Home

Robots waren al beter in denksporten, nu beginnen ze mensen ook te verslaan bij fysieke sport

Voor het eerst is een tafeltennissende robot erin geslaagd menselijke topspelers van tafel te spelen. Een ‘grote doorbraak’, zeggen de makers. Andere sportrobots lopen zich al warm.

is wetenschapsredacteur bij de Volkskrant, gespecialiseerd in klimaat en microleven.

Tien jaar nadat de zelfstandig denkende computer AlphaGo voor het eerst een menselijke kampioen versloeg met het denkspel Go, beginnen machines ook de lichamelijk sportende mens te verslaan. Afgelopen zondag verpletterde een mensachtige, tweebenige hardlooprobot in Beijing het wereldrecord halve marathon, met liefst zeven minuten. En nu maken Zwitserse en Japanse onderzoekers van Sony in vakblad Nature bekend dat hun tafeltennisrobot de ene na de andere topamateur verslaat.

Ook de eerste professionele tafeltennisser is intussen al weggetikt door robot Ace. Bij een wedstrijd in december liet Sony Ace spelen tegen twee topamateurs en twee professionals. De amateurs verloren, van de beroepsspelers won er maar één. Dat is een wereldprimeur: toen Sony zijn Nature-onderzoek indiende, kon Ace alleen topamateurs verslaan, stuk voor stuk overigens wél tafeltennissers met een vitrine vol pingpongprijzen.

Effectballen zijn geen probleem

Dat is ‘knap’ en ‘heel indrukwekkend’, vindt ook Ruben Beumer, onderzoeker robotica bij de TU Eindhoven en betrokken bij het robotvoetbalteam Tech United van de universiteit. ‘Vooral dat deze robot zo snel kan reageren op effectballen. Dat is natuurlijk technisch heel lastig’, zegt hij. Een beperking is wel dat de robot, anders dan sommige andere pingpongrobots, geen menselijke gedaante heeft, vindt Beumer. Ace bestaat uit een soort zwaaiarm met een batje eraan. ‘Dat maakt de omstandigheden voor deze robot veel gecontroleerder.’

Maar de vernieuwing zit vooral onder de spreekwoordelijke motorkap: ultrasnelle software die razendsnel de input van Ace’ twaalf camera-ogen verwerkt, en een besturingssysteem dat haast feilloos zijn plan trekt. Ace werd getraind door hem in een virtuele omgeving te plaatsen en hem te ‘belonen’ voor goede slagen. De robot oefende als het ware in gedachten. ‘Je kunt het zien als het opdoen van jaren aan ervaring in een paar minuten’, zegt Beumer. ‘Het voordeel van zo’n leermethode is dat het veel sneller gaat, en dat de robot niet kapotgaat.’

Ene ace na de andere

En dan: spelen maar. Tot verrassing van de onderzoekers weet de robot zelfs raad met de listige balletjes die via het net op de andere tafelhelft vallen. En dan heeft hij ook nog eens een gruwelijke service. In de potjes met de topamateurs sloeg robot Ace zestien aces (punten direct uit een service). De topamateurs kwamen tot acht.

Dat begint op te vallen, dertig jaar nadat schaakcomputer DeepBlue wereldkampioen Garry Kasparov versloeg, signaleert ook Beumer. ‘In veel sporten zijn robots nog niet beter dan mensen. Maar daar begint verandering in te komen. Vooral in sporten waarin een robot niet te veel in interactie met mensen hoeft te komen, en waarbij precisie en snelheid van belang zijn, doet zo’n robot het al snel beter’, vertelt hij.

Beumer noemt als voorbeeld de basketbalrobot van Toyota, die ‘weliswaar niet dribbelt’, maar wel uitstekend de bal door de ring kan gooien. ‘Ik weet niet of het al bestaat, maar een dartrobot zal het vast ook al snel heel goed kunnen’, oppert hij. Zo’n feilloos gooiende robot blijkt inderdaad enkele jaren geleden als hobbyproject te zijn gebouwd, door een Duitse werktuigbouwkundige, werkzaam bij Ford.

In Zürich bouwden technici intussen een badmintonrobot, een soort robothond met een badmintonracket waar je de kop zou verwachten. Boston Dynamics presenteerde een robotturner, met een weinig sierlijk maar wel mensachtig lichaam dat salto’s maakt. En Georgia Tech werkt aan een robottennisser, in feite een rolstoel met een tennissende robotromp erin.

Het grote verschil: anders dan Ace zijn dergelijke robots bij lange na niet in staat een menselijke topspeler te verslaan. En ook Ace zelf heeft de wereldkampioen nog niet verslagen, merken twee Braziliaanse robotici op in een begeleidend commentaar in Nature. Laat staan dat hij dat kan met een menselijk lichaam en twee ogen, in plaats van camera’s die het spel vanuit meerdere standpunten tegelijk bekijken.

Bal als kanon

Niettemin zien ook de Brazilianen Ace als ‘een belangrijke mijlpaal’, schrijven ze. Alleen al omdat tafeltennis zo’n snel, precies spel is: ‘Ace laat zien dat autonome systemen kunnen concurreren met de mens bij complexe, snelle, interactieve taken.’

In hun ‘gedachten’ zijn robots al tot veel meer in staat. Zo beschreef een ander onderzoeksteam van Sony enkele jaren geleden dat het een AI-systeem had ontwikkeld genaamd Sophy, dat menselijke kampioenen kan verslaan in de racesimulatie Gran Turismo.

Een dilemma wordt nog, denkt Beumer: hoe menselijk moeten of mogen sportende robots eigenlijk zijn? ‘Het is niet moeilijk om een voetbalrobot te maken die de bal als een kanon in het doel schiet. Wat je wilt, is een humanoïde robot die dezelfde beperkingen heeft als de mens. Is het wel eerlijk als een voetballer een camera in zijn achterhoofd heeft, of harder kan rennen dan een mens? Anderzijds: als je ze zo instelt dat ze geen enkel voordeel hebben ten opzichte van een mens, krijg je ook nooit een voetbalrobotteam dat van mensen kan winnen.’

Sony besloot Ace in elk geval te begrenzen in snelheid van slaan. ‘Des te knapper dat ze deze prestatie weten neer te zetten’, reageert Beumer.

Alles over wetenschap vindt u hier.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next