Omdat de gemeente de publieke ruimte niet onderhoudt, maken inwoners van het Engelse Pickering hun stadje zelf netjes. Ze verven vuilnisbakken en breien mutsjes voor op paaltjes. ‘We merkten hoe verwaarloosd ons stadje eruitzag.’
is correspondent Groot-Brittannië van de Volkskrant.
Met een kwast in de hand en een pot zwarte verf zit Andy Harris naast een prullenbak op een parkeerplaats in Pickering. ‘Voor je met pensioen gaat, droom je over alle exotische reizen die je gaat maken’, zegt de universiteitsmedewerker in ruste. ‘Maar uiteindelijk dood je de tijd met het schilderen van vuilnisbakken.’ En niet alleen dat: voordat hij ging verven, heeft Harris bladeren geveegd op de straten van het pittoreske plaatsje aan de voet van nationaal park North York Moors, in het noordoosten van Engeland.
Harris is een van de tien vrijwilligers die zich op deze zwaarbewolkte maandagochtend hebben verzameld op een openbare parkeerplaats, waar vuilnisbakken en een lantaarnpaal na vier decennia wel een likje verf kunnen gebruiken. Ze behoren tot de Pickering Town Community Interest Company (CIC), een vrijwilligersclub die in Pickering de openbare ruimte is gaan verzorgen, simpelweg omdat de gemeente en andere autoriteiten het laten afweten, of het nu gaat om het verven van straatmeubilair of het wieden van onkruid.
‘We geven Paint It Black een nieuwe betekenis’, lacht initiatiefnemer Carrie-Anne Brackstone (48) met een knipoog naar het bekende nummer van de Rolling Stones. Ze is de benjamin van het gezelschap, de meeste leden naderen de leeftijd van Mick Jagger en de zijnen. ‘We hebben als ouderen de tijd om ons in te zetten voor de gemeenschap’, zegt Frank Cogswell, die ondanks een gebroken pols toch is komen opdagen. Hij zegt ook als vrijwilliger te werken op het station, vanwaar een museumtrein naar Whitby rijdt, de kustplaats uit Dracula.
Tijdens een korte tour door Pickering in de battle bus, zoals de vrijwilligers hun personenbusje noemen, vertelt Brackstone dat het vrijwilligersoffensief tijdens de coronalockdowns is ontstaan. ‘Doordat er minder mensen op straat waren, merkten we op hoe verwaarloosd ons stadje er door gebrek aan zorg van de gemeente uitzag.’ In die periode is er een netwerk van vrijwilligers ontstaan om kwetsbare burgers te helpen. Brackstone: ‘Eén en één was twee, en die vrijwilligers besloten om Pickering leefbaarder te gaan maken.’
Ze vertelt dat ze in Pickering is geboren, maar als student verhuisde naar Londen, waar ze scripts ging schrijven voor de BBC-soap EastEnders. Tien jaar geleden keerde ze terug, ‘van een fictieve gemeenschap naar een echte’. Wanneer ze een rotonde op draait, wijst Brackstone op een hek. ‘Daar begon het, met het verven van die reling. De gemeente was enthousiast en bood aan de verf te betalen. Het tweede initiatief was het aanleggen van een mountainbikepad voor de jeugd, want voor hen was er weinig te doen.’
Geldgebrek bij plaatselijke overheden – waarvoor de Britten komende week naar de stembus gaan – is een landelijk probleem. Dat is deels het gevolg van de bezuinigingen na de bankencrisis van 2008. Sinds het aantreden van de Conservatief-Liberale regering in 2010 hebben de lokale overheden meer dan een kwart van hun bestedingsruimte verloren. Tegelijkertijd namen de kosten voor ouderenzorg toe. De laatste jaren kregen ze ook te maken met stijgende inflatie en hogere personeelslasten. Het uitbesteden van werk aan aannemers is vaak kostbaar.
Het gevolg was dat gemeenten zich vooral nog richtten op hun wettelijke verplichtingen, zoals het bieden van onderwijs en het ophalen van vuilnis. De kwaliteit van de wegen liep achteruit, terug te zien in de vele gaten in het wegdek. Buurthuizen en bibliotheken sloten de deuren. Het kon niet voorkomen dat hele steden failliet gingen, zoals Nottingham, Croydon, Thurrock, Woking, Slough en zelfs Birmingham, de tweede stad van het land. Terwijl burgers minder waar voor hun belastinggeld krijgen, stijgen de gemeentelijke belastingen, de gehate council tax.
In Pickering, filmlocatie van Harry Potter en Downton Abbey, hebben burgers de tegenaanval geopend. Geholpen door een schenking van een plaatselijke filantroop werd de CIC opgericht, waarvan Brackstone sinds vier jaar operationeel manager is. Op papier is dat een deeltijdbetrekking, maar de moeder van twee pubers benadrukt dat ze vrijwel voltijds aan het werk is. Naast de vijftig vrijwilligers die de handen uit de mouwen steken, zijn er zo’n dertig vrouwen die samen met de plaatselijke tak van het Women’s Institute het stadje opvrolijken met handgemaakte versieringen.
Getuigen van dat laatste zijn de gebreide ‘mutsen’ op de brievenbus en de verkeerspaaltjes in het hart van de stad. Om het lezen van boeken op scholen te stimuleren, hebben deze mutsen de vorm van bekende personages uit kinderboeken, zoals De Vijf, Winnie de Poeh, Pieter Konijn en de Gruffalo. ‘De stad was in rep en roer toen Pippi Langkous was verdwenen’, zegt Brackstone. ‘Ze bleek door een onverlaat op het dak van een pub te zijn gezet.’
Scouts en scholieren helpen soms mee met het opknappen van de stad, zoals eerder dit jaar bij het begaanbaar maken van de door klimop overgroeide weg naar Pickering Castle. Brackstone: ‘Jong en oud kwamen opdagen. Na drie uur hard werken waren er twee containers vol met groenafval. De gemeente had de containers geregeld. Een aannemer had zeker 7.000 pond gevraagd voor dit karwei.’ In het centrum hebben kunstenaars muurtekeningen gemaakt die de weg wijzen naar de kasteelruïne en naar de kerk met middeleeuwse muurschilderingen. ‘Toerisme bevorderen doen we tegenwoordig ook’, zegt Brackstone.
Op de parkeerplaats is Philippa Thomas druk met onkruid wieden. ‘Ik wil in een plaats wonen die er netjes uitziet’, zegt de oud-docent. ‘Ik denk dat dat ook beter is voor de geestelijke gezondheid van mensen. Soms vragen voorbijgangers waarom ik werk doe waar ik ook belasting voor betaal, maar de financiële middelen van de overheid zijn nu eenmaal beperkt. Je kunt mopperen, maar je kunt als burger ook zelf verantwoordelijkheid nemen. Bij mijn dochter in Londen heb je mensen die tulpen planten rondom bomen op de stoep. Alle beetjes helpen.’
Verderop wijst Adrian Johnston op enkele bloembakken. ‘Oké, het is geen Keukenhof, maar het ziet er niet slecht uit, toch? De gepensioneerde militair en evenementenorganisator vertelt dat hij eerder op de dag acht zakken met bladeren heeft gevuld. ‘Die zijn voor mijn composthoop’, zegt de 70-jarige met een ondeugende lach, ‘dus het levert me zelf ook wat op, want in de winkel betaal je 4 pond per zak.’ Hij prijst Pickering. ‘Op een middag hoorde ik het beieren van de kerkklok en het gefluit van de stoomtrein. Ik waande me in de jaren zestig.’
Eens per jaar gaat de stad nog verder terug in de tijd. De vrijwilligers hebben de organisatie overgenomen van het jaarlijkse Forties-festival. Iedereen kleedt zich dan in kleren uit de jaren veertig en er klinkt swingende jazz in de nauwe straten. ‘We kunnen dat goedkoper doen dan de gemeente’, zegt Brackstone. ‘We hebben onze eigen verkeersregelaars en gebruiken het balkon van de Conservative Club als podium, zodat er geen vergunning nodig is. Het is in het najaar, zodat onze winkeliers buiten het toeristenseizoen ook wat klandizie hebben.’
Ondertussen heeft bakker en caféhouder Dave Clarke (81) een ladder tevoorschijn gehaald, zodat de lantaarnpaal een likje verf kan krijgen. Op de ladder staat Mike Potter, een vrijwilliger die als linkse Liberal in de gemeenteraad zit. ‘Binnen de gemeente zijn mensen enthousiast’, weet hij, ‘al zijn er soms wat scheve gezichten als de CIC weer eens alle aandacht krijgt.’ Potter heeft in het verleden ook een experimenteel rewilding-project in de omringende heuvels gedaan, waardoor Pickering, gelegen aan een rivier, nu beter bestand is tegen overstromingen.
Pickering is uitgegroeid tot een inspirerend voorbeeld. In de Londense wijk Hampstead hebben burgers een openbare bibliotheek overgenomen die dreigde te sluiten. In het zuiden van de hoofdstad wordt het Crystal Palace Park gerund door omwonenden. Net als in Pickering hebben burgers in het middeleeuwse Whitechurch de puien van winkels opgeknapt, in Bromley voeren bezorgde burgers snelheidscontroles uit voor de politie en in Lewes, graafschap Sussex, is het toerismebureau door de plaatselijke bevolking overgenomen.
De grootste uitdaging voor Brackstone is geld zien te vinden. ‘We krijgen donaties en doen een beroep op fondsen, bijvoorbeeld voor het verfraaien van de winkelstraat.’ Soms moet je creatief zijn, legt ze uit. ‘Pickering had vroeger ‘Franse’ straatnaamborden en die hebben we teruggebracht. De oude borden mochten we van de gemeente veilen. Dat leverde 1.500 pond op (ongeveer 1.725 euro, red.). Dankzij dat geld staat een beeldhouwwerk van een snoek nu op de brug over de rivier. Dat beeld dreigde verloren te gaan bij de sloop van een snackbar waar het op de gevel stond.’
‘Trots’ is een woord dat veel klinkt bij de vrijwilligers van de CIC. Trots is men ook op het feit dat Pickering een van de eerste plaatsen was die Charles heeft bezocht als koning. Brackstone gaf hem een van de 10 pond-vouchers die de CIC heeft geïntroduceerd om de middenstand te helpen. ‘De koning heeft hem besteed in de chocoladewinkel.’
Na twee uur verven is het schilderwerk nagenoeg af. Alleen het jaartal 1986 op de vuilnisbakken moet nog goud worden geschilderd. ‘De gemeente betaalt de gouden verf, want die is te duur voor ons’, zegt vrijwilliger Potter.
Dan komt caféhouder Clarke naar buiten. ‘Er is gratis thee en cake’, zegt hij, ‘voor iedereen met verf of modder op zijn handen of kleren.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant