Home

Aletta Jacobs die een luchtig lesje ‘vind-de-clitoris’ geeft: zó zit ze niet in het collectieve geheugen

Van voorvechter voor de vrouwenstrijd werd Aletta Jacobs gaandeweg heldin en heilige van het bloedserieuze soort. In Aletta de musical blijkt ze opeens te lachen en te dansen.

schrijft voor de Volkskrant over tentoonstellingen, musea, kunst en geschiedenis.

Sommige iconen zie je maar op één manier voor je. Aletta Jacobs bijvoorbeeld, voorvechter voor vrouwenrechten.

In mijn hoofd is ze van middelbare leeftijd en kijkt ze nors. En ze is zwart-wit, want dat vastgeroeste beeld in mijn hoofd is gebaseerd op een oude foto. Een portret van een vrouw met opgestoken haar en een hooggesloten jurk, die iets als ‘kom maar op!’ uitstraalt.

Dus toen ik na het openingslied van Aletta de musical een vrouw met grijze knot en grauwe kleren op het podium zag, die met ‘mevrouw Jacobs’ werd aangesproken en daar wat chagrijnig op reageerde, dacht ik heel even dat zij het was. Aletta.

Het bleek haar moeder.

Aletta is als het glasnegatief. Ze is jong en blond, draagt vrolijke blauwe jurken, heeft een aanstekelijke energie en een luchtige zelfverzekerdheid. Als ze hoort dat ze geneeskunde mag studeren, nadat ze minister-president Thorbecke hoogstpersoonlijk een brief heeft gestuurd om het te vragen, barst ze uit in een vreugdedansje.

Wanneer ze alle antwoorden goed heeft op de toelatingstoets, en haar examinator met stomheid is geslagen, is zij ‘wel blij, niet verrast’.

Canonisering

Jacobs (1854-1929) was de bekendste feminist van haar tijd. Na haar studie, promotie en vestiging als eerste vrouwelijke arts van Nederland, richtte ze haar pijlen op het vrouwenkiesrecht. Een decennialange strijd, die ze sinds 1903 voerde als president van de Vereeniging voor Vrouwenkiesrecht. Na zestien jaar voorzitterschap werd de wet gewijzigd.

Ook toen al was haar portret alom bekend. In spotprenten over de vrouwenkiesrechtbeweging is Jacobs geregeld nagetekend; meestal wat onfortuinlijk, steevast met die strenge trekken.

Na haar dood is ze nooit vergeten. Natuurlijk is dat te danken aan haar daden, maar ook aan haar pen. In 1924 verscheen haar autobiografie, volgens latere biograaf Mineke Bosch een ‘heldenepos met een exemplarisch karakter’.

Maar pas vanaf de jaren tachtig, in de nasleep van de tweede feministische golf, kwam haar canonisering echt op gang, met een eigen standbeeld in Groningen en schoolplaat in de klas.

Gevallen heilige

‘Echt uitnodigend kan ik je oogopslag niet noemen’, zegt een stem, terwijl langzaam wordt ingezoomd op dat zwart-witportret. Het is de beginscène van de eerste film over Aletta Jacobs, uit 1995, gemaakt door filmmaker en feminist Nouchka van Brakel, die ook achter de voice-over zit. ‘Ik zou wat meer over jou te weten willen komen.’

In de film verrijst een haast heilige Aletta Jacobs: bevlogen, immer ernstig. Ze wijst haar partner terecht, de radicale politicus Carel Gerritsen, wanneer ze vindt dat zijn partij onvoldoende inzet op gelijke behandeling van mannen en vrouwen. Ze trekt fel van leer tegen prostitutie en pleit voorzichtig voor geboortebeperking. Tijdens haar gratis spreekuur in de Amsterdamse Jordaan deelt ze pessariums uit aan minderbedeelde moeders van grote gezinnen.

Saillant detail: mede vanwege die pessariums liep een eerder filmproject over Jacobs, dat in 1954 had moeten verschijnen, uiteindelijk op niets uit. Voor een aantal katholieke machthebbers van toen was ze nog te controversieel.

Langzaam maar zeker klom Aletta Jacobs tot eenzame hoogte in de collectieve herinnering. In 2007 werd ze opgenomen in de eerste officiële Canon van Nederland, waarin ze samen met Anne Frank het vrouwelijk deel vertegenwoordigde. In 2020 kwamen daar nog vier vrouwen bij. Datzelfde jaar tuimelde Jacobs van haar sokkel.

Te koloniaal, te hetero

Of, preciezer gezegd: ze werd nooit op die sokkel gezet. Er had een nieuw standbeeld van haar moeten komen aan de Hofvijver in Den Haag.

Dat ging toen niet door, want, in de woorden van de kunstenaar die de opdracht had neergelegd: ‘Aletta Jacobs was een racist.’

Die ontmaskering heeft alles te maken met de wereldreis die Jacobs ooit maakte, om internationaal het vrouwenkiesrecht te bepleiten. Tijdens die tocht schreef ze reisbrieven voor publicatie in De Telegraaf, waarin ze racistische stereotypen gebruikte. Daaruit bleek ook: in haar idee van algemeen kiesrecht waren mensen van kleur niet meegenomen.

Feministen van de tweede golf waren al niet unaniem enthousiast over de heldenverering van Aletta Jacobs. Volgens sommigen was ze te bourgeois, volgens anderen te hetero. Nu drong zich een ander, moeilijker te vergeven probleem op: ze was te koloniaal.

Wat doe je met zo’n imperfecte held, als je een musical over haar toch indrukwekkende leven wil neerzetten? De makers van Aletta vonden een oplossing.

Gevoelig punt

‘Hallo! Hallo! Jacobs!’, klinkt het mid-musical plots vanuit de zaal, als er zich op het podium een internationaal vrouwencongres afspeelt. De stem komt van de radicale feminist Wilhelmina Drucker, die als een deus ex machina uit het publiek tevoorschijn komt om haar bondgenoot een veeg uit de pan te geven. ‘Je vergeet het complete zuidelijk halfrond.’

Inderdaad, dat valt niet te ontkennen. Maar zelfs Drucker, die weliswaar anti-koloniale ideeën verspreidde, zette zich niet daadwerkelijk in voor vrouwen van kleur. Pas veel later werd de witte blik van de vrouwenbeweging echt bekritiseerd.

En nog steeds is het een gevoelig punt: ook de nieuwe Dolle Mina’s werden onlangs door critici op hun witheid gewezen.

Stouterd

Niet historisch correct dus, die confrontatie met Drucker, maar wel actueel relevant. Zo kun je wel meer scènes uit de musical beschrijven, zoals een kus tussen Jacobs en een mede-feminist (wat nou, te hetero), en een cartoonesk lesje vind-de-clitoris, door Jacobs in haar praktijk gegeven aan een paar mannelijke vakgenoten. ‘Niet aanraken!’, zegt ze als er een te dicht bij haar doktersinstrumenten komt. ‘Ik zag het wel, stouterd.’

Deze Aletta Jacobs staat mijlenver af van de zwart-witte vrouw in mijn hoofd. Voor het eerst is ze iemand met wie je kunt lachen.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next