Een Nederlandse claimstichting sleept Netflix voor de rechter vanwege prijsverhogingen die de streamingdienst de afgelopen jaren heeft doorgevoerd bij lopende abonnementen. Volgens de Stichting Bescherming Consumentenbelang zijn die verhogingen onrechtmatig en moeten miljoenen Nederlandse klanten worden gecompenseerd.
is economieverslaggever van de Volkskrant.
De zaak draait om de manier waarop Netflix zijn algemene voorwaarden heeft aangepast, waardoor het jarenlang en ongemerkt de prijzen voor bestaande abonnees kon verhogen. Volgens de stichting zijn consumenten daar onvoldoende duidelijk over geïnformeerd en zijn eerdere versies van de voorwaarden niet meer toegankelijk, waardoor niet valt na te gaan welke afspraken oorspronkelijk golden.
Sinds de komst van Netflix in Nederland in 2013 zijn de abonnementstarieven meerdere keren met enkele euro’s per maand verhoogd, waardoor de prijs voor veel gebruikers inmiddels vrijwel is verdubbeld, tot zo’n 16 euro per maand voor een standaard abonnement en ruim 20 euro voor het duurste pakket.
De totale schade wordt geschat op maximaal 673 miljoen euro. Het gaat daarbij om het verschil tussen de oorspronkelijke abonnementsprijs en de bedragen die klanten na opeenvolgende prijsverhogingen zijn gaan betalen.
Eerder voerde de stichting nog gesprekken met Netflix in de hoop tot een schikking te komen, maar die hebben niet tot een akkoord geleid. De stichting heeft donderdag een dagvaarding gestuurd, wat betekent dat de zaak nu aan de rechter wordt voorgelegd.
Netflix laat in een reactie weten consumentenrechten ‘heel serieus’ te nemen en stelt ervan overtuigd te zijn dat de voorwaarden altijd in lijn waren met de wet. ‘Netflix streeft ernaar om onze abonnees de best mogelijke entertainmentservice te bieden die transparant, aantrekkelijk en gebruiksvriendelijk is. Daarom bieden we kortlopende, flexibele contracten aan, in verschillende prijsklassen, die op elk moment eenvoudig opzegbaar zijn’, aldus een woordvoerder tegen persbureau ANP.
In de gebruikersvoorwaarden staat dat de dienst de prijs kan aanpassen, maar volgens de stichting voldoet die bepaling niet aan Europese regels voor consumentenbescherming. Bedrijven moeten bij het afsluiten van een contract duidelijk uitleggen onder welke voorwaarden prijzen kunnen veranderen.
Gebeurt dat niet, dan kunnen zulke clausules als oneerlijk en daarmee ongeldig worden aangemerkt. In dat geval zouden de prijsverhogingen juridisch nooit hebben bestaan.
In andere Europese landen is al eerder geprocedeerd over vergelijkbare prijsaanpassingen. In Italië oordeelde een rechter in Rome onlangs dat prijsverhogingen bij Netflix-abonnementen in strijd waren met de nationale consumentenwet, omdat de contracten geen geldige reden gaven voor tussentijdse prijswijzigingen.
De rechter bepaalde dat de betreffende clausules oneerlijk zijn en daarom nietig, waardoor Italiaanse klanten recht hebben op terugbetaling en, waar van toepassing, compensatie. Volgens advocaten van de Italiaanse consumentenorganisatie Movimento Consumatori kan dat oplopen tot zo’n 500 euro voor langdurige Premium-abonnees en ongeveer 250 euro voor standaardgebruikers. Netflix heeft aangekondigd tegen die uitspraak in beroep te gaan.
Ook in Duitsland deden rechters eerder vergelijkbare uitspraken. En in Oostenrijk werd een collectieve schikking getroffen waarbij Netflix klanten compenseerde. Daarmee groeit de juridische druk op de streamingdienst, die wereldwijd actief is en films en series aanbiedt in tientallen talen in meer dan 190 landen.
Als de Nederlandse rechter de stichting in het gelijk stelt, kan dat betekenen dat Netflix niet alleen geld moet terugbetalen, maar ook zijn contractvoorwaarden moet aanpassen. De zaak kan bovendien precedentwerking hebben voor andere bedrijven die werken met flexibele abonnementen en tussentijdse prijswijzigingen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant