuis kopen of de perfecte partner vinden. Maar het idee dat daarna een lang en gelukkig leven wacht, is volgens Santos sprookjesachtig.

Dat komt door de grote vijand van geluk: gewenning. ‘Als je trouwt, schiet je geluk in het begin omhoog’, zegt Santos. ‘Maar na verloop van tijd kalft het af. Je begint dingen als vanzelfsprekend te beschouwen.’

Daar is wat aan te doen. ‘Ik ben nu ruim tien jaar getrouwd met mijn man. Ik heb mezelf echt aangeleerd om bewust bij alle mooie eigenschappen van hem stil te staan: bij zijn lach, bij hoe lief hij voor me is. Hoe meer dankbaarheid je toont, hoe meer je ervan blijft genieten en hoe langzamer die gelukscurve omlaaggaat.’

Deze les is ook buiten een huwelijk toepasbaar. ‘Je kunt even stilstaan bij je ochtendkoffie, of bij het gevoel van de zon op je gezicht.’

Geluksgewenning is ook te doorbreken door je geluk tijdelijk stop te zetten. ‘Als je favoriete liedje wordt afgespeeld, geniet je daar in het begin heel erg van. Naarmate het liedje vordert, neemt het geluk langzaamaan af. Als het liedje wordt gepauzeerd, duikelt je geluk helemaal naar beneden. Maar zodra het weer verder speelt, schiet het omhoog, naar een hoger niveau zelfs dan dat van vlak voor de pauze.’

Met dit gegeven in het achterhoofd doet Santos tegenwoordig langer over een bak ijs. Na een paar happen zet ze het ijs weer terug in de diepvries. ‘Na hap zeven geniet ik er toch minder van dan na hap één.’

Dankbaarheidsboekjes

Sommige mensen zijn cynisch over dankbaarheidsboekjes, ze zouden mierzoet zijn, maar ze helpen écht, zegt Santos. ‘Er is een mooie studie van Sonja Lyubomirsky waaruit blijkt dat als je twee weken lang dagelijks drie tot vijf dingen opschrijft waar je dankbaar voor bent, je geluksniveau al aanzienlijk stijgt.’

Dat komt ook doordat dankbare mensen zich anders gedragen. ‘Omdat ze al tevreden zijn over hun huidige situatie, voelen ze meer ruimte om over hun toekomst na te denken. Neurowetenschapper David DeSteno heeft aangetoond dat dankbare mensen gezonder eten en meer sparen voor hun pensioen – wat weer leidt tot meer geluk.’

Ook in een rotsituatie kun je dankbaar zijn, zegt Santos. ‘Ik woon in Boston en mijn trein naar New Haven is vaak vertraagd. Ik heb dan meteen zin om te klagen. Maar dan bedenk ik me dat onze treinvervoerder Amtrak zó slecht is dat ik ook blij kan zijn dat de trein überhaupt rijdt. Het kan altijd erger.’

Een dergelijk besef heeft volgens Santos grotere gevolgen dan je misschien zou denken.

‘Sigal G. Barsade van de Wharton Business School sprak van spiralen van emoties. Als ik boos blijf vanwege die vertraagde trein is de kans groot dat ik chagrijnig ben tegen mijn studenten. Op hun beurt worden zij daar weer mokkeriger van, waardoor ik nóg chagrijniger word. Als je die eerste negatieve emotie in de kiem smoort, gebeurt dat allemaal niet.’

Vergelijken met anderen

Mensen vergelijken zichzelf voortdurend met andere mensen. Cruciaal is met welke. Uit een analyse van medaille-uitreikingen op de Olympische Spelen bleek dat winnaars van zilver ongelukkiger op de foto stonden dan winnaars van brons. Waarom? Volgens de onderzoekers omdat hun referentiepunt de winnaar van goud was. De nummers drie vergeleken zich daarentegen met de atleten die net buiten de prijzen waren gevallen.

‘Het klinkt rot’, zegt Santos, ‘maar ik probeer mezelf ook altijd te vergelijken met mensen die het slechter hebben dan ik.’

Maar mensen zijn geneigd om zich te vergelijken met mensen die het beter hebben. En daarom zijn sociale media ook zo destructief, zegt Santos. ‘We vergelijken onze eigen rommelige realiteit met de geïdealiseerde en gefotoshopte levens die we op Instagram voorbij zien komen.’ Santos raadt aan ermee te stoppen of sociale media in elk geval bewuster te gebruiken.

Ook omdat de sociale contacten die je daar hebt sociaal aanvoelen, maar dat niet echt zijn. ‘Vroeger ontmoetten we elkaar natuurlijk altijd in het echt. Uit onderzoek blijkt nu dat niet zozeer het fysieke samenzijn ertoe doet, maar wel het rechtstreekse contact. Als ik jou bel, hoor je mijn emoties en reageer je daar meteen op. Wat niet tot gevoelens van verbondenheid leidt, is als ik jou een berichtje stuur en daar vijf minuten later een reactie op krijg. Dat is een beetje als kunstmatige zoetstof. Het smaakt misschien wel als suiker, maar is niet zo voedzaam.’

Sociale contacten

Wat het meeste bijdraagt aan geluk, beklemtoont Santos, zijn sociale contacten. Oók met vreemden. ‘Er zijn hier talloze onderzoeken naar gedaan, naar de gevolgen van kletsen in de wachtkamer of met je taxichauffeur, en allemaal wijzen ze uit dat we ons daarna beter voelen. Dit geldt ook voor introverte mensen, die vooraf hadden voorspeld dat ze zich daar slechter van zouden gaan voelen.’

Door nieuw onderzoek plaatst Santos hier wel een nuance bij. ‘Micaela Rodriguez van de University of Michigan heeft aangetoond dat als mensen vaak horen dat eenzaamheid slecht is, ze slechter gaan denken over de tijd die ze alleen doorbrengen. Terwijl het natuurlijk ook goed is om soms alleen te zijn: je kunt even nadenken, of mentaal opladen.’

Veel mensen pakken hun vrije tijd verkeerd aan. ‘Vaak kiezen we ervoor om maar een beetje lui op de bank naar een scherm te kijken’, zegt Santos. ‘Maar uit allerlei onderzoeken blijkt dat mensen veel gelukkiger worden van een uitdaging.’ Ze verwijst naar een paper van de gedragseconoom George Loewenstein over bergbeklimmen. ‘Hij vroeg zich af waarom mensen dat in hemelsnaam doen. Je bent de hele tijd aan het afzien, je voelt je ellendig. Maar ja, er is dat doel aan het einde.’

Het fijne van een moeilijke berg is ook dat je tijdens het beklimmen ervan moeilijk afgeleid kunt raken. ‘We voelen ons beter als we in een flow zitten dan wanneer onze gedachten afdwalen’, zegt Santos.

In het moment zijn

Opgaan in het moment is dus raadzaam. Daarom, zegt ze, blijkt keer op keer uit onderzoek dat mediteren heilzaam is. Santos: ‘En het goede nieuws is dat vijf à tien minuten per dag al veel effect kan hebben.’ De precieze methode is niet zo relevant. ‘Je kunt alleen op je ademhaling concentreren, je kunt een mantra opzeggen, je kunt ervoor kiezen je volledig te concentreren op het doen van de afwas, bijvoorbeeld. Als je maar zonder oordeel ‘in het moment’ bent.’

Helaas, zegt Santos, zijn veel onderzoeken naar geluk alleen gedaan onder Amerikanen, Canadezen of Europeanen. ‘Maar er is wel een onderzoek geweest van psycholoog Lara Aknin waaruit blijkt dat aardig doen tegen anderen – bijvoorbeeld door geld aan ze te doneren – in zo’n tweehonderd landen tot hetzelfde resultaat leidt: het maakt mensen gelukkiger. Het zou mooi zijn als we van meer uitkomsten zouden weten of ze universeel zijn.’

Dat mensen invloed hebben op hun eigen geluk, betekent volgens Santos niet dat mensen die ongelukkig zijn dat aan zichzelf te wijten hebben. ‘Zeker in mijn land zijn er veel structurele problemen. Je kunt niet van iemand die door [immigratiedienst] ICE wordt opgepakt, verwachten dat die ’s avonds iets in zijn dankbaarheidsboekje gaat schrijven.’

De strategieën die geluk bevorderen, zegt Santos, kunnen wel bijdragen aan de oplossingen van die problemen. ‘Kostadin Kushlev van Georgetown University heeft uitgezocht wie de mensen zijn die deelnamen aan de klimaat- en Black Lives Matter-protesten. Hij kwam erachter dat dat niet de mensen zijn die het meest pessimistisch zijn over alle dingen die er op de wereld gebeuren. Het zijn de optimisten. Dat is logisch, toch? Als je depressief bent, is het waarschijnlijker dat je thuis in bed ligt dan dat je de straat op gaat om anderen te helpen.’

‘Tijdhonger’

Haar eigen geluk meet Santos door een vragenlijst in te vullen van het Perma-model. Perma staat voor Positieve emoties, Engagement (betrokkenheid), Relaties, Meaning (betekenis) en Accomplishment (prestaties). ‘Dit soort zelfrapportages zijn absoluut niet perfect’, zegt ze, ‘maar uit onderzoek blijkt dat de resultaten van Perma wel degelijk voor een groot deel overeenkomen met het beeld dat anderen – zoals vrienden en familie – van mensen schetsen.’

Santos is van nature niet echt gelukkig, zegt ze. ‘Ik ben klagerig en vatbaar voor negatieve emoties. Maar doordat ik ook toepas wat ik mijn studenten vertel, ben ik wel gelukkiger geworden.’ Op een schaal van 10 was haar Perma-score eerst een 6, nu een 7. ‘Veel meer dan 10 procent zul je er niet op vooruitgaan – mijn collega Dan Harris, die ook een podcast maakt, schreef daarom een boek dat 10% Happier heet. Wie diepongelukkig is, wordt niet ineens zielsgelukkig.’

Toch kunnen de gevolgen van haar lessen groot zijn. ‘Soms komen mensen op het vliegveld in tranen naar me toe om te zeggen dat ze mijn vak online hebben gevolgd en dat ze dat door een moeilijke periode heeft getrokken’, zegt ze.

Voor haar eigen geluk zijn de gevolgen van haar vak tweeledig. ‘Door dat soort ontmoetingen op het vliegveld is mijn leven veel betekenisvoller geworden.’

Daar staat tegenover dat ze tegenwoordig lijdt aan ‘tijdhonger’. Ze heeft constant het stressvolle gevoel dat ze tijd tekortkomt. ‘En uit onderzoek blijkt dat het ervaren van chronisch tijdgebrek net zo schadelijk is voor je geluksgevoel als werkloos raken. Ik moet de tijd die ik met mijn man doorbreng echt inplannen, anders zie ik hem niet. Er zijn nu zo veel andere mensen die iets van me willen.’ Zie ook de overvolle inbox.

Wilt u belangrijke informatie delen?
Mail naar tips@volkskrant.nl of kijk op onze tippagina.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next