Rechtspraak Meermaals wilden advocaten Ridouan Taghi niet meer verdedigen, omdat ze van het hof te weinig voorbereidingstijd zouden krijgen. Nu blijken Ronald van der Horst en Anique Slijters bereid om Taghi bij te staan. Voorwaarde is wel dat ze voldoende inleestijd in het strafdossier krijgen.
Anique Slijters en Ronald van der Horst.
Het gerucht deed al de ronde vóór de zitting in de extra beveiligde rechtbank op Schiphol was begonnen: eindelijk heeft zich een advocaat voor Ridouan Taghi gemeld. Maar in de advocatenkamer maakte de raadsman over wie het leek te gaan, korte metten met dat gerucht.
Sjoerd van Berge Henegouwen, die Taghi na de arrestatie van diens advocaat Inez Weski in 2023 al even bijstond en nog steeds zaken bij het Europese hof voor hem doet, ontkende direct dat hij de verdachte bijstaat in het hoger beroep van het Marengo-proces. „Ik ben hier vandaag alleen om op verzoek van Taghi zijn rechtsbijstand te bespreken.”
Toen Van Berge Henegouwen het woord kreeg, na wat inleidende woorden van de voorzitter van het hof, leek het aanvankelijk niet alsof hij met een oplossing in z’n achterzak naar Schiphol was gekomen. Waar de voorzitter wees op de verantwoordelijkheid van de advocatuur voor het goed functioneren van de rechtsstaat, wees Van Berge Henegouwen naar de rechtbank en het hof zelf.
Toen hij in 2023 samen met twee collega’s de verdediging van Taghi overnam, betoogde Van Berge Henegouwen, kreeg hij van de rechtbank te horen dat ze zich moesten gedragen naar „de stand van de procedure”. Tijd om het dossier te lezen ontbrak, aldus de strafpleiter. Daarom hebben ze toen de verdediging neergelegd.
Toen datzelfde trio zich, na de levenslange veroordeling van Taghi in februari 2024, meldde bij het hof voor het hoger beroep, was weinig veranderd. Tijd om het inmiddels negentigduizend pagina’s tellende dossier te lezen, ontbrak wederom volgens Van Berge Henegouwen. „Dat moesten we maar doen tussen de getuigenverhoren en de andere geplande zittingen door.”
En dat, zo stelde Van Berge Henegouwen, is geen gepaste inhoudelijke voorbereiding voor een strafzaak als Marengo. „Wij moesten een dansje doen zonder dat we de maat van de muziek kenden.” Om die reden legden ze opnieuw de verdediging neer.
Gebrek aan voorbereidingstijd is de belangrijkste reden dat advocaten geen zin hebben om Taghi te verdedigen, zo hield Van Berge Henegouwen het hof voor. De orde van advocaten toonde zich later per brief kritisch over de inleestijd die sommige advocaten kregen.
Na al deze kritiek kwam Van Berge Henegouwen met een naar eigen zeggen „panklare oplossing”. De ervaren strafpleiters Ronald van der Horst en Anique Slijters zouden Taghi kunnen verdedigen. Ze zijn daartoe bereid en Taghi is welwillend. „Dit duo wil wel nog in gesprek met de deken en daarnaast willen ze vooral voldoende tijd”, zo rondde Van Berge Henegouwen af.
De voorzitter liet zich alle kritiek niet zomaar aanleunen. Hij zei dat alle ruimte bestond voor een inhoudelijke verdediging – ondanks de vastgestelde agenda van het hof: „Wij hebben altijd gezegd dat er tijd was voor extra getuigenverhoren of andere onderzoekswensen.”
Als Van der Horst en Slijters daadwerkelijk Taghi gaan verdedigen, heeft dat gevolgen voor het verloop van het hoger beroep. Volgens de planning wordt de inhoudelijke behandeling dit najaar afgerond. Voor die tijd zullen de nieuwe advocaten hun voorbereiding echter niet kunnen afronden.
En dat betekent dat het hof moet kiezen: afsplitsen of uitstellen. Afsplitsen betekent dat nieuwe rechters de zaak van Taghi gaan behandelen, met alle vertraging van dien. Het hof kan óók besluiten de zaak zelf te doen, maar dat zou vertraging betekenen voor de andere verdachten. Voor hen duurt het dan mogelijk een jaar langer, tot 2028, voordat wordt gevonnist.
Welk belang zwaarder weegt, bepaalt het hof.