Tv-recensie We waren er niet bij en toch ging het over het Songfestival. ‘Nieuwsuur’ was anderhalve week in Loosdrecht maar had net zo goed thuis kunnen blijven.
Tweede Kamerlid Gidi Markuszower keuvelt wat over omvolking tijdens een demonstratie.
Het ging al de hele week over het Songfestival en over Loosdrecht. De Editie NL-verslaggever in Wenen omschreef de afwezigheid in alle eenvoud: „We zijn er niet bij, en dat is eigenlijk prima.” De kijkcijfers vielen tegen, Bulgarije won. Het leek ook Nederland zelf niet zo veel uit te maken dat we er niet bij waren, er moest immers gedemonstreerd worden.
Terwijl Nederland Israël boycotte op het Songfestival mocht Tweede Kamerlid Gidi Markuszower deze week gewoon lekker zeggen wat hij wilde. Zijn uitspraak over „maximaal geweld inzetten” tegen vluchtende Palestijnen werd nog wel veroordeeld aan bijna elke talkshowtafel. Dus trok hij naar Loosdrecht om daar onder gelijkgestemden te zijn. In een dagboekformat liep Nieuwsuur zaterdag de „zeer explosieve” anderhalve week in Loosdrecht door.
Het verslag uit de regio begon bij de vriendelijke bloemist Fred die voor- en tegenstanders voorziet van bloemen in deze moeilijke tijd. Romy komt vijftig witte anjers halen voor de ‘rouwstoet voor het verlies van de democratie’ die ze mede organiseert. Ze hoopt met de anjers „rust en vrede” te bereiken. Op die rouwstoet komt ook Gidi Markuszower af. Vanuit een kikkerperspectief wordt Markuszower stiekem gefilmd terwijl hij met een corpulente demonstrant staat te praten. „Er komen elke week duizenden mensen bij, het houdt gewoon niet op”, zegt Markuszower. Volgens de man wordt „Nederland helemaal omvolkt” maar mag hij dat woord niet gebruiken, zegt hij. „Van mij wel hoor”, fluistert Markuszower liefkozend terug. Breed grijnzend lopen de twee mannen naast elkaar in de stoet: „Maar ja, we worden omvolkt, het is gewoon zo”, zegt Markuszower tegen zijn kameraad.
Einde scène. De voice-over vertelt de onwetende kijker dat veel ‘Loosdrechters’ al dagen demonstreren. Zoals kapster Aline die nog een keer mag uitleggen waarom het hele dorp „echt heel boos is”. Romy, van de vijftig anjers, staat inmiddels met een brandende fakkel naast een met bloed besmeurde doodskist. Dat een Tweede Kamerlid rustig over omvolking keuvelt moet de kijker verder zelf maar duiden. In de volgende scène, een vergadering van de gemeenteraad, komt dan eindelijk het hoge woord eruit. Raadsleden zijn bezorgd over de nationale en internationale extreemrechtse groeperingen zoals Voorpost en Defend Netherlands die verdeeldheid proberen te zaaien in hun gemeente. Volgens Nieuwsuur zijn de raadsleden bezorgd over „de verdeeldheid in het dorp”.
Hup, terug naar de demonstranten voor een interview met de ontwerper van het Defend-Loosdrecht-logo. Je zou een verband kunnen leggen met de extreemrechtse groepering Defend Netherlands maar daar wil de voice-over ons voor behoeden. De man zonder naam mag vertellen dat hij belasting betaalt en zich gewoon zorgen maakt. Hij ziet nu ook pardoes de gelijkenis met Defend Netherlands maar had van die groep nog nooit gehoord. „Echt niet?”, vraagt de verslaggever. Voordat de man antwoord kan geven zegt de verslaggever zelf al: „Nee.” De man vond Defend gewoon een „mooi en handig” woord. Zodat „hun”, de asielzoekers die in het gemeentehuis zullen vertoeven, ook begrijpen wat de boodschap is.
Terwijl de fakkels dinsdag richting het gemeentehuis vliegen krijgt de verslaggever eindelijk iemand voor de camera die wel kan duiden wat we hier zien. ‘Demonstrant Bram’ is, „heel eerlijk”, gewoon voor de sensatie in Loosdrecht. Het ruim tien minuten durende regioverslag kabbelt voort. Er is nog een clipje waarin de burgemeester zijn excuses maakt. „En zo eindigt de week, waarin Loosdrecht het symbool werd van een verhit asieldebat”, sust de voice-over ons in slaap. Dat asielminister Bart van den Brink al voor het fakkelwerpen de inlichtingendienst AIVD had ingeschakeld om te onderzoeken of er „sprake is van georganiseerd geweld” is het vermelden niet waard, vindt Nieuwsuur.