Home

Nederland verliest kansloos van Griekenland: voor het eerst in jaren zijn handballers er niet bij op een groot toernooi

Voor het eerst in zes jaar zijn de handballers er niet bij op een groot toernooi. Is de rek eruit na hun jarenlange opmars?

is sportverslaggever van de Volkskrant en schrijft over voetbal en handbal.

De Nederlandse handballers wisten altijd al dat ze het elastiek aan het testen waren, zover dat het elk moment kon knappen, maar vaak bleek er nog net iets meer rek in te zitten. In Rotterdam bleek het zondag toch te kunnen breken, want door een kansloze nederlaag (38-33) tegen Griekenland missen ze volgend jaar het WK in Duitsland.

‘Gewoon terecht’, moest sterspeler Luc Steins na afloop teleurgesteld constateren. Vooraf had hij de druk nog opgevoerd. ‘Als we het WK niet halen, hebben we gefaald’, zei hij. Maar juist op het moment dat het moest gebeuren, presteerden de handballers ondermaats.

De Grieken, die woensdag in Chalkida ook al hadden gewonnen, waren in het Topsportcentrum zorgvuldiger in de aanval, uitgekookter, koelbloediger ook en vooral veel beter in het afstoppen van de tegenstanders dan Nederland zelf. ‘Iedereen weet dat het erin zit’, zei Steins. ‘Maar in deze twee wedstrijden hebben we dat niet laten zien.’

Harde klap

De klap komt hard aan, want dit verlies zorgt ervoor dat de handballers er voor het eerst sinds 2020 niet bij zijn op een groot toernooi. Bovendien slinken de kansen op plaatsing voor de Olympische Spelen in 2028, toch al een verre droom, tot theoretische proporties. De handballers streefden jarenlang naar een plekje in de mondiale top tien, en misschien zouden ze op een toernooi dan een keer boven zichzelf kunnen uitstijgen. Maar deze nederlaag roept de vraag op of die ambitie niet te hoog is gegrepen.

Sinds het EK in 2020 zijn ze er altijd bij geweest op grote toernooien. Met Steins hadden ze voor het eerst in de geschiedenis de beschikking over een wereldtopper; de kleine Limburger speelt al jaren als spelverdeler bij Paris Saint-Germain. En spelers als Dani Baijens, Kay Smits, Niels Versteijnen en Bobby Schagen zijn gewaardeerde krachten in de Bundesliga, de sterkste competitie ter wereld.

Broze basis

Deze unieke lichting bracht het mannenhandbal in ons land naar een ongekend niveau. Tegelijk wist iedereen ook dat de basis broos is, want de aanwas van nieuwe, mannelijke talenten is gering. Handbal is sowieso een kleine sport in ons land, en het zijn vooral meisjes en vrouwen die de sport beoefenen.

De laatste jaren wordt het nationale team bovendien geplaagd door zware blessures. Het elastiek stond eerder dit jaar al even op springen, want op het EK stokte de opmars. Voor het eerst in jaren werd de groepsfase niet overleefd. Maar nu is Nederland er op het WK helemaal niet bij.

‘We hadden heel graag een stap vooruit willen zetten’, constateert ook Steins (31), dé man die het elastiek altijd iets verder wilde oprekken. ‘Maar dit is helaas gewoon een stap achteruit in onze ontwikkeling.’

Geeft te denken

Zonder doelen, zonder ambities, die ooit onhaalbaar leken, was dit team nooit zover gekomen. Maar de manier waarop het WK wordt misgelopen, geeft te denken over de toekomst. Niet alleen omdat de dragende krachten er niet jonger op worden, maar vooral omdat de defensieve kwetsbaarheid chronische trekken heeft. Als het een keer aanvallend niet loopt, weten de handballers eigenlijk al dat ze vrijwel kansloos zijn.

Sinds zijn aantreden als bondscoach in 2022 hamert Staffan Olsson daarom al op de dekking. Dat ging aanvankelijk ook beter, maar uitgerekend in deze beslissende play-offwedstrijden zag hij zijn ploeg op dat vlak opnieuw tekortkomen.

In Chalkida gaf Nederland in de slotfase al een ruime voorsprong van vijf doelpunten uit handen. Symbolisch was de laatste actie van de wedstrijd, waarin de handballers nog op gelijke hoogte hadden kunnen komen. Steins passte op Smits, een actie die ze al duizenden keren in hun handballeven hebben uitgevoerd, maar nu liet zijn ploeggenoot de bal uit zijn handen vallen. In de aanval die daarop volgden, wisten de Grieken wel te scoren.

Na een goed begin ging het in Rotterdam op eenzelfde ongelukkige manier verder. Opgezweept door het in oranje uitgedoste publiek liepen de handballers aanvankelijk uit naar 9-5, maar halverwege de eerste helft stokte de aanval. Met een dikke 20-14-achterstand gingen ze de rust in.

Ontluisterend

Met hangen en wurgen probeerden ze na rust de achterstand goed te maken, maar geen moment kwamen ze in de wedstrijd. Het moest snel, maar de haast deed het toch al povere spel geen goed. Bij vlagen was het ontluisterend, ballen glipten voor de goal uit de handen, een zeldzame snelle aanval eindigde op de lat.

‘En achterin bleef het dweilen met de kraan open’, herhaalde Steins de analyse, die hij al zo vaak in een oranje shirt gaf. De teleurstelling droop van zijn gezicht, want hij weet als geen ander dat deze verliespartij niet zomaar een nederlaag is.

‘Natuurlijk is het zorgelijk en is het de vraag of andere landen ons niet voorbij zijn gegaan’, zei hij, hoewel hij mogelijkheden blijft zien om het elastiek aan elkaar te naaien. ‘Ik wil daar niet aan toegeven. We gaan gewoon vol goede moed de EK-kwalificatie in en dan proberen we er het volgende toernooi gewoon weer bij te zijn. Onze droom blijft hetzelfde, we willen nog altijd volgende stappen blijven maken.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next