Home

Sympathiek tentje waar vrolijk wordt geëxperimenteerd

Van de kaart Otomoto in Eindhoven is in eerste plaats een listening bar, maar ook het eten is een bezoekje waard. Het menu zit vol leuke ingevingen en experimenten, van mortadella met zuurkool tot vegan bagna cauda.

Otomota in Eindhoven.

Otomoto is het grootste autoverkoopplatform van Polen. Het is ook een garagebedrijf in het Groningse dorpje Ten Boer. Google verwijst verder naar het Japanse otemoto, voor eetstokjes, dat letterlijk ‘bij de hand’ of ‘binnen handbereik’ betekent – die tekst staat vaak op de papieren wikkels om eetstokjes in horecagelegenheden. Het zou ook een betekenis in sociale context hebben. Iets als: „in goed gezelschap verkeren”, zegt chefkok Sebas Reneman van Otomoto Social in Eindhoven. Maar, haast hij zich erbij te zeggen: zijn Japanse vrienden zeggen dat het helemaal niets betekent.

Deert ook niet, de naam is niet gekozen voor de betekenis. Zijn compagnon zag het woord in graffiti op een Parijse muur staan en vond het gewoon lekker bekken, lezen we later in het Eindhovens Dagblad.

Mijn eigen Japanse vriend kende de term ook niet, maar dacht aan een samentrekking van de woorden oto voor ‘geluid’ en moto voor ‘bron’ of ‘oorsprong’. Dat past dan wel weer verrassend goed. Want Otomoto Social is een listening bar: een horeca-etablissement dat is ingericht op de akoestiek, met piekfijne installaties en grote vinyl-collecties, dat gefrequenteerd wordt door audiofielen en zijn oorsprong vindt in Japan.

Het eerste dat opvalt in het verder punky gestylede tentje zijn dan ook de werkelijk immense speakers die met fikse bouten aan de muur zijn bevestigd. Eerder op de avond wordt er op bescheiden volume XXX gedraaid, maar in het weekend na tienen   komt de dj en staat het stampensvol, vertelt chef Reneman. Reneman lijkt zo’n beetje alles zelf te doen, van plaatjes opleggen tot uitserveren, van de wijn importeren tot, naar eigen zeggen, de plees poetsen, en staat onderwijl de gasten uitgebreid te woord: „Nu ga ik koken, anders krijgt niemand te eten.”

Otomoto, Eindhoven

Prijs: vanaf 100 euro (2 p.)

Reneman hanteert een losse stijl: „Hoe staan die oesters op de kaart? O nee, vandaag zijn ze anders: met gebrande-prei-olie en een gefermenteerd druifje. Dat is een experiment.” Wel, dat is dan geslaagd: de olie geeft een rokerig zweempje wanneer je de schelp aan de mond zet maar laat alle ruimte aan de volle oester, het schijfje druif geeft fruitige zurigheid bij wijze van mignonnette.

Wasa Lichtgewicht

Zo zitten er meer leuke vondsten in het menu. Toegegeven, het is misschien niet de beste kwaliteit mortadella die ik ooit at, maar de dikgesneden plakken zijn even opgewarmd zodat ze hier en daar nét opkrullen aan de randen, samen met de dot fijne zuurkool is dat heel aangenaam. Of het echt een verbetering is ten opzichte van witte toast weet ik niet (of dus eigenlijk wel), maar het is wel heel grappig om ansjovis te serveren op een strookje Wasa Lichtgewicht. De zoute filets doen het sowieso heel goed met de beurre noisette (al had de boter wat kouder mogen zijn) en ingelegde peperkorrels. Ik wil maar zeggen: niet alles is helemaal af. Maar het is ook heel betaalbaar en pretentieloos. En het allerbelangrijkste, om met Marie Kondo te spreken: it sparks joy!

Neem de sardines. Gewoon een blikje sardines (goede kwaliteit, zonder graat) opengetrokken en bestrooid met een soort gremolata van verkruimelde chips en gehakte peterselie. Superleuk gevonden. En lekker: zout, smeulend pittig, crunchy. De black bean bagna cauda is gewoon losgeklopte Chinese zwartebonensaus met gember en bosui, maar wel warm en bijzonder bevredigend om op te lepelen met ‘bootjes’ rauwe witlof – heel geslaagd als vegan barsnack.

Twee plompe makreelfilets zijn een heel gulle portie, maar ook wel een flinke hap – die hadden ze even mogen trancheren. Ze zijn stevig van het pekelen, goed hard afgefikt met de brander, in een dressing van karnemelk, met komkommerolie en plakjes kumquat – het geheel had wat zouter en zuurder mogen zijn.

Vier geglaceerde wortels zijn zacht en snoepig (zonder dat het een peuterhapje wordt), dadelchutney maakt het nog zoeter, zoutig-stramme fetacrème biedt iets van tegenwicht – sticky-toffee-worteltaart meets Basque cheesecake. Vrolijk en comfortabel. Het tweede vega-gerecht is volwassener: een ‘Buffalo roasted’ bloemkool met nutella van hazelnoot – zo wordt-ie verkocht. Ik zou het meer een BBQ-saus op mosterdbasis noemen (het is in ieder geval niet de plakkerige, pittigzure Buffalo-saus waar ze in Amerika de kippenvleugels in marineren) met tahin-pasta van hazelnoot. Maar als zodanig vreselijk lekker vlezig en nootachtig, met een hoeveelheid nootmuskaat die doorgaans alleen oma’s nog durven te serveren.

Beetgare elleboogjes

Ook zo sympathiek: er is altijd een daghap, het family meal: een degelijk bord eten voor 16 euro. Vandaag pasta in brodo: heerlijke vetoogjes drijven op een diep-geconcentreerde zoute en umami runderbouillon vol beetgare elleboogjes, die in balans wordt gehouden door veel, grote stukken net-niet rauwe, fris-knapperige bleekselderij. Ik ben blij dat we het delen, maar het is een prachtig gestrekt been!

De enorme portie gloeiendhete Franse frietjes – bij de prima medium-rare gegrilde flat iron steak (gesplitste sukade) – wordt geserveerd in een plastic shawarma-mandje, met een bakje mooie dillemayo.

En je kunt er prima drinken – het is per slot van rekening vooral een bar – van een lekkere Orval trappist tot een straffe, licht smokey paloma (mezcal met grapefruit) en veel natuurwijn van kleine boertjes.

Bijzonder glad en luchtig blik-ananas-ijs met kokosmelk en rum is meer een bevroren cocktail dan een toetje – piña colada, maar niet eens zo ordinair zoet. De chocomousse daarentegen – gepresenteerd als „dat binnenste van de chocoladetruffel, waar je wel een hele bak van zou willen” – is vreselijk log en zwaar, meer een soort chocoladespecie. Dat experiment is dan mislukt. Ach, laat dat het enige zijn.

Otomoto is een heerlijk vreugdevol tentje.

Mortadella

Mortadella is een grote Italiaanse worst gemaakt van varkensvlees, met blokjes varkensvet en vaak stukjes pistachenoot erin. De naam mortadella is een afgeleide van ‘mortar’, Latijn voor vijzel, waarmee het vlees vroeger werd fijngewreven. Mortadella komt oorspronkelijk uit de Italiaanse stad Bologna. In de late Middeleeuwen en de Renaissance begonnen steden zich steeds meer te specialiseren. Zo stond Delft bekend om zijn aardewerk, Lyon om de zijde. Bologna (dat ook wel la grassa, de vette, genoemd werd) kwam bekend te staan om de mortadella. De Amerikaanse naam voor mortadella, baloney, is een verbastering van Bologna. 

Eten en recepten

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next