Eva von Redecker schreef een beststeller over de opkomst van ‘het nieuwe fascisme’ en de drang naar hardheid in de Duitse samenleving. Toch ziet ze de toekomst niet helemaal somber in. ‘Als je de samenleving verandert, kunnen de mensen ook weer veranderen.’
is buitenlandredacteur van de Volkskrant en schrijft over de EU en internationale samenwerking. Hij woont in Berlijn.
De lucht van gegrilde biologische hamburgers vermengt zich met de geur van koeienmest. Tussen de bezoekers van de landmarkt lopen de kippen nieuwsgierig rond. Er wordt onbespoten groente verkocht, tweedehandskleding en zelfgemaakte sieraden. Bij een kraam kun je informatie krijgen over ‘solawi’, solidarische Landwirtschaft (solidaire landbouw).
Bioboerderij Sieben Giebelhof in het Oost-Duitse Drenkow is een alternatieve enclave in een gemeente waar de radicaal-, deels extreemrechtse AfD vorig jaar een absolute meerderheid haalde.
In het café van de boerderij zit filosoof Eva von Redecker (44), die een bestseller schreef over de opkomst van het ‘nieuwe fascisme’, Dieser Drang nach Härte (Deze drang naar hardheid), die dit najaar ook in Nederlandse vertaling zal verschijnen.
Von Redecker beschrijft hoe de AfD spreekt van ‘ons’ land dat moet worden ‘teruggehaald’, bevrijd uit de klauwen van de migranten, de linkse elite en de ‘regenboogideologie’. ‘Ons land’ is echter geen materieel eigendom dat kan worden geteld of vastgehouden, betoogt Von Redecker. Het is een denkbeeldig ‘fantoombezit’ dat moet worden terugveroverd zodat ‘wij’, de ‘normale’, witte Duitsers weer de baas zijn.
Niet alle rechtse, autoritaire politiek is fascistisch, aldus Von Redecker. Fascisme ontstaat als een gevoel van bedreiging wordt gecreëerd dat zo sterk is dat het ‘fantoombezit’ met geweld mag worden verdedigd tegen de ‘dieven’ en ‘plunderaars’ van buiten. Daar komt de ‘drang naar hardheid’ vandaan: buitenstaanders mogen buitenspel worden gezet om het land te ‘redden’.
Von Redecker werd door het weekblad Der Spiegel een van de eigenzinnigste filosofen van haar generatie genoemd. Een radicale, linkse, feministische en ecologische denker die als queer vrouw op het platteland van Brandenburg woont, waar de AfD een grote aanhang heeft. ‘Ik ben op het platteland opgegroeid, mijn ouders hadden een biologische boerderij in Sleeswijk-Holstein (een regio in het noorden van Duitsland, red.)’, zegt ze. ‘De grote steden, zoals Berlijn, zijn ook niet meer de vrije ruimten die ze twintig of dertig jaar geleden waren. Bovendien kan ik op het platteland ongestoord werken. Het is veel gemakkelijker om uitnodigingen af te slaan als je kunt zeggen: sorry, maar ik ben niet in de stad.’
Begrijpt u de AfD-kiezers beter, omdat u bij ze in de buurt woont?
‘Misschien heb ik ze beter voor ogen. Op het platteland zie je hoe verschillend AfD-kiezers zijn. Je ziet ook de ellende waarin sommigen leven, de verbittering die zich heeft opgehoopt. Die verbittering is een gevolg van de manier waarop de samenleving functioneert. Als je de samenleving verandert, kunnen de mensen ook weer veranderen.’
Heeft u daar vertrouwen in?
‘Ik heb er vertrouwen in dat de samenleving kán veranderen. Die mogelijkheid is genoeg om hoop te hebben. Bovendien geeft het wonen op het platteland ook een zeker vertrouwen. Niet alles is voorbij als extreemrechts een bepaald percentage van de stemmen haalt. We kunnen nog altijd de rechtsstaat verdedigen. De groepen die aan het vijandbeeld van extreemrechts voldoen hebben onze solidariteit nodig.’
Dieser Drang nach Härte begint op een paardenmarkt in Brandenburg, waar memorabilia van de Wehrmacht worden aangeboden. Over de symbolen uit het Derde Rijk is een pleister geplakt, omdat ze in het huidige Duitsland verboden zijn. Maar misschien staren we ons blind op het fascisme in zijn oude verschijningsvorm, denkt Von Redecker, waardoor we het nieuwe fascisme missen.
‘Er wordt vaak naar historische analogieën gezocht. In hoeverre komt het huidige extreemrechts overeen met het fascisme uit de jaren dertig? Dat is niet de beste manier om over fascisme na te denken. Want dan kun je altijd zeggen: extreemrechts stuurt geen paramilitaire troepen de straat op, dus kunnen we niet van fascisme spreken. Maar het huidige fascisme kent nieuwe vormen: geen bruinhemden, maar een trollenleger op internet, bijvoorbeeld.’
Waarom moeten we van fascisme spreken? Het racisme, seksisme en autoritarisme van extreemrechts is erg genoeg. Moeten we daar per se een bruin stempel op zetten?
‘In politiek opzicht geloof ik inderdaad dat we met het begrip fascisme niet zo veel meer kunnen aanvangen. In het publieke debat wordt het door allerlei partijen als belediging gebruikt. Sommige feministen praten over oude, witte mannen alsof het halve SS’ers zijn, terwijl sommigen over feministen spreken als ‘feminazi’s’ die het flirten zouden willen verbieden. Maar ik gebruik fascisme analytisch. Het begrip bestaat en ik kan het niet opzijleggen en iets nieuws bedenken, terwijl ik duidelijk continuïteit tussen het oude en nieuwe fascisme zie.’
Wat is dan uw definitie van fascisme?
‘Statusaanspraken waarover veel mensen vroeger konden beschikken ten koste van anderen zijn verloren gegaan door de emancipatie van mensen van kleur, vrouwen of lhbti’ers. Voor sommigen voelt dat als een amputatie. Daarom spreek ik van fantoombezit, waardoor mensen ook fantoompijn kunnen voelen, de pijn aan lichaamsonderdelen die niet meer bestaan.
‘Dat is méér dan nostalgie of gerichtheid op het verleden. Extreemrechts ziet deze aanspraken niet als iets wat verloren is gegaan, maar als eigendom. Als dat eigendom wordt aangevallen, mag je dat verdedigen.
‘Het fascisme begint als een denkbeeldige uitzonderingstoestand wordt uitgeroepen waarin deze aanspraken met geweld mogen worden verdedigd. Rond het bedreigde fantoombezit wordt een complottheorie geformuleerd. Er worden ‘dieven’ aangewezen. Dan verschuift de strijd van rechts van een herstel van wat verloren is gegaan naar een vernietigingspolitiek tegen de ‘dieven’: de woke ideologie die de vrijheid van meningsuiting zou stelen, het feminisme dat het gezin zou stelen, de ‘globalisten’ die de natie zouden stelen.
‘Dat zijn allemaal geen democratische tegenstanders meer, maar vijanden die geëlimineerd moeten worden. In extreme gevallen worden mensen gedood of gedeporteerd, maar het kan ook gaan om het afnemen van rechten.’
U spreekt van fantoombezit. Maar de aanhangers van de AfD vinden ‘ons land’ een heel reëel begrip: het goede oude Duitsland, waar we onder elkaar waren.
‘Fantoombezit gaat over dingen die door maatschappelijke veranderingen zijn afgeschaft of verdwenen. Die dingen zijn niet grijpbaar, zoals materieel eigendom. Je kunt niet even kijken en zeggen: heb ik mijn ‘eigen’ land nog, of niet? Het gaat om een beeld dat je van de wereld maakt. Daarom kunnen mensen zich zo gemakkelijk inbeelden dat het land in gevaar is en door anderen wordt geplunderd.’
De afgelopen decennia is immigratie enorm toegenomen. Heeft de liberale samenleving haar openheid en kosmopolitisme niet overdreven, waardoor conservatieve burgers zich niet meer thuisvoelen?
‘Ik geloof niet dat je verbitterde rechtse opvattingen kunt wegnemen door het land homogener te maken. In regio’s met de minste migranten wordt het meest op extreemrechts gestemd. Kijk hier om u heen. De mensen stemmen rechtser dan in Berlijn, waar je veel meer migranten hebt. Het is een verkeerde fantasie om te geloven dat de rust terugkeert als je de migratie indamt.’
Voor Von Redecker ligt de bron van de onvrede dieper. In haar boek citeert ze de Duitse filosoof Max Horkheimer: ‘Wie niet over het kapitalisme wil praten, moet over het fascisme zwijgen.’ Volgens Von Redecker veroorzaakt het kapitalisme een grote onzekerheid, zeker in zijn neoliberale gedaante, waarin allen tegen allen concurreren. Door de globalisering van de economie heeft de natiestaat nog maar weinig mogelijkheden de economie politiek bij te sturen.
De welvaart die na de oorlog is opgebouwd staat op het spel, maar wat kunnen we ertegen doen? De strijd tegen migratie, maar ook tegen zogenoemde ‘genderwaan’ of ‘klimaatgekte’ is voor sommige mensen een manier om zich weer de baas te voelen. Von Redecker: ‘Het nieuwe fascisme geeft een gevoel van macht in een samenleving waarin men zich machteloos voelt.’
De onzekerheid gaat nog verder. Drenkow is een typisch Oost-Duits dorp met een brede dorpsstraat, omgeven door sobere, lage huizen. In dit slaperige decor lijkt niet veel veranderd sinds de DDR-tijd, op één ding na: boven de daken verrijzen de schoepen van de gigantische windmolens die als een naar de hemel reikende kring om het dorp staan.
De AfD haat de windmolens. Partijleider Alice Weidel heeft gezegd dat ze omvergetrokken moeten worden, als de partij aan de macht komt. Von Redecker: ‘De windmolens zijn voor hen een symbool voor de kolonisering van deze omgeving door zakelijke belangen, waaronder die van Nederlandse investeerders overigens, in een gebied waar de mensen zelf maar weinig grond hebben.’
Maar de windmolens zijn voor Von Redecker ook een symbool van de diepe onzekerheid van een samenleving die bedreigd wordt door klimaatverandering. ‘Als we klimaatverandering serieus nemen, zullen we ons leven moeten veranderen, vrijwel alles wat nu vanzelfsprekend is’, zegt ze. ‘Het verzet tegen klimaatbeleid is een afweermechanisme.’
Klimaatverandering bedreigt niet alleen de planeet, aldus Von Redecker, maar ook het klassieke liberale begrip van vrijheid. Volgens dat begrip is het individu vrij, zolang hij anderen geen schade berokkent. In een beroemde formulering: mijn vrijheid houdt op waar jouw neus begint. ‘Dat liberale vrijheidsbegrip is ontstaan in de 17de en 18de eeuw, in een heel andere wereld. Tegenwoordig kan mijn mobiliteit de waterstand in de Stille Oceaan doen stijgen, waardoor een eiland in zee zakt’, aldus Von Redecker. ‘Bij vrijwel alles wat we doen, berokkenen we een ander schade.’
Maar partijen als de AfD ontkennen toch dat er een klimaatprobleem is?
‘Toch geloof ik dat mensen aanvoelen dat de toekomst niet beter zal worden. In zo’n situatie kun je twee dingen doen. Je kunt zeggen: we moeten de omstandigheden creëren waarin alle mensen veilig samen kunnen leven. Of: nu de omstandigheden verslechteren, pak ik zoveel mogelijk voor mezelf, ten koste van anderen. Het fascisme doet de mensen een aanbod: jij wordt beschermd, in elk geval voorlopig, niet omdat je rijk bent en je je in een bunker kunt terugtrekken, maar omdat je Duits en wit bent.’
Aan het eind van het boek geeft u een aanzet voor een oplossing: publieke luxe.
‘De term is van de Britse journalist George Monbiot. Wonen, energie, mobiliteit, onderwijs, zorg: dat zou voor iedereen volop toegankelijk moeten zijn. Stel dat men zegt: iedereen die op het platteland woont krijgt de stroom uit de windmolens gratis, zonder eerst een ongelooflijk complex bureaucratisch proces te hoeven doorlopen.’
Goede publieke voorzieningen maken het individu vrijer. Als de staat voor goede en betaalbare woningen zorgt, kunnen mensen een onbevredigende baan opzeggen of een slechte relatie verbreken.
‘Precies, de samenleving zou er vrijer en minder onzeker door worden.’
Maar kan een samenleving die moet versoberen omdat zij klimaatverandering serieus neemt, zich publieke luxe veroorloven?
‘Juist wel, omdat je infrastructuur veel efficiënter kunt gebruiken door voorzieningen te delen, zoals deelauto’s in plaats van privéauto’s. Publieke luxe is de enige luxe die we ons in de toekomst kunnen veroorloven.’
Dat is een moeilijke boodschap in een samenleving waarin elke beperking als een onaanvaardbare inbreuk op de persoonlijke vrijheid wordt ervaren.
‘Ja, maar als mensen gedeelde luxe ervaren, zullen ze eerder zien dat ze geen vrijheid verliezen. Met het Deutschlandticket konden mensen voor 9 euro door heel Duitsland reizen (inmiddels is de prijs 63 euro, red.). Dat heeft voor niemand vrijheid weggenomen.’
De filosofie van Von Redecker is geworteld in het platteland, waar de natuur dichtbij is. In een tijd van klimaatverandering kan het landleven troost bieden, zegt ze. ‘In de stad zeggen ze: ha, lekker weer, als ze in februari op het terras kunnen zitten. Voor mij is het een diepe, existentiële troost dat ik deze klimatologische verandering tenminste actief kan volgen. Toen ik opgroeide dacht ik dat agrarische kennis eeuwigheidswaarde had. Dat het moment waarop je de aardappelen moet poten nooit zou veranderen. Nu verandert het wel.’
Is dat niet eerder een bron van zorg dan van troost?
‘Het is een troost omdat je in elk geval ziet wat er gebeurt en omdat je, in je eigen kleine tuin, kunt proberen om er zo goed mogelijk mee om te gaan, bijvoorbeeld door de bodem te verrijken.’
Voelt u zich als queer vrouw weleens bedreigd op het platteland?
‘Ik geloof dat de leefbaarheid voor andere groepen, zoals moslimmigranten en trans personen, veel meer bedreigd wordt. Laatst werd nog een Egyptische vrouw in haar gezicht geslagen in Wittenberge. Natuurlijk ben ik soms bang en kus ik mijn vriendin niet op het station. Maar in deze samenleving weten alle vrouwen dat ze niet zonder angst voor geseksualiseerd geweld kunnen leven.
‘Mijn voordeel is dat ik oud genoeg ben om de emancipatie die we bereikt hebben niet als vanzelfsprekend te zien. Daarom beleef ik veel vreugde aan het reeds geleefde geluk. Ik heb altijd al beseft dat emancipatie precair is.’
Heeft u ook positieve ervaringen?
‘Bij onze dorpsbrandweer zit een non-binair persoon die heel correct wordt aangesproken. Ze hebben mensen nodig, iedereen mag meedoen. Als je oefent voor de brandweer heb je een concrete aanleiding voor samenwerking, waaraan het vaak ontbreekt in onze samenleving. Dan is de ander niet de buurman die zijn gras nooit maait, maar een dorpsgenoot die mee aanpakt. Op het platteland maak je ook bemoedigende ervaringen mee. De helft van de mensen hier stemt nog altijd mensvriendelijk. Daarop kun je bouwen. Ik weet dat sommige mensen me altijd zullen verdedigen.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant