Home

Mannen die menen monsters te moeten zijn

De man die een moordaanslag wilde plegen op de Amerikaanse president en zijn getrouwen werd direct bestempeld als een lone wolf. Automatisch zie ik beelden van een gestoorde man, een schreeuwerd in een stinktrui. Dat idee van de geïsoleerde gek is overzichtelijk: eng, maar niet een van ons, en vrienden had hij niet. Maar deze aspirant-aanslagpleger was een populaire bijlesleraar, een geslaagde academicus en een sociaal bewogen uitvinder. Sympathiek ondanks alles, zelfs tot in het manifest waarmee hij zijn voorgenomen aanslag onderbouwt op basis van principes, zonder zijn voorgenomen actie af te dekken met religie of vergelijkbare onwrikbaarheden. Hij begint met verontschuldigingen aan „iedereen wiens vertrouwen ik heb beschaamd”, belandt via zijn verbazing over de lakse beveiligingsmaatregelen bij zijn wanhoop in aanloop naar zijn voorgenomen geweld en besluit met een boodschap voor zijn leerlingen: „Can’t really recommend it! Stay in school, kids.”

Terwijl hij dit schreef, kon hij nog terug…

Ik lees het en ik kan het niet helpen, ik zie geen monsterlijke moordenaar in spe. Ik zie Ryan Gosling in de film Project Hail Mary, als inspirerende natuurkundeleraar, uitvinder, genie-in-de-kast die als astronaut tegen wil en dank de wereldbevolking redt. Waarom? Een ander doet het niet, dus dan hij maar. Niet voor zichzelf, hij vindt het geluk in een buitenplanetaire bromance met een alien. Onbegrijpelijk, ook al is die alien een volwassen variatie op E.T. en zijn ze geestelijk van elkaars niveau. Hoe leuk Gosling hem ook speelt, die astronaut blijft consequent een eenling, een solitaire, vreemde vogel. Niet te volgen, maar een idioot is hij niet. En door hem realiseer ik me dat de aanslagpleger in de VS een moordenaar tegen wil en dank zou kunnen zijn.

Zo nadenken over iemand die een dodelijke aanslag plande, is je begeven op glad ijs. Dat hoort niet, verontwaardiging moet de boventoon voeren. Zo’n man is een monster, en de rest is stilte.

Bas Kosters, ‘Many loving arms’, uit de serie ‘Quest for self love’, 2019.

Ik ben ervan overtuigd dat een politieke moord een zelfingenomen actie is, wreed en zinloos per definitie. Zoiets zou ik naar de veronderstelde dader willen schreeuwen. Dat wil zeggen, naar een mens die mensendingen denkt en doet en voelt. Niet naar een lone wolf, de boeman die een uitvlucht is om niet verder te hoeven denken.

In het Stedelijk Museum in Amsterdam sleep ik me over de expositie Beyond the Manosphere, verveeld door kunstenaars die weinig te melden hebben over mannen die menen monsters te moeten zijn om te slagen in het leven. Wie hier soelaas had kunnen bieden zie ik in Enschede in Rijksmuseum Twenthe: Bas Kosters met zijn textiele sculpturen vol seks en gelul in alle betekenissen. Donzig en queer is zijn verbeeldingswereld, opgetogen zijn de penissen, filosofisch de geborduurde gedachten die opdoemen. ‘Beyond the manosphere’, de manosphere voorbij? Bas Kosters ontmantelt hem en stijgt erbovenuit.

Beeldende kunst

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next