Regisseur Dikla Zeidler schetst de frustraties van een volgens haar onbegrepen generatie. Drie twintigers vertegenwoordigen falende en vastgeroeste systemen in de documentaire. ‘Ik wilde hun frustraties voelbaar maken.’
schrijft voor de Volkskrant over Amerikaanse sporten.
Telkens lopen de hoofdpersonen uit Alles moet beter tegen een muur van onbegrip, onwil of bureaucratie aan. De 27-jarige Sam verliest haar baan als klimaatadviseur bij de gemeente Den Haag en verschijnt voor de rechter vanwege haar acties met Extinction Rebellion. Klokkenluider Ruben (25) raakt verstrikt in een juridisch labyrint nadat hij informatie lekt over de vervuiling door teflonfabriek Chemours. En de 23-jarige Rohan wordt als slachtoffer van de toeslagenaffaire van het kastje naar de muur gestuurd.
Het drietal vertegenwoordigt falende, vastgeroeste systemen, zegt documentairemaker Dikla Zeidler, die de twintigers een jaar lang volgde en protestliederen van onder andere Hang Youth, Sef en Sophie Straat gebruikt om de strijd van haar hoofdpersonages kracht bij te zetten. ‘Ik wilde hun frustraties voelbaar maken.’
Waarom wilde je deze documentaire maken?
‘Ik heb het idee dat generatie Z heel slecht wordt begrepen door eerdere generaties. Er wordt vaak gedaan alsof zij niet hard genoeg hun best doen. Dat ze snel de handdoek in de ring gooien en alleen maar klagen over hoe zwaar het allemaal is. Maar deze generatie, die nu aan het begin van haar volwassen leven staat, vraagt zich door alles wat er in de wereld speelt af of die überhaupt wel een toekomst heeft. Dat gevoel wilde ik duidelijk naar voren brengen.’
Deel je de frustraties van je hoofdpersonen?
‘Ik ben inmiddels 41 jaar, maar ik kan me heel goed in hen inleven. Ik vind het interessant om te focussen op jongvolwassenen. Mijn generatie is opgegroeid in een wereld van kapitalisme en oneindige groei. Alles zou zichzelf wel regelen. Maar nu merken we de keerzijde van dat systeem. Omdat deze jongvolwassenen nog met één been in hun jeugd staan, en hun andere in onze volwassen wereld, kunnen ze haarfijn aanvoelen waar het onrecht zit. En waarom het niet klopt dat we daar met z’n allen eigenlijk niets aan doen.’
Is deze docu jouw eigen vorm van protest?
‘Je hoopt natuurlijk wel wat teweeg te brengen. Er zullen mensen afhaken bij de klimaatactivisten die met een megafoon op de snelweg staan te demonstreren, want dat is polariserend, maar ik hoop tegelijk dat er veel meer mensen zijn die door deze verhalen geraakt worden. Het zou mooi zijn als de docu ervoor kan zorgen dat bepaalde thema’s op de voorgrond blijven, zoals de toeslagenaffaire. Vaak wordt gedacht dat alles is opgelost, maar er zijn veel mensen, zoals Rohan, die daar nog steeds enorm mee worstelen.’
De partijen die voor de frustratie zorgen, de machthebbers, om het zomaar even te noemen, komen niet veel aan bod. Is dat bewust?
‘Niet iedereen wilde meewerken, maar we hebben bijvoorbeeld wel gesprekken van Rohan met verschillende instanties gefilmd. Ik heb er bewust voor gekozen om die personen in de film wat anoniem te houden, om aan te tonen hoe inwisselbaar ze zijn. Rohan zit telkens weer tegenover iemand anders om, voor de zoveelste keer, zijn verhaal te doen.’
Nederlandstalige protestmuziek heeft een prominente rol in je documentaire. Waarom heb je daarvoor gekozen?
‘Alles begon met de nummers van Hang Youth. Zij kunnen iets dat ik niet kan: met heel weinig woorden problemen duidelijk aankaarten. Ik heb hun protestliederen en die van andere Nederlandstalige artiesten als vertelvorm gebruikt. Als we een gevoel van onrecht niet onder woorden kunnen brengen, kan muziek een vocabulaire voor ons creëren. Hang Youth, maar ook Sef, Ploegendienst en Sophie Straat zijn daar erg goed in.’
‘Ik heb beelden van hun concerten gebruikt, omdat ik het mooi vind hoe die jonge mensen samenbrengen. In je eentje kun je verzakken in een gevoel van machteloosheid, maar bij zo’n concert komt een bepaalde gezamenlijke energie en strijdvaardigheid los.’
Zie je barstjes ontstaan in de systemen waartegen je hoofdpersonen strijden?
‘Ik denk dat we dat pas over een jaar of tien, twintig kunnen zeggen, maar je merkt wel dat dingen langzaam aan het veranderen zijn. Een bedrijf als Tata Steel wordt bijvoorbeeld meer aangepakt. Uiteindelijk zijn het mensen die het verschil maken. Of de overheid of het bedrijfsleven zullen veranderen, weet ik niet, maar veel meer dan pakweg tien jaar geleden is het volk zich bewust van bepaalde problemen.’
Alles moet beter (NTR), 23/4 om 21.20 uur op NPO 3.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant