De internationale autosportfederatie FIA, die de regels in de Formule 1 bepaalt, is het eens met de visie van de F1-organisatie dat de sport niet afhankelijk mag zijn van de grillen van autofabrikanten. Dat stelt single-seater director Nikolas Tombazis in aanloop naar de Grand Prix van Miami.
Tombazis was niet de bedenker van de elektrificering van F1, maar zijn team bij de FIA kreeg wel de taak om het concept van een 50/50-verdeling tussen elektrische energie en verbrandingsmotoren om te zetten in een werkbaar reglement. Dat proces ging gepaard met de nodige compromissen en heeft dit seizoen al geleid tot flink wat commentaar onder coureurs, teams en fans.
In een mediasessie, waar ook Motorsport.com bij aanwezig was, sloot Tombazis zich aan bij recente uitspraken van Formule 1-baas Stefano Domenicali, die ook vindt dat de autofabrikanten een te grote invloed hebben gehad op de huidige regels.
"Het politieke landschap is veranderd", aldus Tombazis. "Toen we deze regels opstelden, gaven autofabrikanten aan dat ze geen nieuwe verbrandingsmotoren meer zouden ontwikkelen en volledig elektrisch zouden gaan.
"Inmiddels weten we dat het anders is verlopen. Dat neemt het belang van elektrificatie niet weg, maar de ontwikkeling ging minder snel dan verwacht."
Volgens Tombazis is een minder zichtbaar, maar belangrijk resultaat van de huidige regels de introductie van volledig duurzame brandstoffen. "Dat is op zichzelf een positieve uitkomst."
Voor de toekomst benadrukt hij dat de Formule 1 zichzelf moet beschermen tegen externe economische en industriële invloeden. "We kunnen niet gegijzeld worden door autofabrikanten die beslissen of ze wel of niet deelnemen aan onze sport."
Honda heeft zich sinds de jaren zestig vier keer teruggetrokken uit F1 en is vier keer teruggekeerd.
Foto door: Takashi Aoyama/Getty Images
"We willen ze er absoluut bij hebben – daarom hebben we hard gewerkt om nieuwe fabrikanten aan te trekken. Maar we mogen niet in een situatie belanden waarin hun vertrek ons direct kwetsbaar maakt. Daarom moeten we blijven inzetten op kostenverlaging."
Tegelijkertijd dringt de tijd voor de volgende generatie motorreglementen, die momenteel gepland staat voor 2031. "Als we iets willen aanpassen voor de volgende cyclus, moeten we daar snel over praten. De ontwikkeling van een power unit kost nu eenmaal veel tijd."
Toen het 50/50-principe in 2022 werd vastgesteld, leek volledige elektrificatie van de auto-industrie slechts een kwestie van tijd. Overheden wereldwijd stuurden aan op het uitfaseren van de verbrandingsmotor.
Nikolas Tombazis (rechts) met FIA-voorzitter Mohammed Ben Sulayem.
Foto door: Getty Images
Inmiddels is de groei van elektrische voertuigen in sommige markten afgevlakt en blijkt volledige elektrificatie lastiger te realiseren binnen de oorspronkelijke tijdlijnen. Tegelijkertijd bieden duurzame brandstoffen nieuwe perspectieven voor de verbrandingsmotor, waardoor diverse fabrikanten hun strategie hebben herzien.
Voor de toekomst van de Formule 1 ligt er daarom een belangrijke vraag: hoe voorkom je dat veranderende marktontwikkelingen opnieuw een grote invloed krijgen op de technische regels?
Het verlagen van de kosten voor de ontwikkeling en productie van power units kan daarbij een sleutelrol spelen. Dat maakt deelname aantrekkelijker voor bestaande fabrikanten én opent mogelijk de deur voor onafhankelijke motorleveranciers.
Een bijkomend effect is dat de invloed van autofabrikanten op detailregels – zoals materiaalgebruik in motoren – kan afnemen. Tussen de regels door lijkt dat precies de richting waarin zowel de FIA als de Formule 1 willen bewegen.
Wat zou jij graag willen zien op Motorsport.com?
- Het Motorsport.com-team
Source: Motorsport