Home

De ICT-lobbyclub die altijd meepraat: krijgt big tech te veel invloed?

Als grootste branchevereniging voor techbedrijven in Nederland wordt NLDigital graag door de overheid geraadpleegd. Nu die minder afhankelijk wil worden van de VS, groeit de kritiek.

is techverslaggever van de Volkskrant.

Is er aanleiding om te vermoeden dat de VS in één klap DigiD zullen platleggen, als de software straks wordt beheerd door een Amerikaans bedrijf? Het is een ja-of-neevraag, vanwege tijdgebrek aan het einde van dit rondetafelgesprek in de Tweede Kamer. ‘Ja’, zeggen vijf experts onomwonden. ‘Dat gaat gewoon niet gebeuren’, zegt Jelmer Schreuder.

Hij is lobbyist van NLDigital, de grootste brancheorganisatie voor techbedrijven in Nederland. Die laatste vijf minuten van het twee uur durende gesprek, eind januari, zijn illustratief voor het standpunt van de branchevereniging in het debat over digitale autonomie. Namelijk: bij het kiezen van een techaanbieder zou de herkomst van bedrijven ondergeschikt moeten zijn aan andere kenmerken. Een flink contrast met andere brancheverenigingen en veel techexperts, die er sinds de herverkiezing van Donald Trump als president van de Verenigde Staten voor pleiten om lokale bedrijven een streepje voor te geven bij aanbestedingen.

NLDigital mag hier een minderheidspositie innemen – de organisatie is wel een veelgevraagde gesprekspartner van de overheid. Zo organiseerde de branchevereniging samen met het ministerie van Binnenlandse Zaken eind vorig jaar twee keer een ‘open dialoog’ met techbedrijven over het aanleggen van een overheidscloud. Ook zit bestuurslid (en algemeen directeur van T-Systems, een grote Europese IT-dienstverlener) Emily Glastra als enige vertegenwoordiger van het bedrijfsleven in de adviesraad voor het uitvoeren van de vorig jaar opgestelde Nederlandse Digitaliseringsstrategie.

Drie directeuren van andere IT-brancheverenigingen zeggen tegen de Volkskrant dat ze in het gesprek over digitale soevereiniteit door de overheid gepasseerd worden, terwijl NLDigital standaard een plek aan tafel heeft.

‘Boven in de kaartenbak’

Alle drie die verenigingen zijn de afgelopen tien jaar ontstaan omdat data-, cloud- en cybersecurityspecialisten zich binnen NLDigital onvoldoende gehoord voelden. Om hun standpunten aan de politiek en ambtenarij over te brengen besloten ze eigen clubs op te richten, zegt Ruud Alaerds, directeur van de Dutch Cloud Community. ‘Maar die wildgroei aan partijtjes is onoverzichtelijk voor de overheid. En NLDigital lag al boven in de kaartenbak.’

Bovendien, zegt directeur van Cyberveilig Nederland Liesbeth Holterman, ‘ziet NLDigital zichzelf als dé vertegenwoordiger van de IT-branche en duldt daarom niet snel anderen naast zich’.

Holterman werkte bij NLDigital voor de cyberspecialisten hun eigen weg gingen. ‘Ik heb in die tijd zelf meegemaakt dat de usual suspects uit Amerika de boventoon voerden. Dat wreekt zich nu in de beeldvorming rondom NLDigital. Ergens vind ik dat ook jammer: er werken goede mensen met goede bedoelingen. Maar de grote invloed van big tech is er met de jaren ingeslopen.’

Wat is NLDigital voor organisatie? En wier belangen behartigt de lobbyclub?

Langs de A2, ter hoogte van Breukelen, werken zo’n twintig mensen om de digitalisering in Nederland te bevorderen. Dat begon ruim honderd jaar geleden, met de oprichting van de Nederlandsche Vereeniging van Importeurs en Fabrikanten van Kantoormachines in Amsterdam. Het doel: typemachines, kaartsystemen en kopieerapparaten populariseren bij de vele pas verrezen kantoren in Nederland. Aan de muur in Breukelen hangen retroposters van de ‘efficiencybeurzen’ die het gezelschap destijds organiseerde.

In de eeuw die volgde evolueerde de vereniging en veranderde die meermaals van naam, maar aan het doel (wegbereiding voor technologiebedrijven) en de filosofie (tech-optimisme) is weinig veranderd.

Van alle brancheverenigingen in de techindustrie is NLDigital met zo’n 550 leden de oudste, grootste en meest generieke. Dat maakt NLDigital een logisch adres voor de overheid die haar oor te luister wil leggen bij de techindustrie.

Maar het is ook de branchevereniging waarvan de grote Amerikaanse techbedrijven lid zijn – waaronder Kyndryl, dat het Nederlandse bedrijf Solvinity wil kopen en dan de DigiD-software zou gaan verzorgen. Barbara Kathmann, die als voorzitter van de vaste commissie Digitale Zaken en Kamerlid voor Progressief Nederland onder meer het rondetafelgesprek over die overname voorzat, ziet de branchevereniging daar vooral als vertegenwoordiger van big tech. ‘Een belangrijke club om erbij te hebben – als alle andere geluiden ook maar te horen zijn.’

‘Altijd voor de branche als geheel’

Tijdens die sessie begint NLDigital-lobbyist Schreuder zijn betoog met een poging dat imago van zich af te schudden. ‘Ik geef graag vooraf aan dat de overnamepartij lid is van NLDigital’, zegt hij. ‘Wij spreken echter nooit namens een specifiek bedrijf, maar altijd voor de branche als geheel. Ook is in de aanloop naar dit debat de suggestie gewekt dat wij voor big tech zouden staan. Maar laat me dat even rechtzetten.’ De grootste leden zijn Europees, meer dan 90 procent is een middelgroot of klein bedrijf en big tech is gezamenlijk goed voor minder dan 5 procent van de contributie-inkomsten, somde hij op.

Die cijfers kloppen, blijkt uit een analyse van het ledenbestand, maar zijn niet het hele verhaal. Van de twintig grootste leden (de bedrijven die de meeste contributie betalen, gebaseerd op het aantal medewerkers in Nederland) zijn er drie Nederlands, zeven uit andere Europese landen, twee Japans en acht Amerikaans. Hoewel grote en kleinere Amerikaanse bedrijven bij elkaar maar zo’n 9 procent van het ledenbestand uitmaken, betalen zij bijna een kwart van de 3,1 miljoen euro contributie-inkomsten. De 80 procent aan Nederlandse bedrijven betaalt samen zo’n 45 procent – het zijn er veel, maar vooral kleintjes.

De hoeveelheid contributie die leden betalen, staat los van hun invloed, zegt de directeur van NLDigital, Dagmar Lens, gezeten in haar ruime kantoor met uitzicht op de snelweg. ‘Voor vergaderingen nodigen we altijd een zo breed mogelijk palet aan leden uit.’

Toch vormen de afgevaardigden van grote bedrijven binnen het bestuur een meerderheid. De uitvoerend bestuurder van Kyndryl zit tevens in het bestuur van NLDigital. Dat is niet doorslaggevend in het standpunt van de organisatie als het gaat over de overname van Solvinity, zegt Lens: ze ‘gelooft oprecht’ in wat NLDigital tijdens het rondetafelgesprek naar voren bracht en vreest dat een massale overgang op Europese clouddiensten de ‘innovatiekracht’ van Nederland onderuithaalt.

Lens trad een jaar geleden aan als directeur, na respectievelijk achttien en negen jaar bij de Amerikaanse giganten IBM en Microsoft. ‘Ik heb de overstap naar NLDigital gemaakt omdat ik zag hoe ongelofelijk belangrijk digitalisering is voor onze welvaart. Ik heb twee kinderen. Als we willen dat zij opgroeien met dezelfde welvaart die wij nu genieten, moet er iets gebeuren in Nederland. De innovatie gaat zo snel – we moeten daar op een goede manier aan meedoen, volgens onze eigen normen en waarden.’

Ondanks haar achtergrond bij de grote leden IBM en Microsoft voelt ze zich ‘volledig autonoom’ in de discussie over digitale autonomie. Natuurlijk heeft ze sympathie voor de mensen met wie ze heeft gewerkt, zegt ze. ‘Maar ik denk dat het juist een voordeel is dat ik die achtergrond heb, dat ik daar kennis en ervaring heb opgedaan. Ik zie mezelf als iemand die echt kijkt naar: wat is er nodig? Die de nieuwsgierigheid heeft om verder te kijken.’

Wat betreft de verdeling van de bestuurszetels is het streven om een zo goed mogelijke afspiegeling van de sector te krijgen, zegt Lens, maar in de praktijk hebben grote bedrijven vaak meer capaciteit om zo’n rol te vervullen.

Het is een klassiek voorbeeld van het ‘collectieve actieprobleem’ dat ze vaak waarneemt in de lobbywereld, zegt de Leidse hoogleraar Caelesta Braun, die onderzoekt hoe belangenbehartigers invloed uitoefenen op het politieke debat. ‘Kleine bedrijven moeten binnen een vereniging vaak samen een vuist maken om invloed uit te oefenen.’

‘Ze hebben veel te verliezen’

Overigens is het niet gezegd dat de grote groep kleine leden een ander belang heeft dan de kleine groep grote. Want een overstap op technologie van eigen bodem klinkt misschien als een kans voor Nederlandse bedrijven – in de praktijk hebben veel daarvan hun businessmodel gebouwd op en om technologie uit de VS. Voor hen is het prima toeven in de Amerikaanse hegemonie.

Voor grote techbedrijven komt dat goed uit: die benadrukken vaak de negatieve effecten van regelgeving voor kleine en middelgrote bedrijven of voor de economische groei van een land, blijkt uit onderzoek naar lobbystrategieën van big tech door Europese lobbywaakhonden. ‘Dat is effectiever dan zeggen dat je voor je eigen belangen opkomt’, duidt Braun.

Die strategie (en het feit dat de lobby nu op volle toeren draait) was vorige maand zichtbaar op station Brussel-Zuid, waar Amazon alle advertentieruimte opkocht in de dagen dat Europarlementariërs vanuit daar met z’n allen afreisden naar Straatsburg. ‘60 procent van de verkopen op Amazon komt van onafhankelijke verkopers’, was daar bijvoorbeeld te lezen. ‘Zoals Francesco en Caroline’: twee kleine ondernemers die hun bereik te danken hebben aan Amazon.

‘Geef die bedrijven in hun positie eens ongelijk’, zegt Braun over de fanatieke lobby. ‘Ze hebben veel te verliezen.’ En lobbyen is een vitaal onderdeel van de democratie. ‘Problematisch wordt het pas als politiek en ambtenarij geen oor hebben voor verschillende perspectieven. Als het geluid van grote spelers dat van kleine spelers verdrukt.’

De kritiek die NLDigital nu te verduren krijgt, hebben ze mede te danken aan de opstelling van het ministerie van Binnenlandse Zaken, zegt directeur van Cyberveilig Nederland Holterman, dat het afgelopen jaar voorbereidingen trof voor het optuigen van een onafhankelijke Rijkscloud. ‘In plaats van de hele sector uit te nodigen werden alleen een aantal vertrouwelingen meegenomen.’

Eind januari zei toenmalig staatssecretaris van Binnenlandse Zaken Eddie van Marum in een commissiedebat dat de gesprekken over de Rijkscloud worden gevoerd ‘onder leiding van NLDigital’. Na kritiek van commissievoorzitter Digitale Zaken Kathmann kwam hij daarop terug: NLDigital zou niet de leiding hebben, maar wel een belangrijke gesprekspartner zijn.

Kathmann is niet gerustgesteld. ‘Op Tenderned.nl staat dat de gesprekken met bedrijven worden georganiseerd in samenwerking met NLDigital. Dat is alsof je het Binnenhof laat verbouwen en Heijmans de aannemers uitnodigt.’

‘Dwarsdoorsnede van de sector’

In het nieuwe kabinet ligt de verantwoordelijkheid voor de digitaliseringsstrategie, na vier jaar, weer bij het ministerie van Economische Zaken. Voor de dialoogsessies die worden georganiseerd in samenwerking met NLDigital kan ieder bedrijf zich aanmelden via Tenderned, laat een woordvoerder weten. ‘Op die manier kan iedere marktpartij meepraten, ongeacht van welke branchevereniging zij lid zijn.’

Het ministerie ziet NLDigital niet als vertegenwoordiger van big tech, maar als ‘een grote dwarsdoorsnede van de IT-sector met zowel grotere als kleinere bedrijven’. ‘Daarbij zijn zij de formele branchevereniging op digitaliseringsgebied van VNO-NCW.’

Stijn Grove, directeur van de Dutch Datacenter Association, steekt het vooral dat een bestuurslid van NLDigital als enige vertegenwoordiger van het bedrijfsleven in de adviesraad voor digitalisering van de Rijksoverheid zit. ‘Ik snap dat het ministerie het wel makkelijk vindt om met één partij te praten, maar je verwacht dan ten minste dat die partij moet overleggen met de rest van de sector. In gesprekken over de Rotterdamse haven zijn toch ook de energiesector, de chemische sector én het havenbedrijf betrokken? IT is net zo gelaagd.’

De keuze voor Emily Glastra, de algemeen directeur van T-Systems en tot 2022 de zogeheten public sector lead bij Microsoft, als vertegenwoordiger van het bedrijfsleven, staat los van haar rol als bestuurslid bij NLDigital, stelt het ministerie. Deelname is ‘op persoonlijke titel en niet namens een organisatie of belangengroep’.

Glastra zelf noemt het ‘best gek’ dat ze de enige vertegenwoordiger van het bedrijfsleven is in de raad. In een rondetafelgesprek in september vorig jaar pleitte ze er al eens voor dat meer marktpartijen zouden meepraten.

Holterman van Cyberveilig Nederland verwacht dat er meer partijen worden betrokken nu het dossier naar het ministerie van Economische Zaken is verplaatst. ‘We hebben een goede samenwerking met hen.’

Maandagavond stuurde de staatssecretaris een brief naar de Tweede Kamer waarin zij laat weten dat de raad voor de Nederlandse digitaliseringsstrategie wordt opgeheven, om in het vervolg bij het inwinnen van advies ‘afhankelijk van het vraagstuk’ voldoende ruimte te bieden aan ‘verschillende experts en samenstellingen’.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next