Home

Bedreigde grutto’s fokken en uitzetten: het gebeurt in Avifauna. ‘Maar dit is niet de oplossing’

Vogelpark Avifauna broedt honderdzestig geraapte grutto-eieren uit om de vogels uit te zetten in het wild. Niet om ze te beschermen, maar voor de wetenschap.

is wetenschapsredacteur van de Volkskrant. Hij schrijft over natuur en biodiversiteit.

Het is een hoogst ongebruikelijke plek voor een gruttokuiken om geboren te worden: niet in een Friese weide, maar op een afgerasterd stukje grasland, pal tegenover een woonwijk vol rijtjeshuizen in Alphen aan den Rijn, op een steenworp afstand van aasgieren en neushoornvogels die vogelpark Avifauna bewonen.

Toch gebeurt het, uit naam van de wetenschap. Organisaties BirdEyes en de Rijksuniversiteit Groningen willen in een vijfjarig onderzoek de groei­fasen van grutto’s observeren. Dat is in het wild nauwelijks mogelijk. In Avifauna worden dit en volgend voorjaar eieren uitgebroed en kuikens opgekweekt.

In een bouwkeet staan vier broedmachines met een binnentemperatuur van 37 graden. Daar laat Avifauna deze weken honderdzestig grutto-­eieren uitkomen die in Friesland zijn geraapt door vrijwilligers van de Bond Friese Vogelwachten uit nesten ‘met een lage slagingskans’ (BFVW). Ze zouden anders geplet worden door de maaimachines van boeren die het maaien niet willen uitstellen.

Het eerste grutto-ei kwam op 2 mei uit, daarna ging het hard, zegt conservator Joost Lammers van Avifauna op een pers­moment afgelopen woensdag: ‘De teller stond vanmorgen op 71 kuikens. ­Zeven eieren bleken onbevrucht, de rest ligt nog in de broedmachines’.

Broedsucces

Het broedsucces overviel de medewerkers van het vogelpark: de keet kon niet worden afgebouwd. ‘Waarschijnlijk hebben we ons vergist in de leg­datum van de eieren’, denkt Lammers.

Ook al is het mei: de kuikens worden onthaald in kerstsfeer. Direct na het uitkomen belanden ze in bakken met plastic takjes van kunstkerstbomen onder warmtelampen, waar ze kunnen schuilen. Dagelijks worden ze gewogen en gemeten.
‘We voeren ze meteen ­levende krekeltjes om de jachtreflex op gang te brengen’, zegt Lammers. Eenmaal uitgezet in grotere verblijven buiten, krijgen ze ook korrelvoer.

Alles wordt onderzocht: op een werkblad bij de broedmachines staat een schaaltje eierdoppen als een klassiek stilleven. De schillen worden onderzocht in het lab: ‘Aan de bloedaders die erdoor lopen, kunnen we het geslacht van het kuiken vaststellen’, doceert Lammers.

De voortekenen in het buitenverblijf in Avifauna – grote volières van zo’n 10 bij 50 meter – lijken gunstig, volgens de verzorgers: de oudste kuikens, nu zo’n negen dagen oud, eten zelfstandig, ze zijn beweeglijk en verschuilen zich tussen het hoge gras.

Naar Friese weiden

Na hun verblijf in Avifauna verhuizen ze naar gecontroleerde Friese weiden. Dat gebeurt in groepen, na respectievelijk negen, twintig en 24 dagen. De eerste exemplaren verhuizen al vandaag. Daar verblijven ze de eerste tijd ook in afgezette en bewaakte stukjes, vrij van predatoren. Onderzoekers zullen de vogels dagelijks monitoren, meten en wegen. Ook brengen zij de lokale insectenstand in kaart en onderzoeken zij de ontlasting van de kuikens om te zien wat ze daadwerkelijk eten.

Uiteindelijk worden de grutto’s gezenderd en vrijgelaten in het wild, op tijd om met soortgenoten op trek te gaan. ‘Eerder onderzoek leert dat ze moeiteloos aansluiten bij oudere exemplaren’, zegt Lammers. ‘Net als de jachtreflex is ook het trekgedrag aangeboren. Eigenlijk leert een grutto niet zoveel van zijn ouders.’ De verweesde kuikens lijken contact met ouders niet te missen, zeggen de medewerkers van Avifauna.

Het fokprogramma op Avifauna lijkt de erfenis van voormalig BBB-staatssecretaris Jean Rummenie, die eind 2024 opperde om de nationale vogel te beschermen met ‘gruttoboerderijen’ waar duizenden vogels gekweekt en uitgezet zouden moeten worden.

Buiten de broedplaats in Avifauna gaat het namelijk slecht met de grutto, in 2015 met een publieksverkiezing verkozen tot ‘nationale vogel’. Zo’n 80 procent van alle grutto’s uit Noordwest-Europa broedt in ons land, maar daar daalde het aantal broedparen de afgelopen decennia van ruim 100 duizend naar zo’n 25 duizend. De oorzaken zijn bekend: te weinig insecten, krimpend leefgebied, te vroeg maaien door boeren en te lage waterstanden.

Verkleining leefgebied

Rummenies plan kreeg direct kritiek van natuurorganisaties. ‘De oorzaken van de achteruitgang van de grutto en andere bedreigde weidevogels zoals de kievit worden hiermee niet opgelost’, reageerde Vogelbescherming Nederland. ‘Het verdwijnen van geschikt broedgebied door intensieve landbouw en verkleining van het leefgebied vormen de belangrijkste achterliggende oorzaken.’ Ook de Europese Commissie keurde het plan af en vindt dat Nederland te weinig doet om de vogel te beschermen.

Hoewel dit onderzoek wil bijdragen aan kennis en bescherming van de grutto, benadrukt conservator Lammers ook: ‘Dit is niet de oplossing voor het gruttoprobleem. Het principe van ‘headstarting’, zoals dit opfokken heet, is wel een bekende methode om soorten te ondersteunen, maar als de omstandigheden voor een soort slecht blijven, los je het probleem niet op. Je stelt alleen iets uit.’

O ja, benadrukt de woordvoerder van Avifauna nog: de grutto’s zijn niet te bezichtigen voor publiek. ‘Dagjesmensen die voor de grutto’s komen, kunnen zich die moeite besparen.’ Bij het welslagen van dit project maken zij meer kans in een Friese weide.

Alles over wetenschap vindt u hier.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next