Home

Ben je een sukkel als je (nog) in het internationaal recht gelooft?

Internationaal recht De VS is weggevallen als belangrijkste sponsor van de internationale rechtsorde, maar er zijn toch hele goede redenen om het internationaal recht niet los te laten. De EU en Canada staan, volgens Larissa van den Herik, op een cruciaal kruispunt.

Rook en stof omhullen een stad in Zuid-Libanon in nasleep van Israëlische bombardementen.

Ben je een sukkel als je (nog) in het internationaal recht gelooft? Gewone mensen zien al een hele poos dat het recht door grootmachten aan de laars wordt gelapt. Kijk maar naar de VS in Irak (2003) en nu in Iran, Rusland in Oekraïne en Israël met Amerikaanse steun in de Palestijnse gebieden en Libanon.

Larissa van den Herik (1975) is hoogleraar internationaal publiekrecht aan het Grotius Centre for International Legal Studies van de Universiteit Leiden. Zij is tevens plaatsvervangend-rechter bij de rechtbank Den Haag (afdeling internationale misdrijven). Tussen 2019 en 2023 was ze lid van het Permanente Hof van Arbitrage. 

„Wie ben ik – hier in Nederland – om tegen iemand in Gaza te zeggen: jij moet nog geloven in het internationaal recht? Nee, dat doe ik niet”, zegt Larissa van den Herik, hoogleraar internationaal publiekrecht aan de Universiteit Leiden. Maar zíj gelooft er nog wél in. Iets logischers kan ze zich eigenlijk niet bedenken.

Begrijpt u de twijfels over het internationaal recht?

„Er is een bepaalde onrust, en die begrijp ik wel. Die heeft denk ik meer te maken met het feit dat we verschuivingen zien in de machtsverhouding tussen landen. We zien een nieuw gezicht van de Verenigde Staten. Andere landen, vooral Latijns-Amerikaanse, kenden dat gezicht natuurlijk al, maar voor ons in Europa is het nieuw.

„Vanaf de Tweede Wereldoorlog zijn de VS een heel belangrijke sponsor geweest van de internationale rechtsorde. Die is geënt op de ervaring van zeventig miljoen doden, waarna we hebben afgesproken om anders om te gaan met de gesel van oorlog. Toen heb je het geweldsverbod gekregen, de noodzaak voor dat verbod werd toen heel erg gevoeld.”

Het geweldsverbod in artikel 2 van het VN-Handvest bepaalt dat landen geen oorlog mogen voeren tegen een ander land, behalve als er sprake is van zelfverdediging of toestemming van de VN-Veiligheidsraad.

Na de Tweede Wereldoorlog is er toch volop oorlog gevoerd?

„Natuurlijk, in 1950 had je al de Korea-oorlog, daarna de Vietnamoorlog en de invasie van Afghanistan en meerdere oorlogen in het Midden-Oosten en ga zo maar door. Maar het is wel zo dat na de Tweede Wereldoorlog nooit meer een oorlog op die schaal, met zeventig miljoen doden, is gevoerd. Critici zeggen graag dat het geweldsverbod niet werkt, maar ik denk dat het wél werkt.”

Waarom?

„Het heeft tot nu toe een nieuwe wereldoorlog helpen voorkomen. De terughoudendheid van sommige staten om de VS in de oorlog tegen Iran gebruik te laten maken van militaire bases op hun grondgebied is ook een voorbeeld. Dat beperkt de mogelijkheden van de VS om geweld te gebruiken. Juist nu is het van belang om die norm te bevestigen, en daar laten sommige Europese landen het wel afweten.”

Europese landen en Canada staan „op een kruispunt”, zegt Van den Herik. Ze laat zich inspireren door de Finse president Alexander Stubb. Hij schreef afgelopen december het artikel The West’s Last Chance in het tijdschrift Foreign Affairs, waarin hij uitlegt dat het twee kanten op kan met de internationale rechtsorde: Jalta of Helsinki.

Bij de Jalta-conferentie van februari 1945 maakten drie geallieerde leiders afspraken over de verdeling van Europa in invloedssferen. „Een transactionele orde waarin een paar grootmachten het voor het zeggen hebben, waarnaar andere landen zich moeten schikken”, vat Van den Herik samen. De Helsinki-conferentie uit 1975 was daarentegen een bijeenkomst tijdens de Koude Oorlog waarin tientallen landen uit ‘Oost’ en ‘West’ afspraken maakten over samenwerking, veiligheid, de erkenning van grenzen en mensenrechten. Stubb kiest voor Helsinki en betoogt dat Europa en Canada op zo’n manier met landen in het mondiale Zuiden zouden gaan moeten werken.

De VS staan voor die transactionele orde. Wat voor gevolgen heeft dit voor het internationaal recht?

„De orde van Jalta brengt ons dus tot situaties zoals Iran. Wat je nu veel ziet is dat mensen dan zeggen dat het internationaal recht niet realistisch is, in tegenstelling tot macht. Maar recht versus macht is een valse tegenstelling. Het idee dat recht alleen is gebaseerd op idealisme klopt niet. Internationaal recht is gestolde ervaring, en die ervaring is dat conflicten met geweld oplossen bijna nooit werkt. Het recht begrenst de macht, dat is de kern ervan, maar het heeft ook macht nodig voor de naleving. Dat de VS nu wegvallen betekent niet dat je het recht moet loslaten, wel dat je macht anders moet organiseren.”

Voelt het soms niet naïef om aan het internationaal recht vast te houden?

„Soms zeggen mensen: je bent een sukkel als je nog in het internationaal recht gelooft. Ik denk dat we juist een sukkel zijn als we ons klakkeloos overgeven aan het machtsvertoon van Trump. In het geval van Iran sloten zes landen, waaronder de VS, in 2015 een internationale overeenkomst, waarbij werd afgesproken dat Iran alleen voor vreedzame doelen nucleaire energie mag ontwikkelen, in ruil voor het opheffen van sancties. Dat was internationaal recht, en Iran hield zich eraan. Die afspraken werden gesloten met meer gematigde Iraanse machthebbers, maar die deal werd in 2018 onderuitgehaald door de opzegging van Trump. En nu, met deze illegale oorlog, zijn de extremen verder versterkt. Het regime zit steviger in het zadel en hun overtuiging dat zij een nucleair wapen nodig hebben, is alleen maar versterkt. Dus wie is hier de sukkel?”

Maar mensen zien vooral sinds Oekraïne en Gaza consequente schendingen van het internationaal recht. Worden schendingen de nieuwe norm?

„Soms heb je periodes waarin morgen hetzelfde is als gisteren, en volgende week hetzelfde als vorige maand. Nu zitten we in een periode waarin je niet weet wat er over een uur gebeurt, laat staan morgen. Het kan zo zijn dat we een heel donkere periode ingaan. Er is al heel veel leed. Maar het duurt nooit voor altijd.

„Kijk, het is niet zo dat het internationaal recht de wereldgeschiedenis kan tegenhouden. Politici kunnen het internationaal recht loslaten, maar dan laten ze veel meer los dan alleen het geweldsverbod. Dan laten ze een idee los van hoe we ons op deze planeet tot elkaar verhouden. En waar beroepen we ons straks dan nog op als we genoegdoening willen voor de slachtoffers van bijvoorbeeld MH17? Politici kunnen er óók voor kiezen om aan het internationaal recht vast te houden en tegen de stroom in proberen om de instituties die we hebben – de VN, het Internationaal Gerechtshof en het Internationaal Strafhof – te beschermen en weerbaar te maken.

Aan wie denkt u?

„Sommige leiders zijn inspirerender dan andere.”

Nou?

„Het zijn best verschillende personen, maar de Spaanse premier Pedro Sánchez en de Finse president Alexander Stubb.”

Beide leiders stellen zich pro-internationaal recht op; Sánchez staat er principieel in, vanuit een juridisch-moreel perspectief, Stubb kijkt meer pragmatisch naar het recht als manier om veiligheid en stabiliteit te bereiken en behouden.

Van den Herik: „Kijken we naar de Nederlandse politiek… Als je stil bent of dingen goedpraat dan maak je óók een keuze. Dan kies je voor een wereld waarin het recht wordt losgelaten. En dan laten wij zélf het recht los, niet alleen die ander. Brengt de wereld van Trump ons dan veiligheid?”

Hoe kan Nederland beter reageren op schendingen?

„Ik begrijp waarom politici soms ontwijkend reageren, maar ik denk ook dat je moet uitkijken wanneer je zegt dat het internationaal recht ‘niet het enige kader’ is.”

Buitenlandminister Tom Berendsen (CDA) zei in reactie op de aanvallen op Iran dat er „vragen zijn” over de juridische onderbouwing van de Amerikanen, maar ook dat internationaal recht „niet het enige kader [is] dat je op deze situatie kunt plakken.”

Van den Herik: „Als je dat zegt, open je een deur die niet in ons belang is. Als wij zeggen: het recht geldt vandaag wel, maar morgen niet en voor jou wel, maar voor mij niet… Dan kan iedereen dat zeggen. En dan geven we ook de taal op om de daden van Poetin te veroordelen. In feite geven we hem dan vrij baan.”

Het recht op zelfverdediging vormt een uitzondering op het geweldsverbod, en landen kunnen nieuwe uitzonderingen proberen te creëren. Zo beweerde Rusland bij de invasie in Oekraïne dat het Russische inwoners van Oekraïne van nazi’s wilde bevrijden, vielen de VS vanaf 2025 vermeende Venezolaanse drugsboten aan onder het mom van zelfverdediging en rechtvaardigt Israël de genocide in Gaza en de oorlogen in Iran en Libanon nog altijd als verdediging tegen existentiële dreigingen door Hamas, Hezbollah en het Iraanse regime.

Waar ligt de grens?

„Het recht is wat staten ervan maken. Je kunt binnen het recht anders denken over bepaalde situaties. De NAVO-interventie voor Kosovo in 1999 was moeilijk te rechtvaardigen in het bestaande recht. Toen begon het Verenigd Koninkrijk over humanitaire interventie. Dat is ook wat de Verenigde Staten in 2003 hebben geprobeerd; men zei dat je mag interveniëren als er massavernietigingswapens zijn. Als iedereen het daarmee eens is, kunnen we naar een nieuwe norm toe. Het punt is natuurlijk dat in 2003, en ook nu met Iran, niet is aangetoond dat die wapens er waren.”

Wel beschikt Iran over ballistische raketten, die door de VS als dreiging worden gezien voor Israël en Europese bondgenoten. Van den Herik stelt dat een staat zou kunnen beargumenteren dat door de dreiging die van die wapens uitgaat een beroep op zelfverdediging mogelijk moet zijn. „Maar stond Iran wel echt op het punt Europa aan te vallen? Als je uitzonderingen te ver oprekt, slokken zij uiteindelijk de hoofdregel op.”

Bevindt het internationaal recht zich op een zeer kritiek punt?

„Het is een spannende tijd, er gebeurt erg veel wat niet te overzien is: oorlogsvoering met drones, de opkomst van AI en klimaatverandering. Deze dingen hangen ook allemaal samen. Het is dus zeker een kritiek moment, en dus ook een moment van kritieke keuzes. Mensen zeggen: het is geen tijd voor wensdenken, het gaat om macht. Maar machtige staten hebben uiteindelijk ook behoefte aan recht en ordening. Als je nu kiest voor pure machtsuitoefening, steun je in feite de impulsbeslissingen die we nu zien.”

Geopolitiek

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next