Weer kan een cruciale brug in Friesland niet meer open, terwijl 1 mei traditiegetrouw het watersportseizoen begint. Bij Rijkswaterstaat is het geld op. ‘Het vaargebied en het imago van Friesland lijden eronder.’
is regioverslaggever van de Volkskrant in Noord-Nederland.
‘Tussen brug en wind raken’: het zou een uitbreiding kunnen zijn van het toch al rijke arsenaal aan spreekwoorden dat aan de scheepvaart is ontleend. Maar voor Derek van Brennan (45) is het geen metafoor, maar praktijk. En dat al vier dagen lang. ‘Ik kan geen kant op.’
Sinds zondag ligt de Ier hier met zijn zeilbootje voor de Scharsterrijnbrug, op de vaarroute tussen het Tjeukemeer en de Langwarder Wielen. Boven raast het verkeer over de snelweg A6, dwars door Friesland. Een bord belooft openingen tien minuten over het hele en halve uur. Daarvan is Van Brennan afhankelijk, aangezien zijn vaartuig fors hoger is dan 3,50 meter. Hij legt zijn hand op de staande mast. ‘Sommige kunnen strijken, deze niet.’
Maar open gaat de brug al weken niet meer. Op het jaagpad houdt een fietser halt. ‘Wachten jullie op de brug? Die is stuk.’
Een complicerende factor is dat Van Brennan een probleem heeft met zijn motor. Voor de reparatie voer hij van Sint Nicolaasga naar Heerenveen, waar hij ook werkt. ‘Een probleem met de versnellingsbak, ik kan alleen nog achteruit.’
En dat gaat met slechts een halve knoop. Ondertussen blaast de wind al dagen met forse kracht uit het zuidoosten – precies waar Van Brennan heen moet voor zijn omweg. Op zijn zeil maakt hij geen schijn van kans.
En dus ligt hij nu al vier nachten hier. ‘Het is een fantastische plek’, zegt hij, een Fryslân-petje op het hoofd. ‘Alleen dat geluid…’ Als de auto’s over het metalen brugdek knallen, klinkt een doffe dreun. ‘Op het water kan het ook spoken, maar dan beweegt je boot tenminste nog.’
Het is zijn eigen fout geweest, geeft hij ruiterlijk toe. ‘Ik had op de app moeten kijken. Dat deed ik pas onderweg, maar ik had de hele route verkend op mijn plastic pony’, zegt hij, wijzend op de zwarte scooter op de wal. Hij zag iemand in het brugwachtershuis. ‘Ik dacht: die werkt gewoon.’ Nu is Van Brennan overgeleverd aan de weergoden. Pas dit weekend wordt er minder wind voorspeld.
Het is een extreem ongelukkige samenloop van omstandigheden. Tegelijkertijd toont die aan hoe kwetsbaar de waterinfrastructuur is in de provincie die water ademt: Friesland.
Aanvankelijk meldde Rijkswaterstaat vorige maand dat er bij de Scharsterrijnbrug slechts een probleempje was met de motor van de slagboom. Een klein defect, maar zelfs daarvoor was al geen geld.
Want de dienst die wegen, bruggen en sluizen onderhoudt, zit extreem krap bij kas. Terwijl de organisatie te maken heeft met – in eigen woorden – ‘de grootste onderhoudsopgave ooit’, is er sprake van ‘een structureel begrotingstekort voor onderhoud aan de Nederlandse infrastructuur’.
‘Nederland staat internationaal bekend om zijn goede infrastructuur. Maar die kwaliteit is niet langer vanzelfsprekend’, stelde directeur-generaal Martin Wijnen vorig jaar in het meerjarenplan. Ook de Algemene Rekenkamer luidde de noodklok: ‘Rijkswaterstaat heeft meer werk dan de organisatie aankan.’
Woensdag, terwijl schipper Van Brennan daar al lag, volgde een update over de Scharsterrijnbrug. Er zijn niet alleen problemen met de slagboommotor, maar ook met de hydraulische installatie, een aantal dekplaten én een keerwand. De brug ‘voldoet niet meer volledig aan de constructieve veiligheidseisen’, aldus Rijkswaterstaat. Bediening is niet meer verantwoord.
‘Het is een optelsom aan het worden’, zegt Jan Ybema. Hij is regiomanager Friesland en Groningen bij Hiswa-Recron, de belangenvereniging van watersport- en recreatieondernemers. Ook de brug bij Uitwellingerga ligt er al een poos uit. Die zou dit jaar vervangen worden, maar dat is plots twee jaar uitgesteld.
En daar baalt de belangenorganisatie van. ‘Het vaargebied en daarmee het imago van Friesland lijden eronder’, zegt Ybema. ‘Het is in heel Nederland een probleem, maar hier is het nijpend.’
Gelet op de budgettaire problemen bij Rijkswaterstaat, hoopt Ybema dat de provincie misschien iets kan betekenen. De brug is de toegangspoort naar een achterland waar watersporttoerisme van groot economisch belang is. De botenverhuur en jachthavenbeheerder in Langweer beklagen zich al.
In Scharsterbrug zelf zijn de economische gevolgen beperkt: een brug, een passantenhaven en een mooi dorpje, dat is het wel. Maar inwoner Djaloeka Griep ziet de bui al hangen. ‘Dit gaat jaren duren.’
Griep heeft zelf een zeilboot, met een bijna 11 meter hoge mast. Vanwege de problemen met de brug, een paar honderd meter verderop, kost het hem een uur extra om op het Tjeukemeer te komen.
Het zal hier niet bij blijven, voorziet hij. De brug over het Prinses Margrietkanaal bij Spannenburg staat volgens hem ook ‘op instorten’. ‘Dan zijn we helemaal afgesloten. Het is onbegrijpelijk dat niemand beseft lijkt te hebben dat bruggen ook onderhoud nodig hebben.’
Veel toeristen waar Friesland zo afhankelijk van is, hebben geen idee, zegt Griep. Dat blijkt. ‘Kaputt?’, vraagt een Duitser in een Rammstein-T-shirt vanaf het voordek van de Sofia. Van Brennan is al opgesprongen om een lijn aan te nemen. Het deftige huur-’strijkijzer’ uit Heerenveen maakt net zo makkelijk rechtsomkeert.
De zon zakt. Van Brennan is een man die geleerd heeft met tegenslagen om te gaan. In Hoorn zonk een ander schip van hem, nadat iemand knoeide met brandstof. In het Engels hebben ze er een mooie uitdrukking voor, zegt hij, over lemons en lemonade. ‘Als het leven je citroenen voorschotelt, moet je er limonade van maken.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant