In Indonesië begint woensdag een strafzaak tegen vier militairen die zoutzuur in het gezicht van een activist zouden hebben gegooid. Dat incident bevestigt volgens waarnemers dat de mensenrechten in het land verslechteren.
is correspondent Zuidoost-Azië van de Volkskrant. Hij woont in Indonesië.
In de militaire rechtbank in de Indonesische hoofdstad Jakarta begint woensdag het strafproces tegen vier militairen die ervan worden verdacht zuur in het gezicht van mensenrechtenactivist Andrie Yunus te hebben gegooid. De 27-jarige Yunus is een prominente activist die zich al jaren verzet tegen repressie en de groeiende rol van het leger in de Indonesische samenleving. Medeactivisten vinden daarom dat de zaak naar een civiele rechtbank moet worden verplaatst.
Medio maart ging een schokkende video viral waarop te zien is hoe Yunus ’s avonds laat naar huis rijdt in Jakarta, en daarbij wordt gevolgd door twee mannen op een motor. Die halen hem in, keren om en spuiten een vloeistof in zijn gezicht. Het slachtoffer springt van zijn scooter en begint gillend rondjes te rennen over straat. Yunus ligt in het ziekenhuis met ernstige brandwonden aan zijn gezicht, borst en handen en verliest mogelijk het zicht in een oog.
Binnen een week werden vier mannen aangehouden op basis van camerabeelden en telefoonsignalen. Volgens de militaire politie gaat het om een kapitein, twee luitenants en een sergeant van de militaire inlichtingendienst. Zij zouden uit een persoonlijk wraakmotief hebben gehandeld. Weer een week later nam de commandant van de inlichtingendienst, een driesterrengeneraal, ontslag als een vorm van rekenschap, aldus een legerwoordvoerder. Binnen vijf weken – duizelingwekkend snel voor Indonesische begrippen – vindt de eerste zittingsdag plaats in de militaire rechtbank.
Waarnemers en activisten hebben echter weinig vertrouwen in een besloten militaire rechtsgang. Zij vermoeden dat de vier verdachten in opdracht hebben gehandeld en vrezen dat de echte opdrachtgever buiten schot zal blijven. Volgens belangenorganisatie KontraS, waar Yunus werkt als coördinator, waren ten minste zestien mensen betrokken bij de voorbereiding en uitvoering van de aanval. Dat zou blijken uit een eigen analyse van achtduizend beelden uit 86 bewakingscamera’s in de hoofdstad. Ruim vierhonderd burgerorganisaties pleitten afgelopen weken – zonder succes – voor een onafhankelijke onderzoekscommissie.
KontraS staat sinds 1998 burgerslachtoffers bij van politie- of militair geweld, inclusief verdwijningen. Oprichter Munir Thalib werd in 2004 dodelijk vergiftigd tijdens een vlucht naar Amsterdam. Opvolger Yunus baarde vorig jaar opzien door een besloten bijeenkomst van parlementariërs te verstoren in een luxe hotel. Die beslisten daar over een controversiële wet om meer civiele overheidsbanen beschikbaar te stellen voor actief dienende officieren.
Volgens de Indonesische tak van Amnesty International zijn de mensenrechten onder president Prabowo Subianto verslechterd. De organisatie telde in 2025, zijn eerste jaar als president, bijna driehonderd gevallen van geweld tegen activisten. Een flinke toename vergeleken met eerdere jaren. ‘Het wordt opnieuw een gevaarlijk jaar voor alle kritische denkers’, waarschuwde directeur Usman Hamid in zijn toelichting bij het jaarverslag. Prabowo noemde de aanslag een barbaarse daad die tot de bodem dient te worden uitgezocht. ‘Wie gaf de opdracht, wie heeft betaald?’
Volgens Human Rights Watch verslechteren de mensenrechten in Indonesië al langer. Hoofdonderzoeker Andreas Harsono mailt dat de militaire rechtspraak in Indonesië al decennialang niet onafhankelijk en transparant is. Veel mensenrechtenschendingen verdwijnen volgens hem in een doofpot. Als voorbeeld noemt hij een bomaanslag in 2004 op een nieuwsredactie in de Papoease hoofdstad Jayapura. De politie wees op basis van getuigen en camerabeelden twee militairen aan. Maar het leger seponeerde de zaak na overdracht bij gebrek aan bewijs.
Het snelle ontslag van de militaire inlichtingenchef Yudi Abrimantyo verbaasde veel waarnemers. Volgens Human Rights Watch is die stap betekenisvol. Harsono: ‘Het is zeer ongebruikelijk voor een generaal om te vertrekken. Meestal blijven ze zitten, zodat ze – naar eigen zeggen – schoon schip kunnen maken.’ Luitenant-generaal Abrimantyo zweeg op de persconferentie waar zijn vertrek werd medegedeeld door een woordvoerder.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant