De makers van ‘Michael’ vinken net iets te veel hun lijstje af. Het resultaat is een weliswaar onderhoudende maar toch vooral ook wat vlakke én onvolledige film over de wordingsgeschiedenis van superster Michael Jackson.
is filmredacteur van de Volkskrant.
Elke bezoeker van Michael neemt zijn eigen Michael Jackson mee de zaal in. Wellicht is dat het lastigste bij het beoordelen van de biografische speelfilm over het leven van ’s werelds grootste popster: die Michaels kunnen onderling sterk verschillen. Hoe herinner je je de muziek en danspasjes? Wat bleef je bij van de stroom aan ‘Wacko Jacko’-nieuws? Wat zag en onthield je van de reeks beschuldigende documentaires?
Midden in de film, tijdens een bezoek aan de speelgoedwinkel met zijn bodyguard, adviseert de volwassen Michael Jackson een starstruck jochie achter hem in de rij over diens Atari-spelcomputer; zó kun je de joystick het beste beroeren. Het is vast onschuldig bedoeld door regisseur Antoine Fuqua en scenarist John Logan. Maar dan moet je niet – zoals ik – de vierdelige docuserie The Trial hebben gezien, die eerder dit jaar werd uitgezonden bij Channel 4. Want dan zie je subiet de beelden van het politieverhoor voor je, waarin een even jong jochie vertelt hoe de ster hem leerde masturberen. Jackson werd in 2005 vrijgesproken in de rechtszaak.
Dat zien we allemaal niet in de film: die eindigt bij de aanvang van zijn Bad-tournee, vóór de beschuldigingen. Michael volgt de rappe klim omhoog van het puntgaaf zingende en dansende zwarte jongetje uit Gary, Indiana. Die moet zich, eenmaal beroemd, los zien te maken van de hem omlijstende Jackson-broers.
Vriendelijke doch fletse types zijn ze in de film, die Jermaine, Jackie, Tito en Marlon, gespeend van onderscheidende kenmerken of enige onderlinge naijver. Vader en manager Joseph fungeert als de archetypische Disney-schurk die zijn kroost met de riem tuchtigt en het jongste Jackson 5-bandlid nog een extra complex toestopt: ‘Je neus is te groot.’
Logisch dat Michael wegvlucht naar dat Neverland uit zijn Peter Pan-boek, en de vriendenleemte vult met zijn lama en chimpansee Bubbles. Dieren vragen niet om handtekeningen.
De hoogtepunten en hobbels in het leven van de artiest behouden iets vlaks in het coming-of-age drama Michael, alsof de makers een lijstje afvinken. Soms is er de vervoering: de kleine Michael die zijn dansvoetjes maar niet stil kan houden in de studio, of dat a capella inzingen van I Want You Back, alsof je getuige bent van een muziekwonder.
Ook de nagespeelde clipopnamen van Beat It en Thriller zijn fijn kijkvoer, al dienen ze nogal ostentatief om de ster wat extra bekwaamheid toe te zwaaien. Kijk, Michael bracht de gangs uit Los Angeles bij elkaar! Kijk, Michael wees de regisseur erop dat je ook de voeten van dansers moet filmen!
Ronduit mal is de heiligverklaring van Jacksons advocaat John Branca, die meer scènes opeist dan muzikale mentor Quincy Jones. Branca, op de aftiteling vermeld als producent, bestiert ook de nalatenschap.
De casting van hoofdrolspeler en neefje Jaafar Jackson pakt wel gunstig uit. De gelijkenis is treffend, inclusief dat verlegen, wassenbeelderige voorkomen. Sterk – en pijnlijk – is de scène waarin Michael huiswaarts keert na zijn eerste neusoperatie, verstopt achter mondkapje en zonnebril; even ontwaren we een glimp van de latere ster.
De nagebootste concertopnamen aan het slot doen digitaal aan; je vóelt die live-sensatie hier toch minder dan bij vergelijkbare titels, zoals Bohemian Rhapsody of Rocket Man.
Dat de makers van Michael nu overal rondbazuinen dat ze de beschuldigingen van kindermisbruik uit hun film moesten kieperen vanwege een zwijgcontract tussen het onderwerp en een van diens vermeende slachtoffertjes, komt met een marketing-smaakje. Handige repliek: we wilden wel, maar we mochten niet.
Het maakt deze nog wel onderhoudend opgediende wordingsgeschiedenis van de popgod óók onbevredigend. Een onvolledige film, over de halve Michael Jackson.
Drama
★★☆☆☆
Regie Antoine Fuqua
Met Jaafar Jackson, Colman Domingo, Nia Young, Miles Teller, Laura Harrier
127 min. In ? zalen.
Source: Volkskrant